artikel

Ongezond eetgedrag bij overgang naar jongvolwassenheid

Algemeen

Ongezond eetgedrag bij overgang naar jongvolwassenheid

Eetgedrag verslechtert in de overgang van adolescentie naar jongvolwassenheid, maar gedegen kennis over de achterliggende redenen voor deze verslechtering ontbreekt. In recent literatuuronderzoek is de huidige kennis op dit gebied samengebracht. Dit artikel komt uit de printuitgave van Voeding Nu 8.

De overgangsfase van adolescentie naar jongvolwassenheid (ongeveer tussen de 18 tot 25 jaar) is een periode waarin belangrijke transities plaatsvinden. De middelbare school wordt afgerond en (meestal) ingeruild voor een vervolgopleiding en veel jongeren verlaten het ouderlijk huis om op zichzelf te gaan wonen. Deze leeftijdsspanne kenmerkt zich dan ook door aanpassing aan veranderingen in de fysieke en sociale omgeving, een substantiële toename van onafhankelijkheid en autonomie en een snelle ontwikkeling van de identiteit.

Recent onderzoek wijst uit dat deze fase ook wat betreft de gezondheid een overgangsfase is. Er is een verhoogd risico op gewichtstoename, wat grotendeels toegeschreven kan worden aan veranderingen in eet- en beweeggedrag. Jongeren gaan in deze periode bijvoorbeeld vaak meer snacken, ze slaan het ontbijt vaker over en ze eten minder fruit en groente. De achterliggende redenen voor deze veranderingen in eetgedrag zijn echter nog niet goed onderzocht, terwijl inzicht in deze onderliggende mechanismen waarschijnlijk noodzakelijk is om doeltreffend beleid te kunnen ontwikkelen. Om hierin meer inzicht te verschaffen, is recentelijk een literatuuronderzoek uitgevoerd. In dit literatuuronderzoek is de huidige kennis over factoren die samenhangen met verslechteringen in eetgedrag tijdens de overgang van adolescentie naar jongvolwassenheid samengebracht en geëvalueerd. Op basis van de bevindingen zijn aanbevelingen gedaan voor toekomstig onderzoek.

Literatuuronderzoek

Verschillende wetenschappelijke literatuurarchieven werden op systematische wijze en in meerdere fases doorzocht, wat leidde tot de identificatie van achttien wetenschappelijke studies waarin één of meerdere factoren beschreven werden die samenhang vertoonden met veranderend eetgedrag in de betreffende leeftijdsfase. Uit deze achttien studies werden alle onderzochte achterliggende factoren gedestilleerd en gecategoriseerd. Van elke factor werd het sociaalecologisch niveau bepaald op basis van het DONE-framework (Determinants of Nutrition and Eating; www.uni-konstanz.de/DONE).

Vier niveaus werden onderscheiden (oplopend van nabij tot distaal, vanuit het individu bezien): (a) individueel niveau (voorbeelden van factoren op dit niveau zijn leeftijd, de wens om af te vallen en fysieke gezondheid); (b) interpersoonlijk niveau (voorbeelden van factoren op dit niveau zijn groepsdruk en sociale steun); (c) breder omgevingsniveau (voorbeelden van factoren op dit niveau zijn voedselprijzen, aanwezigheid van supermarkten in de omgeving en voedseladvertenties); en (d) beleidsniveau (voorbeelden van factoren op dit niveau zijn overheidsbeleid omtrent voedsel en marktregulaties).

Ook werd op basis van het DONE-framework aan elke geïdentificeerde factor een score toegekend voor ‘veranderbaarheid’. Deze score geeft weer in hoeverre experts op het gebied van eetgedrag van mening zijn dat de betreffende onderliggende factor veranderd kan worden – een zeer belangrijk criterium om te bepalen op welke specifieke factoren nieuw te ontwikkelen beleid zich zou moeten toespitsen. Ook werd van elk van de achttien studies vastgesteld hoe de studie was uitgevoerd, om te bepalen in hoeverre de studies daadwerkelijk het dynamische proces van veranderingen in onderliggende factoren en daaropvolgende veranderingen in eetgedrag konden vastleggen.

Bevindingen

In de 18 studies tezamen werden in totaal 105 factoren benoemd die een rol spelen in veranderend eetgedrag tijdens de transitie van adolescentie naar volwassenheid. Veruit de meeste van deze factoren (64%) speelden op het individuele niveau en de meeste van deze individuele factoren waren psychologische factoren als verveling, zelfregulatie, intenties om gezond te eten en gewoontegedrag. Andere individuele factoren die naar voren kwamen waren bijvoorbeeld tijdgebrek, smaakvoorkeur en inkomen. De meeste individuele factoren hadden een lage veranderbaarheid.

