artikel

Redactioneel: (Hoe) zeg je dat een collega te dik is?

Algemeen

Het is al weer even geleden, maar deze zomer op vakantie kwam ik een Zuidfrans echtpaar tegen waarvan hij, een slanke sportieve vijftiger is, en zij, een gezette, niet zo sportieve veertiger. Aardige mensen, niettegenstaande dat de man al meermalen ronduit tegen zijn echtgenote had gezegd dat hij zo’n te dikke vrouw eigenlijk niet wilde, zo vertrouwde zij me toe. Hij voelde zich er niet prettig bij als hij met haar over straat liep, bijvoorbeeld. En dat leidde er zelfs toe dat hij tijdens etentjes met vrienden er niet voor schroomde op het eetgedrag van zijn ega te wijzen. ‘Zullen we eens tellen hoeveel sardientjes we op hebben?’, stelde hij dan voor. Terwijl de meeste gasten een gemiddeld aantal verorberden, kreeg de echtgenote tijdens het tellen en plein public nog zijn toevoeging: ‘Ja, jij eet altijd te veel, hou maar op met tellen’. Pijnlijk en tenenkrommend.

Het is al weer even geleden, maar deze zomer op vakantie kwam ik een Zuidfrans echtpaar tegen waarvan hij, een slanke sportieve vijftiger is, en zij, een gezette, niet zo sportieve veertiger. Aardige mensen, niettegenstaande dat de man al meermalen ronduit tegen zijn echtgenote had gezegd dat hij zo’n te dikke vrouw eigenlijk niet wilde, zo vertrouwde zij me toe. Hij voelde zich er niet prettig bij als hij met haar over straat liep, bijvoorbeeld. En dat leidde er zelfs toe dat hij tijdens etentjes met vrienden er niet voor schroomde op het eetgedrag van zijn ega te wijzen. ‘Zullen we eens tellen hoeveel sardientjes we op hebben?’, stelde hij dan voor. Terwijl de meeste gasten een gemiddeld aantal verorberden, kreeg de echtgenote tijdens het tellen en plein public nog zijn toevoeging: ‘Ja, jij eet altijd te veel, hou maar op met tellen’. Pijnlijk en tenenkrommend.
Over het verloop van dit huwelijk wil ik me verder niet uitlaten – de vrouw zocht hulp bij een diëtiste en een psycholoog – maar het illustreert hoe groot de impact kan zijn als iemand zich bemoeit met het gewicht van een ander. Hoe ver kun je gaan, en hoe spreek je iemand aan, ook als voedingsvoorlichter bijvoorbeeld? De vraag is ook actueel voor bedrijven die werknemers met overgewicht in dienst hebben. Als het aan Paul Rosenmöller ligt, de voorzitter van het Convenant Overgewicht, dan gaan nog meer ondernemingen zich richten op het voorkomen van overgewicht op de werkvloer. Volgens onderzoek van TNO doet nu 13 procent van de Nederlandse bedrijven er wat mee in hun beleid. Dat percentage moet volgens hem omhoog. Maar hoe? Het is ‘gevoelige materie’ waardoor al snel sprake kan zijn van stigmatisering. Een positieve aanpak met als thema gezondheid kan helpen.
De grootste Nederlandse bedrijven nodigen hun werknemers nu al uit wat aan hun gezondheid te doen, onder de vlag van leefstijlscans, vitality checks en well being programma’s. Niet voor niets, want zo blijkt uit onderzoek van de internationale vakbondsorganisatie (ILO), Food at work: Workplace solutions for malnutrition, obesity and chronic diseases: slanke werknemers zijn minder vaak ziek, dan hun dikke collega’s. Een goede gezondheid van de werknemers draagt bij aan een hogere productiviteit. Ook het Voedingscentrum begint dit najaar met een campagne om de gezondheid vanaf de werkplek te stimuleren door de Balansdag op de werkvloer. Enfin, c’est le ton qui fait la musique.

Reageer op dit artikel