artikel

Green Happiness-diëtist brengt bloggers in beweging

Algemeen

Green Happiness-diëtist brengt bloggers in beweging

Bij voorbaat was een pittige discussie al gegarandeerd met de aanstelling van Tessa Moorman van The Green Happiness als dagvoorzitter van het bloggersevent Beyond the food hypes. En die discussie kwam er ook. ‘Hoe groter je wordt, hoe meer mensen een mening hebben.’

De bezoekers van het bloggersevent zaten letterlijk op het puntje van hun stoel. Wachtend op een signaal van Voeding Nu-hoofdredacteur Hans Kraak aan de dagvoorzitter om het evenement af te trappen. ‘We zijn zelf anders gaan eten en merkten het verschil’, vertelt Moorman als ze uitlegt hoe ze, samen met haar zakenpartner Merel Von Carlsburg, op het idee kwam het bedrijf op te richten. ‘We zijn gestart met het online delen van recepten. Dat spreekt mensen het meest aan. De manier om daar succesvol in te worden, is door iets delen waar je zelf ook enthousiast van wordt. Delen en bloggen kost veel tijd. Je moet het echt leuk vinden.’

Green Happiness

The Green Happiness oogst regelmatig kritiek. Zo zouden de menu’s in het boek Wintereditie: Your 50 Days of Green Happiness voor onvoldoende voedingsstoffen zorgen. Het Voedingscentrum meldt op zijn website dat de dagmenu’s in het boek te weinig calorieën bevatten en van bepaalde voedingsstoffen, zoals eiwit, veel minder dan een gemiddeld persoon nodig heeft. Ook mist het programma van The Green Happiness ‘een gedegen wetenschappelijke onderbouwing’ en staan er veel onjuistheden over voeding in de achtergrondinformatie. Moorman bevestigt dat zij en collega Von Carlsburg met het Voedingscentrum om de tafel hebben gezeten. ‘Ze konden niet zeggen waar de tekorten zitten, behalve dan als het gaat om Vitamines D en B12. Maar om deze tekorten aan te vullen, moet je supplementen nemen. Wat wij belangrijk vinden, is dat voordat je start met suppleren, weet wat de status van je lichaam is en dat je veranderingen in die status in de gaten houdt.’

Tekorten aan voedingsstoffen

Blogger Liesbeth Oerlemans hoort het antwoord van Moorman met lede ogen aan. ‘Als je jullie dieet volhoudt en helemaal uitvoert, ontstaan er tekorten. Daar zijn berekeningen op losgelaten.’ Moorman stelt dat er in het boek ook aandacht is voor welke extra voedingsstoffen je bijvoorbeeld nodig hebt als sporter. ‘Je gaat het dieet dan aanpassen. Er staat in ons boek veel informatie over wat je extra kunt doen om tekorten aan voedingsstoffen aan te vullen. Daarom is het ook een dik boek geworden.’ Kees de Graaff, hoogleraar Voeding & Gezondheid aan Wageningen University and Research (WUR) snapt heel goed dat je het op details niet altijd eens hoeft te zijn met het Voedingscentrum. ‘Maar over het algemeen ben ik het eens met de Richtlijnen Goede Voeding van de Gezondheidsraad die terugkomen in de Schijf van Vijf van het Voedingscentrum. Het Voedingscentrum verkondigt geen mening, maar baseert zich op wetenschappelijke studies. Als je serieus met The Green Happiness omgaat en aan de normen van het Voedingscentrum voldoet, denk ik dat je goed bezig bent.’

