artikel

De passie van: Diëtiste en promovendus Yvette Beulen

Algemeen

De passie van: Diëtiste en promovendus Yvette Beulen

‘We moeten leren wat zwangere vrouwen drijft te eten wat ze eten’, aldus diëtiste en promovendus Yvette Beulen. Dit artikel komt uit de printuitgave van Voeding Nu 8.

Hoe bent u in de voedingswereld terechtgekomen?

Direct na het behalen van mijn vwo-diploma ben ik Voeding & Diëtetiek gaan studeren in Nijmegen. De bachelor Voeding en Gezondheid aan de WUR leek me toen te theoretisch: ik wilde vooral graag mensen behandelen en begeleiden. In de opleiding Voeding en Diëtetiek leer je een hoop over voedingsrichtlijnen en vaardigheden om deze richtlijnen te vertalen naar individuele cliënten. Wat ik echter miste, was inzage in hoe deze richtlijnen tot stand komen. Ik merkte dat ik dus toch behoefte had aan meer onderbouwing en steeds meer interesse kreeg in onderzoek. Na het behalen van mijn bachelordiploma heb ik daarom alsnog de master Nutrition and Health (specialisatie Epidemiology & Public Health) in Wageningen afgerond.

Wat houdt uw huidige werk in?

Op dit moment promoveer ik op het project Why pregnant women eat what they eat. Het mooiste aan dit project vind ik de mogelijkheid om een brug te slaan tussen wetenschap en praktijk. We brengen in kaart wat zwangere vrouwen eten, welke individuele, sociaal-culturele en omgevingsfactoren hun voedingsinname beïnvloeden en in hoeverre verloskundigen voedingsadvies willen en kunnen geven. Vervolgens ontwikkelen we samen met zwangere vrouwen, verloskundigen en diëtisten een tool(box) die verloskundigen helpt op een passende manier voedingsadvies te geven. We focussen ons daarbij op zwangere vrouwen met een lage sociaal-economische status, een groep waar veel gezondheidswinst te behalen valt, maar die maar moeilijk te enthousiasmeren is voor onderzoek en gezondheidsbevorderende activiteiten. Alleen door te begrijpen wat hun voedingsinname drijft en wat zij nodig hebben om gezonder te eten, kunnen we de voedingsinname van deze vrouwen verbeteren en ervoor zorgen dat ieder kindje een gelijke start krijgt.

Wat wilt u nog onderzocht zien?

De afgelopen jaren zijn er al allerlei tools ontwikkeld voor zwangere vrouwen, met name ontzettend veel apps. Helaas zijn deze lang niet altijd evidence-based. Tegelijkertijd blijven veel onderzoekers hangen bij de conclusie dat er meer onderzoek nodig is en wordt succes in de wetenschap naar mijn idee te vaak uitgedrukt in het aantal publicaties en citaties, in plaats van in maatschappelijk belang. Ik zou dus vooral graag pleiten voor meer praktijkgericht onderzoek en meer samenwerkingen tussen onderzoekers, zorgprofessionals en beleidsmakers. Waar ik verder enthousiast over ben, is het concept salutogenese (positieve gezondheid). Zeker voor zwangere vrouwen mag de insteek vaak wel wat positiever: veel informatie gaat vooral over risico’s en wat men allemaal niet mag eten. Wij besteden daarom binnen mijn PhD-project en in het vervolgproject ‘Empowerment van zwangere vrouwen voor een gezondere voeding’ tevens aandacht aan wat wél mag en bekijken gezondheid breder dan als de afwezigheid van ziekte. Ook binnen andere onderzoeken kan zo’n benadering gericht op factoren die gezondheid en welbevinden stimuleren in plaats van een focus op pathogenese, zeker waardevol zijn.

Reageer op dit artikel