artikel

De passie van… Andries Olie *

Algemeen

De passie van… Andries Olie *

‘Ik zou graag meer onderzoek willen zien naar gentherapie’

Hoe bent u in de voedingswereld terecht gekomen?
Na het behalen van mijn vwo-diploma wist ik niet zo goed wat ik wilde gaan doen. Nadat ik zag hoe twee agenten een agressieve dief arresteerden, kwam ik op het idee om bij de politie te gaan. Er was toen de mogelijkheid vier keer per jaar in te stromen, dus ik dacht ik probeer het gewoon. Dit bleek erg leuk en ik ben uiteindelijk 3,5 jaar bij de politie gebleven. Toch wilde ik graag doorstuderen; ik ben toen Voeding en Gezondheid gaan studeren aan Wageningen University. Ik heb mijn studie hier afgerond met een Master in Nutritional Physiology and Health Status. Tijdens mijn studie heb ik nog een semester in Amerika gevolgd over genetica, en in mijn laatste jaar heb ik drie maanden in India stage gelopen. Hier deed ik onderzoek naar de effecten van ijzerrijke mungboon en vitamine C-rijke guave op de groei, ziekte en het gewicht van Indiase schoolkinderen.

Na het afronden van mijn studie in 2011 kon ik aan de slag bij de VU voor de ‘Voedselbankstudie’, een onderzoek met als doel om cliënten van de voedselbank, met lage sociaaleconomische status, te stimuleren gezondere voedselkeuzes te maken en daarmee het voedingspatroon te optimaliseren. Ondertussen had ik nog een applicatie lopen voor een traineeship bij de Europese Commissie. Deze werd goedgekeurd waarna ik een half jaar naar Ierland ben vertrokken om bij de Food and Vetinary Office (FVO) als stagiair te werken. Dit was een mooie periode. Helaas moet je daarna plaatsmaken voor nieuwe trainees en was er dat jaar geen concours in Brussel. Na terugkomst kon ik gelukkig weer aan de slag met het voedselbankproject terwijl ik verder zocht naar een baan. Toen kwam de vacature voor manager voeding en gezondheid bij Kenniscentrum suiker & voeding voorbij en daar ben ik nu sinds september 2013 werkzaam.

Wat houdt uw huidige werk in?
Het lezen en beoordelen van nieuwe studies over suiker en gezondheidsgerelateerde onderwerpen. Ook spelen wij als kenniscentrum een rol in het communiceren van nieuwe informatie over suiker aan gezondheidsprofessionals via position papers, fact sheets, gastcolleges en multimedia. Hierbij vind ik het van groot belang dat de informatie die wordt overgebracht correct en op wetenschappelijk niveau is. Verder is er binnen het kenniscentrum budget beschikbaar om onderzoeken te financieren. Kenniscentrum suiker & voeding heeft met behulp van dit budget onderzoekers van Wageningen University gevraagd een voedingsmiddelentabel gericht op suikers te ontwikkelen. Met die nieuwe tabel is onder andere duidelijk geworden hoeveel sacharose (suiker) en fructose Nederlanders eten. Uitkomsten van dit onderzoek zijn eind 2013 naar buiten gebracht en op dit moment wordt geanalyseerd wat het aandeel toegevoegde suikers is.

Wat zou u nog onderzocht willen zien?
Naast de onderwerpen die binnen het centrum onderzocht kunnen worden, zou ik graag meer onderzoek willen zien naar gentherapie. Hoe kunnen mensen door middel van gentherapie geholpen worden bij erfelijke ziekten. Verder vind ik onderzoeken naar gezonde veroudering interessant. Wat ik voor de toekomst belangrijk vind is meer en betere samenwerking tussen landen als het op onderzoek aankomt. Via een multidisciplinaire samenwerking kunnen onderzoeken veel uitgebreider en grootschaliger aangepakt worden. Een goed voorbeeld hiervan is het EU-project ‘MooDFOOD’. Hier bundelen verschillende partijen op de VUmc/VU campus met 13 andere Europese partners hun expertise op het gebied van voeding, consumentengedrag, psychiatrie en preventieve psychologie om te onderzoeken wat de rol is van voeding bij depressie.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 5/6 van mei/juni 2014 op bladzijde 21

Reageer op dit artikel