Plantaardige voeding

Soms sluiten elementen uit de Richtlijnen Goede Voeding goed aan bij de persoonlijke overtuigingen van de Green Happiness-diëtist. Zo ontvangt de aanbeveling om minder dierlijke en meer plantaardige producten te eten een warm welkom van diëtiste Lisa Steltenpool. Ze heeft een eigen praktijk in Hilversum en is pleitbezorger van meer plantaardig voedsel. ‘Dat is goed voor je gezondheid, zolang je maar voldoende granen, peulvruchten en groente eet. Bovendien is het beter voor het milieu en, omdat het de kans op hart- en vaatziekten verkleint, ook voor je gezondheid. De combinatie van graan en peulvruchten zorgt ervoor dat je je dagelijkse eiwitinname gemakkelijk kunt halen’, vertelt Steltenpool. Ze realiseert zich wel dat je niet alle benodigde voedingsstoffen uit een puur plantaardig dieet kunt halen. ‘Vitamines D en B12, maar ook omega-3 en jodium moet je aanvullen.’

Calorieën

‘De focus bij afvallen ligt te vaak op calorieën uit bijvoorbeeld suikers en vet. Maar kijk ook eens naar de hoeveelheid en de snelheid waarmee we eten’, vindt hoogleraar Kees de Graaf. Zo eten mensen met overgewicht sneller dan degenen met een normaal gewicht. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat snelle eters twee keer zoveel kans hebben om dik te worden als langzame eters. Dit komt doordat mensen met overgewicht grotere happen nemen. Verder wijst onderzoek van de WUR uit, dat snelle eters minder vaak kauwen dan langzame eters. De professor stelt ook dat de energiedichtheid van het voedingspatroon meespeelt in de calorie-inname. Consumenten merken vaak niet het verschil tussen de energiedichtheid in maaltijden en krijgen zo ongemerkt te veel calorieën binnen. Hij raadt daarom aan om bijvoorbeeld minder calorierijke dranken en minder ‘zachte’ producten te consumeren. ‘Beter is voedingsmiddelen te nuttigen waarbij je flink dient te kauwen. Zo raak je sneller verzadigd’, aldus De Graaf. ‘Besteed meer aandacht aan textuur en dichtheid van het voedingsmiddel. Want ik ben van mening dat deze twee zaken een grote rol spelen in de obesogene samenleving.’ Naast de te grote hoeveelheid calorieën die soms (ongemerkt) wordt genuttigd, eten Nederlanders ook nog steeds te veel zout, weet Caroline van Rossum van het RIVM. Zij gaat onder andere in op de manier waarop de zoutinname gemeten wordt.

Reclame code commissie en social code

Een ander aandachtspunt tijdens dit event is de hoeveelheid onjuiste, niet wetenschappelijk onderbouwde informatie over voeding die op internet circuleert. Wat is hieraan te doen? Best veel, stelt advocate Sarah Arayess. Zo kan iedereen bij de Reclame Code Commissie (RCC) een klacht indienen over misleidende reclames en uitingen. Een uitspraak van de RCC is niet bindend, maar toch houden de meeste overtreders zich aan de beslissing van de organisatie. ‘Alle bevindingen van de RCC worden gepubliceerd. Mensen en bedrijven komen niet graag negatief in het nieuws. Dat resulteert erin dat 97% daadwerkelijk aan de slag gaat met deze bevindingen.’ Sinds 2014 is er ook een code die zich richt op de reclame op social media. Daarnaast hebben de Bond van Adverteerders (BVA) en de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) de Gids Voedingsmiddelenadverteerders en Content Creators uitgebracht. Deze gids biedt adverteerders en hun bureaus een kompas om verantwoord reclame te kunnen maken. Content creators en vloggers zijn voor de voedingsindustrie interessante influencers om commercieel mee samen te werken. Ze spreken met hun video’s een jonge doelgroep aan, aldus de FNLI. Maar de nieuwe manieren van adverteren brengen ook uitdagingen met zich mee op het gebied van wetgeving en naleving. Onlangs lanceerden YouTubers zelf de Social Code: YouTube. Hierin staan richtlijnen om transparant te zijn over reclame in de video’s. De opstellers van de code roepen andere YouTubers op zich bij de code aan te sluiten.

Reageer op dit artikel