artikel

Column: Ode aan koolhydraten

Algemeen

‘Carbohydrate: the good, the bad or the ugly?’ Over koolhydraten die in ons voedsel voorkomen wordt veel gezegd en veel gezwegen. Zo ook op het congres Dialoog over Koolhydraten. Het is in elk geval wel duidelijk dat koolhydraten een belangrijke bron van energie zijn. Dit artikel komt uit de printuitgave van Voeding Nu 6.

Laten we eens kijken naar wat cijfertjes. Gemiddeld eten we in Nederland ongeveer 250 gram koolhydraten per dag (1). Daarvan is ongeveer 140 gram complexe koolhydraten die na vertering als glucose beschikbaar komt voor het lichaam. Het andere deel bestaat uit 110 gram mono- en dissachariden. Na vertering is dat vooral glucose en fructose en een beetje galactose. In totaal consumeren we dus 200 gram glucose. En die glucose hebben we hard nodig om bijvoorbeeld onze hersenen aan de praat te houden. Die doen hun werk vooral op deze gemakkelijke brandstof. Ook onze spieren hebben graag deze brandstof als we er eens flink tegenaan gaan. Als we iets meer eten dan we op een dag gebruiken, kunnen we dat voor een belangrijk deel nog opslaan. Is ons lijf zo slim dat het kan herkennen of glucose uit bijvoorbeeld een zetmeel komt of uit sucrose? Het antwoord is: glucose = glucose, dus niet! De snelheid waarmee de glucose beschikbaar komt voor het lichaam lijkt wel een rol te spelen in diverse lichaamsprocessen. De samenstelling van een voedingsmiddel met koolhydraten, ofwel de matrix van een voedingsmiddel, bepaalt hoe snel koolhydraten verteerd en opgenomen kunnen worden in het bloed. In het algemeen worden koolhydraten uit dranken snel verteerd en opgenomen, overigens afhankelijk van de type koolhydraten in de drank. Bij vaste voedingsmiddelen bepalen de matrix en het type koolhydraat in belangrijke mate de vertering en opname in het bloed.

Is het dan slecht als koolhydraten snel worden opgenomen? Bij gezonde mensen is dit niet zo (1). Het percentage van de totale hoeveelheid energie dat door koolhydraten wordt geleverd, verhoogt bijvoorbeeld het risico op het ontstaan van DM2 niet (2). Voor mensen met diabetes is het van belang de inname van koolhydraten wel te doseren. Wanneer de bloedglucosespiegel langere tijd te hoog is, veroorzaakt dat namelijk beschadigingen aan het bloedvatstelsel. En hoe zit het dan bij mensen die te zwaar zijn? Zijn te veel koolhydraten veroorzaker van vetsynthese of vooral minder gewenst bij overgewicht? De Gezondheidsraad heeft geconcludeerd dat een vermindering van de huidige vetinname naar 15-30% van de energie-inname, samen met het verhogen van de inname van koolhydraten, kan leiden tot een vermindering van het lichaamsgewicht (3). Wel kan een hoge consumptie van met suiker gezoete dranken waarschijnlijk het risico op obesitas verhogen (1). De opslag van koolhydraten in het lichaam is beperkt en aangezien koolhydraten belangrijk zijn voor het zenuwstelsel, wordt deze opslag doorgaans strikt gereguleerd. De vetopslag is minder precies gereguleerd en vetweefsel kan veel energie opslaan. De opslag van vet is voornamelijk gelinkt aan het vetmetabolisme. De novo lipogenese gebeurt vooral bij inactieve mensen die een hoge koolhydraatinname hebben. Kortom: koolhydraten zijn gewoon belangrijk voor het lichaam en er is geen reden ze links te laten liggen! Een goede en gevarieerde voeding is heel belangrijk, de samenstelling van de macrovoedingsstoffen is daarbij van minder groot belang. Maar ondertussen kan de wetenschap nog een problematische bron zijn voor de consument.

Referenties

  1. VCP 2007-2010. RIVM 2011. Report number 350050006/2011
  2. Hauner H, et al. Ann Nutr Metab. 2012;60(suppl 1):1-58
  3. Achtergronddocumenten bij de Richtlijnen Goede Voeding 2015. Gezondheidsraad, Den Haag

 

Reageer op dit artikel