artikel

Het laatste woord: Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst *

Algemeen

Het laatste woord: Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst *

Het fikse percentage jongeren met overgewicht staat hoog op de agenda van het publieke debat. Ongeveer 13 procent van de jongeren (4 tot 20 jaar) kampt met overgewicht en bijna 3 procent heeft obesitas (CBS, 2013).

Zorgwekkende cijfers. Een van de meest effectieve methodes om overgewicht bij jongeren te doen dalen, is de publiekprivate JOGG-aanpak (Jongeren op Gezond Gewicht), waarbij overheden en bedrijven lokaal samenwerken in de strijd tegen overgewicht. De nationale overheid en de Tweede Kamer onderschrijven het effect en belang van JOGG. Maar de aanpak is pas echt effectief als nog meer gemeenten én bedrijven meedoen.

Het is hoopgevend dat in Frankrijk een methodiek is ontwikkeld die het niveau  van kinderen met overgewicht omlaag brengt. Veel elementen van dit Franse EPODE-programma zijn één-op-één overgenomen in het Nederlandse JOGG. Essentieel is het lange termijn (minimaal vier jaar) commitment van een lokale autoriteit, samenwerking tussen lokale overheden en bedrijfsleven en – een cruciaal onderdeel – monitoring van de resultaten. De eerste Nederlandse resultaten zijn veelbelovend. Zo is in JOGG-gemeente Zwolle het overgewicht onder basisschoolkinderen gedaald van 12,1 % in 2009 naar 10,6% in 2012. De FNLI hecht groot belang aan de publiekprivate aanpak en is dan ook actief betrokken bij JOGG. Zo stimuleert de FNLI bedrijven uit haar achterban om op lokaal niveau de JOGG-aanpak te ondersteunen en zet zich in bedrijven te koppelen aan gemeenten.

Met diverse initiatieven bundelen lokale overheden en de levensmiddelenindustrie hun krachten om jongeren op gezond gewicht te krijgen en te houden. Deze bedrijven helpen de gemeenten mee met menskracht, communicatie, concrete acties in de wijk en financiële middelen. Een voorbeeld is het project Smakelijke Moestuin Peuterproef waarmee op peuterspeelzalen en kinderdagverblijven in Utrecht, Dordrecht, Leiden en Rotterdam de waarde van groenten en het belang van een gezond voedingspatroon voor de jongste kinderen en ouders duidelijk wordt gemaakt. In de gemeente Breda zetten levensmiddelenfabrikanten hun kennis en expertise in om de gemeente te helpen met diverse JOGG-projecten, waaronder het aanleggen van nieuwe schoolpleinen en speelplekken. In Amsterdam werkt het bedrijfsleven samen met de GGD, Hartstichting, NISB en het Voedingscentrum aan interactieve voorlichting in de vorm van toneel over opvoeding, voeding en bewegen.

Voor veel bedrijven is deelname aan JOGG een belangrijk onderdeel van hun MVO-beleid. Zeker op productielocaties zijn voedingsmiddelenbedrijven vaak belangrijke werkgevers in een gemeente en wil men vanuit die optiek ook actief deel uitmaken van een lokale samenleving. Bovendien is het deelnemen aan een dergelijk initiatief ook een belangrijke reden voor bedrijven om intern vitaliteitsbeleid door te voeren. Als je de jeugd wilt stimuleren een gezonde leefstijl te adapteren, is het vanzelfsprekend om ook de eigen werknemers een zetje in de goede richting te geven.

Op dit moment staat de teller op 27 JOGG-gemeenten. Staatssecretaris Van Rijn van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) stelde begin dit jaar zelfs dat alle 408 gemeenten met JOGG aan de slag moeten gaan. De levensmiddelenindustrie deelt deze ambitie en is enthousiast. Er zijn steeds meer ondernemers die in hun gemeente kennis, menskracht, ervaring, producten en financiële middelen beschikbaar willen stellen. Het is dan wel noodzakelijk dat JOGG hoog op de overheidsagenda blijft staan en prioriteit krijgt in de politieke aanpak voor gezond gewicht. Dus laten we samen aan de slag gaan: het bedrijfsleven met mensen en middelen, de gemeenten als spilfunctie om samenhang te waarborgen. Het terugdringen van overgewicht onder jongeren moet centraal staan. Alleen met meer bereidheid, samenwerking en betrokkenheid kan JOGG een succes worden in álle Nederlandse gemeenten.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 9 van september 2013 op bladzijde 28

Reageer op dit artikel