artikel

Recensie: Voeding en welvaartziekten

Algemeen

Recensie: Voeding en welvaartziekten

In dit goed leesbare en systematisch ingedeelde boek toetst Marijke Samsom de officiële voedingsadviezen aan beschikbare wetenschappelijke bronnen. Zij heeft daarvoor een opmerkelijke hoeveelheid werk verricht en het resultaat van haar kritische analyse is bepaald niet strelend voor degenen die verantwoordelijk zijn voor de huidige voedingsadviezen.

Op zich is het nuttig kennis te nemen van de kritische visie van een levensmiddelentechnoloog die als weldenkende ‘buitenstaander’ op basis van dezelfde wetenschappelijke gegevens tot andere afwegingen komt dan de doorsnee voedingswetenschapper, zoals al blijkt uit de subtitel van haar boek. Feitelijk vertegenwoordigt Samsom hiermee een groeiende groep ‘verontrusten’ die een afnemend vertrouwen heeft in de validiteit van de output van voedingswetenschap. Maar dat betekent geenszins dat de auteur het steeds bij ‘het rechte eind ’ heeft. Haar kritiek is volgens deze referent echter wel vaak terecht.

Kritisch

Er is een groeiende groep kritische wetenschappers die op grond van het ontbreken van bewijs uit solide interventiestudies niet langer gelooft in de reeds meer dan vijftig jaar bestaande ‘diet-heart-hypothese’. Zij zetten de aanbevelingen om de inname van verzadigd vet te beperken overboord. Ook de aanhoudende discussie over de gewenste inname van zout gaat de auteur niet uit de weg en ze kiest daarin positie die afwijkt van de huidige richtlijn. Samsom houdt een pleidooi voor een koolhydraatarme voeding. Koolhydraten zouden volgens haar hoofdverantwoordelijk zijn voor chronische ziekten, zoals obesitas, diabetes type 2 en hart- vaatziekten. De Let op vet-campagne van een aantal jaren geleden vindt ze een ernstige dwaling. Haar ingenomenheid met de extreme vorm van Paleolitische voeding (minder dan 50 g koolhydraten per dag) kan de referent echter niet delen. De mens is immers alleseter van nature, een omnivoor dus, en zeker geen carnivoor, zoals valt af te leiden uit de vorm van het gebit en de anatomie en fysiologievan het maag-darmkanaal. De gezonde mens kent een enorme metabole flexibiliteit en deze is zo groot dat hij zelfs een carnivore voeding kan verdragen. Daarmee zijn inderdaad (op korte termijn) voordelen te behalen als je snel wilt afvallen zonder veel eetlust en als je insuline resistent bent. Nadelen zijn echter de ketose, die een zuurbelasting vormt voor de nieren, en de kans op voedingstekorten (waaronder voedingsvezel), zodat de veiligheid van ketogene voeding op lange termijn onzeker is.

Dubieus

Een omissie in het boek is dat, in relatie met de koolhydraatstofwisseling, geen aandacht wordt besteed aan het belang van voldoende beweging. Beweging zorgt immers voor een grotere tolerantie voor koolhydraten. Hierdoor maken lichamelijk actieve mensen die in energiebalans zijn geen lichaamsvetuit koolhydraten, terwijl dat bij overmatige inname van (vooral snelle) koolhydraten door inactieven en bij insulineresistentie wel het geval is. Een dubieus standpunt van de auteur is ook dat zij de consumptie van suiker verantwoordelijk acht voor de toename van vetzucht in Nederland sinds de jaren 80. Uit allerlei studies, waaronder de VCP’s, blijkt immers dat in die tijd het gemiddelde suikergebruik niet is toegenomen, terwijl de energie-inname licht daalde (wel trad een verschuiving op van huishoudelijk naar industrieel suikergebruik). Daarom is het waarschijnlijker dat afname van lichaamsbeweging de hoofdschuldige van de gewichtsproblematiek is. Hier moet wel een uitzondering worden gemaakt voor het dikwijls overmatige gebruik van suikerhoudende frisdrank door (te weinig actieve) kinderen. In de discussie over voedingsbestanddelen met E-nummers neemt de auteur ook een helder standpuntpunt in: weg ermee. Zeker toxicologen zullen het daar niet mee eens zijn. Die stoffen zijn immers goed op veiligheid getoetst, terwijl andere van nature in ons voedsel aanwezige bestanddelen, zoals de solanines (in aardappelen en tomaten) en de glucosinolaten (in koolsoorten) waarschijnlijk niet zouden ontsnappen aan een klassieke toxicologische veiligheidsevaluatie. In de huidige tijd met veel fabrieksmatig bereide, lang houdbare voedingsmiddelen is het elimineren van alle verbindingen met E-nummers ook eigenlijk niet goed mogelijk.

Dialoog

Ondanks dat het boek hier en daar pertinente foutjes bevat en de uitspraken nogal radicaal zijn en soms nuancering missen, draagt het stevig en zinvol bij aan een dialoog over de vraag of de algemene voedingswetenschap en voedingsvoorlichting wel op de goede weg zijn. De laatste hanteren immers standpunten die niet meer algemeen worden geaccepteerd, omdat ze een wankele wetenschappelijke basis hebben. De auteur toont zich met dit boek een opvallende vertegenwoordiger van de groeiende groep critici van de huidige voedingswetenschap.

Prof.dr.ir. Gertjan Schaafsma – emeritus hoogleraar Voeding en Levensmiddelen
Marijke Samsom. Voeding en Welvaartsziekten, de fabel van het foute vet en andere sprookjes over ‘gezond eten’. 2016. Foodwise.
ISBN: 9789082514308, 340 p,
prijs: ongeveer € 30 (verschilt per leverancier).

Reageer op dit artikel