Uit de studies kwamen veel minder factoren op de meer distale sociaalecologische niveaus naar voren. Op het interpersoonlijke niveau (17%) was bijvoorbeeld sprake van familiegewoontes rondom eten, sociale invloed en culturele normen en waarden. De veranderbaarheid van deze factoren was ook relatief laag. Op het bredere omgevingsniveau (17%) werden voornamelijk voedselproducteigenschappen zoals smaak en gemak genoemd, alsmede factoren gerelateerd aan de beschikbaarheid van gezond en ongezond voedsel in de omgeving. De veranderbaarheid van deze factoren was substantieel hoger. Op het beleidsniveau werden slechts twee factoren (2%) geïdentificeerd in de studies (overheidsbeleid op het gebied van voedsel en marktregulaties). De veranderbaarheid van deze factoren was eveneens vrij hoog.

Concluderend kunnen we stellen dat onderzoek naar onderliggende mechanismen van veranderingen in eetgedrag in de transitie van adolescentie naar jongvolwassenheid zich tot nu toe vooral heeft toegespitst op individuele factoren, hoewel deze over het algemeen niet gemakkelijk te veranderen zijn. Factoren op meer distale sociaalecologische niveaus werden tot nu toe minder onderzocht, terwijl deze over het algemeen wel gemakkelijker te veranderen lijken te zijn. Bovendien werd uit het onderzoek duidelijk dat een meerderheid van de achttien studies een kwalitatief of correlationeel onderzoeksdesign had (55%).

Dit is van belang, omdat dergelijke studies weliswaar een samenhang tussen mogelijke onderliggende factoren en veranderingen in eetgedrag kunnen laten zien, maar nooit definitief kunnen uitwijzen dat deze factoren daadwerkelijk verantwoordelijk zijn voor verslechterend eetgedrag in de overgangsfase van adolescentie naar jongvolwassenheid. De andere studies (44%) hadden weliswaar een prospectief onderzoeksdesign, wat inhoudt dat er veranderingen over tijd waargenomen konden worden, maar slechts één van deze studies bevatte herhaalde metingen van zowel de veronderstelde onderliggende factor en het eetgedrag. Dit terwijl alleen een dergelijk herhaald meten van beide aspecten definitief uitsluitsel kan geven over de rol die (verandering in) een bepaalde onderliggende factor speelt in de (verandering in) eetgedrag tijdens de betreffende leeftijdsfase.

Aanbevelingen voor toekomstig onderzoek

Op basis van de resultaten van het literatuuronderzoek kan worden vastgesteld dat de meeste studies die tot nu toe zijn uitgevoerd niet optimaal geschikt waren om vast te stellen welke factoren systematisch samenhangen met veranderingen in eetgedrag tijdens de transitie van adolescentie naar jongvolwassenheid. In toekomstig onderzoek zouden daarom dynamische onderzoeksdesigns moeten worden ingezet, waarbij zowel de veronderstelde onderliggende factor( en) als het eetgedrag meerdere malen (voor, tijdens en aan het eind van de transitiefase) gemeten worden. Daarnaast heeft het literatuuronderzoek laten zien dat eerder onderzoek naar de onderliggende mechanismen van verslechterend eetgedrag weinig aandacht heeft gehad voor de veranderbaarheid van mogelijke onderliggende factoren.

De meeste studies die tot nu toe zijn uitgevoerd waren toegespitst op factoren die, volgens experts, laag scoren wat betreft veranderbaarheid. Dit suggereert dat de factoren waarnaar nu het meeste onderzoek gedaan wordt, niet de meest strategische aanknopingspunten bieden voor het ontwikkelen van beleid en interventie. Toekomstig onderzoek zou onderzoek daarom moeten inzetten op het identificeren van onderliggende factoren die veranderbaar zijn. Een mogelijke manier om dit te bewerkstelligen is om (meer) in te zetten op factoren op de “hogere” sociaalecologische niveaus, dat wil zeggen: factoren die spelen in de bredere omgeving en op beleidsniveau.

Conclusies

Ten opzichte van andere leeftijdsfases is er een groter risico op ongezond eetgedrag (en daarmee samenhangend, op gewichtstoename) tijdens de overgang van adolescentie naar jongvolwassenheid. Het is belangrijk inzicht te verkrijgen in de factoren die hierin een rol spelen, om op die manier optimaal effectieve interventies en doeltreffend beleid te kunnen ontwerpen. Recent literatuuronderzoek biedt belangrijke aanknopingspunten voor toekomstige studies op dit gebied. Dergelijke studies zouden middels dynamische onderzoeksdesigns moeten kunnen aantonen welke veranderbare factoren systematisch samenhangen met veranderingen in eetgedrag. Hierbij lijkt het van belang te zijn dat niet alleen individuele factoren worden onderzocht, maar juist ook factoren die zich op breder omgevingsniveau en beleidsniveau afspelen.

Het volledige artikel is te vinden op: www.mdpi.com/2072-6643/10/6/667

Reageer op dit artikel