blog

Groentje

Algemeen

Groentje

In Chili ben ik een groentje. Ik doe mijn uiterste best om de taal, cultuur, mensen en zeker ook de keuken te leren kennen.

Om dat allemaal tegelijk voor elkaar te krijgen, vergt wat energie en leidt zo nu en dan tot enorme missers. Onwetendheid is echter geen schande, zolang je van je fouten leert. Toch?

Uren kan ik doorbrengen op de markt. Van kraam naar kraam. Vriendelijk lachen en – heel populair – typisch Chileense uitdrukkingen hanteren. Druk onderhandelen, terwijl ik heel hard mijn best doe om niet teveel als toerist over te komen (dat ben ik immers ook niet). En altijd wordt er vriendelijk teruggelachen. Of ze mogen me, of ik heb veel teveel betaald…

Tijdens het afvinken van mijn boodschappenlijstje word ik vreemd aangekeken als ik om basilicum vraag. Mijn vriendelijk ogende, ietwat door de zon gerimpelde, verkoper spoedt zich weg. Iets verkeerds gezegd? Gelukkig komt ie niet veel later terug, met een gigantische bos ‘Albahaca’ (ik had het dus tóch goed, phew) met kluit en al! Net uit het park gestolen, of bij een van zijn buurmarktkoopmannen geleend?

Zo’n grote bos met van die gigantische bladeren, blijkt hier eerder regel dan uitzondering. De spinazie is enorm! De rucola lijkt reuzenvoer. Hoe komt dat? Waarom zijn kruiden en bladgroenten hier zo groot?

Ik besluit mijn vraag aan de Facebookgroep ‘Foodfinds in Chile’ voor te leggen. De antwoorden lopen uiteen van ‘Ze oogsten ze hier later, maar daardoor neemt de smaak ook af’ tot ‘Dat komt door de zon’. Dat eerste antwoord geloof ik niet, want ik ken de smaak en die is uitstekend. Ik wacht verdere reacties af tot er een expert reageert met jarenlange landbouw ervaring. Hij legt me uit dat het een combinatie van factoren is. Enerzijds het klimaat en met name de grote hoeveelheid zon. Anderzijds de kwaliteit van de landbouwgrond en de grote diversiteit aan mineralen en natuurlijke voedingsbronnen die zich in de Chileense – vulkanische – aarde bevindt. Dit bevordert groei (lees grotere planten en vruchten), maar ook smaak. En dat kan ik alleen maar beamen.

Ondertussen zit ik met enorme hoeveelheden gigantische kruiden en die lenen zich uitstekend voor pesto. Omdat ik al een behoorlijke pesto voorraad heb aangelegd, plaats ik deze basilicum met kluit in mijn vulkanische tuin. Of dat een succes wordt kan ik nu nog niet met jullie delen. Het recept voor heerlijke pesto natuurlijk wel!

Vulkanische pesto

  • 50 gram basilicum
  • 4 eetlepels pijnboompitten
  • 50 gram parmezaanse kaas (geraspt of in kleine stukjes)
  • 1 teen knoflook
  • 150 ml olie
  • peper/zout om op smaak te brengen

Je stopt de kaas, pijnboompitten, knoflook en basilicum in een keukenmachine. Maal het mengsel helemaal fijn. Voeg dan langzaam olijfolie toe, tot je vindt dat jouw pesto de juiste consistentie (dikte/vloeibaarheid) heeft bereikt. Breng op smaak met peper en zout. Heerlijk door de pasta, ovenschotel of op een broodje.

Het leukste is dat je met de basishoeveelheden van pesto eindeloos kunt variëren! De meest bekende variatie is die met zongedroogde tomaatjes in plaats van basilicum (pesto rosso), maar het wordt pas leuk als je buiten de gebaande paden treedt. Probeer bijvoorbeeld eens een zoete pesto met munt, honing en amandelen voor bij een nagerecht. Houd hierbij altijd de hoeveelheden uit het originele recept aan en voeg langzaam de olie toe tot je de gewenste dikte hebt.

  • 50 gram (blad)kruiden/groente/sla als basisingrediënt (zoals rucola, peterselie, spinazie, dille, rozemarijn, maar ook koriander, munt of gember)
  • 4 eetlepels noten of pitten (zoals pistachenoten, walnoten, hazelnoten of amandelen)
  • 50 gram kaas (zoals pecorino, reypenaar, tomme de savoye of ricotta)
  • 1 teen/theelepel smaakmaker (zoals knoflook, ui, ansjovis, citroensap of honing)
  • 150 ml olie (zoals olijfolie of een neutrale olie bij een zoete variant, zoals zonnebloemolie of kokosolie)
    peper/zout om op smaak te brengen (peper of chilipeper werkt ook erg goed in een zoete pesto)

Foto's

Reageer op dit artikel