Coco Conserven #1: Eerst was er de Tostifabriek

DEN HAAG, 4 mei 2018 15:35 | Annet Roodenburg

Het is een koude druilerige wintermiddag als collega Florieke Koers, student Lucienne Koper en ik aankomen bij Coco Conserven. Het conservenbedrijf van Sascha Landshoff, Vera Bachrach en Joris Jansen – bekend van het project de Tostifabriek in Amsterdam – zit op het Hembrugterrein in Zaandam, ooit het hart van de Stelling van Amsterdam. Hier werden tussen 1895 en 2003 wapens en munitie geproduceerd en hoewel er nu vooral creatieve bedrijven gehuisvest zijn, hangt die oude sfeer er nog steeds.

Grote loodsen en fabrieken van donker steen staan verspreid over het terrein, sommigen moeten nog verbouwd en ingericht worden. Nadat de productie in 2003 werd stilgelegd, was het terrein tot 2012 in verval.

Aan de rand van het ‘schokbos’

Coco Conserven zit in de oude Trotylperserij: hier werden ooit granaten in elkaar gezet. Het pand is zo bijzonder dat het zelfs in het logo van Coco Conserven verwerkt zit. Het gebouw ligt aan de rand van het ‘schokbos’. Dit bos werd speciaal aangelegd om de Zaanstreek te beschermen tegen eventuele explosies. De natuur tiert er welig. In de Trotylperserij is het koud en donker. Tegen de muren staan pallets met blikken opgestapeld, naast een voorraad ingrediënten en verschillende machines. Door een raam werpen we en blik op een professionele keuken.

Sascha vertelt…

Sascha en Vera ontvangen ons met thee en koffie boven in een klein warm kantoor. Sascha voert het woord en Vera luistert met een half oor mee en werkt ondertussen verder, want het drietal heeft het razend druk. In deze eerste en tweede blog vertelt Sascha uitgebreid over hun eerste voedselproject de Tostifabriek, in de volgende blogs hebben we het vooral over dat Coco Conserven een logisch vervolg is op de Tostifabriek, over gezondheid, en over hun andere project, de doe-het-zelf-kip.

Sascha is opgegroeid in een culinair gezelschap

Zijn ouders hebben een Italiaans restaurant gehad en hij heeft zelf tot 3 jaar geleden altijd als kok gewerkt. De Tostifabriek ontstond vanuit de afstudeeropdracht voor zijn studie fotografie aan de kunstacademie. “Ik ben opgegroeid in de stad”, vertelt hij, “en ik had de behoefte om weer verenigd te raken met mijn voedsel. Gewoon met je handen in de grond. Ik wilde eerst mijn afstudeerproject richten op het produceren van Spaghetti Bolognese en hier een fotoserie over maken. Maar wat je daar allemaal niet voor nodig voor had (…) Toen werd het Macaroni Ham Kaas. Dat bleek ook erg moeilijk, vooral die macaroni elleboogjes. Daar moet je super veel machines voor hebben. Zo werd het uiteindelijk de tosti met ham en kaas.”

Meat licence

“Toen we daaraan begonnen waren, bleek die opdracht uiteindelijk niet te voldoen voor mijn afstuderen, ik was meer tijd met het graan verzorgen kwijt dan met fotograferen.” Sascha is uiteindelijk afgestudeerd op een project over de slacht ‘meat-licence’: een soort rijbewijs halen om vlees te eten. Als je in staat bent om vlees te eten, moet je ook in staat zijn een dier te doden. Dat was de stelling. Als je een kip heb geslacht, mocht je gevogelte eten. Maar inmiddels was het idee van de Tostifabriek zo gegroeid en waren er zoveel mensen enthousiast dat hij besloot het door te zetten. Vera en Joris waren onderdeel van het kernteam. Het was 2013.

Geen flauw benul

“De succesformule was dat we gewoon geen flauw benul hadden van wat we aan het doen waren,” vertelt Sascha: “ Daarom haalden we er superveel experts bij. We vertelden het verhaal, gezien vanuit de leek, dat waren we zelf ook. We zaten op 1 lijn met onze bezoekers, we konden ze mee nemen. Voor sommigen was het een kinderboerderij, voor anderen een kunstproject, voor weer anderen een fabriek. Voor iedereen betekende het wat anders. Dat was de kracht.” Voor Sascha was het een ‘levende installatie’, hij had tenslotte aan de kunstacademie gestudeerd.

De Tostifabriek

De Tostifabriek was een 9 maanden durend project dat veel publiciteit heeft gehaald. Het kwam erop neer dat de projectleden zélf middenin Amsterdam de ingrediënten gingen produceren voor het maken van tosti’s: daarvoor hielden ze 2 varkens voor de ham en 2 koeien (met een kalf) voor de kaas en teelden ze 100 m2 graan voor het brood.

“We zaten naast een nachtclub in het centrum van Amsterdam…

En we waren in eerste instantie een beetje bang voor overlast. Dus we hadden besloten om er in het begin 24 uur per dag aanwezig te zijn, 7 dagen per week. Dat was super veel werk en je moest ook nog 2x melken per dag. En daar moest 12 uur tussen zitten. We begonnen met 7 personen, ieder 1 dag en nacht in de week, maar dat ging niet. Uiteindelijk hebben we shifts gedraaid met 24 mensen. Mensen uit de buurt, vrienden, kennissen, van alles, allemaal vrijwilligers. Blijkbaar waren we niet de enige met een behoefte om in stront te scheppen en varkentjes te voeren, onkruid te wieden”.

Een whatsapp groep met blauwe plekken

“De koeien waren het meeste werk. Ze waren ook het grootst en het engst,” dat heeft Sascha nog steeds als stadsjongen, als hij naast een koe staat… Ze deden alles voor het eerst. Een week van te voren deden ze een melkcursus. Ze gebruikten een minimelker, een mobiel melkmachientje. Maar ook voor de koeien was het voor het eerst: ze waren nog nooit gemolken. Het was voor iedereen wennen. Op de whatsapp groep kwamen alle blauwe plekken: “De koeien trapten naar onze armen als we bij de spenen probeerden te komen.”

Sascha vervolgt: “Naast de akker, het houden van de koeien en varkens, richtten we een kaasmakerij in, ook met hulp van experts. Kaas maken is heel precies werk. De kaas laten rijpen ging ook niet van zelf. Zo maakten we ook plofkazen…