artikel

De passie van Marloes Collins *

Algemeen

De passie van Marloes Collins *

Naam: Marloes Collins Geboren: 26 december 1970 Woonplaats: Hendrik Ido Ambacht Functie: directeur Allergieplatform

Hoe ben je in de voedingswereld terecht gekomen?
‘Mijn jongste dochter van zes heeft een koemelkallergie. Ze was al allergisch als baby. Op zoek naar voedingsmiddelen die zij kan eten, zag ik dat in Engeland veel meer producten zonder koemelkallergenen verkrijgbaar zijn. Die ben ik gaan importeren naar Nederland en online gaan verkopen. Zo ben ik begonnen en dat ging gelijk goed. Ik had veel contact met andere ouders en allergologen. Zij gaven aan dat lotgenoten en expertise moeilijk te bereiken zijn, daarom bedacht ik een ‘podium’ waarop artsen mensen konden bereiken: het Allergieplatform. Daar kunnen alle bij allergie betrokken partijen met elkaar in contact komen. Het biedt op de website betrouwbare informatie en een forum. Elk jaar wordt er bovendien een beurs georganiseerd die de afgelopen vijf jaar in het voorjaar gehouden is. Op het Allergieplatform geven we mensen betrouwbare informatie over allergie en behandelingen. Hiermee willen we voorkomen dat ze veel geld uitgeven aan complementaire therapie, daar hebben sommige mensen baat bij, maar velen ook niet. Wat ik merkte was dat ouders het moeilijk vinden om kinderen uit te leggen waarom ze bepaalde voedingsmiddelen wel en waarom ze andere producten niet mogen eten. Daarom schreef ik het kinderboek Alles over mijn allergie (red. zie recensie Voeding Nu 2008, nummer 10) om alles een plekje te geven. Het boek is vooral gericht op wat wél mag bij kinderen, dat maakt het naast gemakkelijk voor ouders, leuker voor hen.’

Wat heeft je in het werk geraakt?
‘De blijdschap bij mensen als je iets voor hen hebt kunnen betekenen. Sommige mensen die al jaren geen chocola konden eten hebben nu een beter aanbod in Nederland. Voor een supermarkt is deze groep moeilijk te bedienen. Dat gaat online veel makkelijker. Wat ook heel leuk is, als een project lukt. Zoals het boek en nu allergiekookworkshops. We leiden hiervoor een kookstudio eerst op zodat men weet waar alle allergenen in zitten. Daar werkt ook een diëtist aan mee. De klanten die de kookworkshop volgen kunnen aangeven welke allergenen niet in de gerechten mogen. Aan de hand daarvan worden de gerechten bereid. Zo heb je bijvoorbeeld een kookeilandje zonder kippenei, een zonder gluten en een zonder koemelkeiwit. Ze leren hoe ze weer dingen als een lekkere pasta kunnen bereiden. Die vraag kreeg ik ook van de diëtist: ze weten niet meer hoe ze een pannenkoek moeten maken. Wij helpen mensen de receptuur aanpassen.’

Wat zou je nog onderzocht willen zien?
‘Hoe je de eigenschappen van een ei kan nabootsen zonder dat de allergenen erin zitten. Er komen steeds meer methoden waarmee dat kan. Ook is er nog veel te weinig kennis over hoeveel mensen een allergie hebben. De laatste cijfers zijn van jaren geleden dus verre van recent. Als je nu met de zorgverzekeraar gaat praten dan weet je niet over hoeveel mensen het gaat. Er moet dus meer monitoring komen naar overgevoeligheid. Mensen leven beperkt en krijgen minder voedingsstoffen binnen dan nodig. Met vijf à zeven glutenvrije sneetjes brood red je het niet. Hoe vul je het jodium aan? Mensen zouden lekkerder in hun vel kunnen zitten. Leven met een overgevoeligheid of allergie is niet zo moeilijk, je moet alleen even weten hoe je ermee om kunt gaan.’

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 7/8 van juli/augustus 2009 op bladzijde 15

Reageer op dit artikel