artikel

De passie van Judith Neter *

Algemeen

De passie van Judith Neter *

‘Ik wist in eerste instantie niet wat ik wilde. Toch was ik altijd al met voeding bezig. De verpakkingen intrigeerden mij en ik wilde altijd weten welke ingrediënten in voedingsmiddelen zaten. Ook houd ik van het gezelligheidsaspect van eten en koken.

Hoe ben je in de voedingswereld terechtgekomen?
‘Ik wist in eerste instantie niet wat ik wilde. Toch was ik altijd al met voeding bezig. De verpakkingen intrigeerden mij en ik wilde altijd weten welke ingrediënten in voedingsmiddelen zaten. Ook houd ik van het gezelligheidsaspect van eten en koken. Ik ging een keer naar een open avond toen ik nog op de middelbare school zat, daar stond een vrouw zo enthousiast over voeding te vertellen. Ik weet zelfs nog precies wie het was: Justine de Graaf van de Hogeschool van Amsterdam Voeding & Diëtiek.

Toen wist ik het: dit is het. En dan te bedenken dat ik ook nog naar de voorlichting ben geweest van de politieschool. Wat is er nou leuker om van je hobby, eten, je beroep te maken. Ik koos voor de commerciële afstudeerrichting. De waaromvraag van voeding boeide me enorm: waarom mag je bijvoorbeeld het ene jaar zeven eieren per week eten en het andere jaar nog maar drie. Hoe kan dat? De fabels over voeding ontrafelen, daar ging het om. Omdat ik het gevoel had dat ik nog niet was uitgeleerd, ging ik in Wageningen doorstuderen. Voordat ik met deze studie, Voeding & Gezondheid, begon, sprak het doen van onderzoek me niet aan maar nadat ik mijn eerste vak kreeg in de epidemiologie, dacht ik: Dat is leuk.’

Wat vind je bijzonder aan je werk?
‘Het werk is heel veelzijdig. Ik ben coördinator voor de hbo-doorstromers, ontwikkel en geef onderwijs en doe onderzoek. Ik heb de voedingsrichtlijnen bij diabetes voor diabeteszorgverleners geschreven. Er zijn momenten geweest dat ik hiermee wilde stoppen. Maar ergens aan beginnen is doorgaan.

Als je met honderden artikelen zit die je moet doorspitten, dan is dat minder leuk dan wanneer je een groot deel van de richtlijn hebt geschreven. Hoe verder je komt, hoe leuker het wordt. Ik word blij als studenten de lesstof van het vak epidemiologie begrijpen of bijvoorbeeld als ze een stage succesvol hebben afgerond. Het vak epidemiologie is soms echt een struikelblok voor studenten. Als ze het dan uiteindelijk snappen, weet je waarvoor je het doet.’

Wat zou je nog onderzocht willen zien?
‘Mijn interesse gaat uit naar onderzoek doen bij kleinere/bijzondere onderzoeksgroepen zoals kinderen met een lichamelijke beperking en klanten van de Voedselbank, met een lage sociaal-economische status. Omdat het maar kleine groepen in de samenleving zijn wordt er vaak minder onderzoek naar gedaan. Ik schreef een subsidieaanvraag over de preventie van overgewicht bij kinderen met een lichamelijke beperking. Bij hen komt het relatief vaker voor, dan bij leeftijdsgenoten zonder beperking en ze ondervinden ernstigere lichamelijke klachten doordat ze te zwaar zijn. Daardoor volgt nog meer stigmatisering. Ik kreeg helaas geen geld voor mijn aanvraag. Ik zou dit project erg graag willen uitvoeren. Maar het probleem is de zak geld.’

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 11 van november 2009 op bladzijde 21

Reageer op dit artikel