Groei en grenzen van de voedingswereld *

attachment-Juist-op-het-moment-dat-het-agrofoodcomplex-een-nieuwe-inspanning-moet-doen-om-de-productie-te-verhogen-constateren-we-dat-er-buiten-ZuidAmerika-slechts-een-beperkte-hoeveelheid

De voedingswereld staat onder druk door de immense uitdagingen die in het verschiet liggen. Uitdagingen die in belangrijke mate veroorzaakt zijn door de manier waarop de wereld van voedsel zich heeft ontwikkeld de voorbije decennia. Verschillende studies richten zich op de groei en de grenzen aan de groei van het agrofoodcomplex. Overleg en samenwerking van alle betrokkenen is noodzakelijk.  

Het huidige voedingsland is uitgegroeid tot een land van overvloed. Ons eten komt van over de hele wereld ingevlogen en aangereden. Wat op ons bord ligt, representeert de mondialisering van de voedingsmarkt tot in de verste uithoeken van de aardbol. Tijd en afstand zijn bekort door informatietechnologie, transportmogelijkheden en liberaliseringspolitiek. Inkopers van supermarktketens speuren over de hele wereld naar etenswaar tegen de voordeligste prijscondities en kwaliteitsvoorwaarden.


Complex

Niet alleen door de mondialisering is het voedselsysteem ingewikkelder geworden, ook door de verknoping van relaties is de complexiteit gegroeid. Nationale voedingsmarkten beïnvloeden elkaar in toenemende mate. De vraag naar variatie en vlees in opkomende economieën als China en Brazilië doet marktverhoudingen verschuiven.


De voedselketen is zo gerationaliseerd dat een kleine interruptie in de keten grote gevolgen kan hebben voor de beschikbaarheid en prijs van voedsel. Complicerende factor is dat de voedingswereld om meer draait dan fysieke goederenstromen alleen. Informatiestromen winnen aan belang, ook over meer ongrijpbare zaken als vertrouwen, verantwoordelijkheid, eerlijkheid en emoties.


De complexiteit van de voedingswereld wordt niet minder als we ons beseffen dat bipolariteiten als globalisering en regionalisering, high tech en authentiek, fast food en slow food, respect voor mens, dier en milieu en marktregulering, obesitas en ondervoeding, schaalvergroting en niches, variatiedrang en gewoontegedrag er allemaal integraal deel van uitmaken. Opknippen en fragmenteren van vraagstukken en problemen is steeds minder makkelijk en realistisch. De hedendaagse voedingsmarkt vraagt om studie en beleid waarin wordt (h)erkend dat karakteristieken en knelpunten een diverse oorsprong hebben. Een verandering of oplossing daarvan vereist een samenbundeling van krachten en maatregelen van zowel overheden als aanbieders en vragers.


Ondergeschoven kinderen

Tegen de achtergrond van het zojuist geschetste zijn enkele recent verschenen boeken te lezen (1,2,3). Deze studies hebben met elkaar gemeen dat ze wijzen op de grote kwesties waar de voedingsmarkt zich voor gesteld ziet. Een steeds belangrijker wordend punt is hoe de komende decennia de monden en magen zijn te vullen van de dagelijks met een kwart miljoen mensen groeiende wereldbevolking. Juist op het moment dat het agrofoodcomplex een nieuwe inspanning moet doen om de productie te verhogen, constateren we dat er buiten Zuid-Amerika slechts een beperkte hoeveelheid landbouwareaal bij kan komen.


Bovendien heeft de druk van voedselproductie op de uitputting van water, energiebronnen, alsmede aantasting van grond- en luchtkwaliteit of biodiversiteit, de grenswaarden bereikt of inmiddels al overschreden. De ecologische ‘foodprint’ trekt diepe sporen. Nu het voedselproductiesysteem de kwaliteit en capaciteit zou moeten hebben om de hoeveelheid voedsel te vergroten komen steeds nadrukkelijker en overtuigender grenzen in zicht op ecologisch, humanitair en gezondheidsvlak.


De keerzijde van het naoorlogse succes toont de ongewenste neveneffecten van de manier waarop we vandaag de dag ons voedsel produceren en consumeren. Duurzaam, gezond en rechtvaardig zijn lang ondergeschoven kinderen geweest die nu de kop opsteken. Zodanig dat ze zich niet meer weg laten duwen als luxeproblemen – ook niet in tijden van schaarste en recessie.


Respecteren van ecologische grenzen, tegengaan van ongezond eten en bevorderen van sociaal-economische rechtvaardigheid liggen nu en straks aan de basis van de licence to produce en het bestaansrecht van het agrofoodcomplex. Dit wordt ook steeds openlijker onderschreven door overheden en ondernemers. Tijdens de weg naar een duurzamere en gezondere voedingswereld stuiten we nog vaak op blinde muren van gevestigde belangen, gedane investeringen en bevochten praktijken. Ook onder consumenten is het nog geen vanzelfsprekendheid dat duurzaam en gezond op gelijke voet staan met keuzemotieven als prijs, smaak, gewoonte of gemak.


Prijsdruk

De voedingsmarkt behoort tot een van de meest competitieve. De prijsdruk is zo hevig dat het tot op heden niet aan de orde is diverse ‘externe kosten’ mee te laten wegen in de prijs van eten. Voor het niet direct in rekening brengen van negatieve externe effecten die gepaard gaan met de productie en consumptie van voedsel, betalen we met z’n allen wel een prijs in de vorm van de aantasting van natuur en milieu, van sociaal-economische verhoudingen en van de gezondheid van onszelf en onze medemens.


De maatschappelijke prijs van goedkoop eten wordt ondertussen steeds onhoudbaarder. Dit komt niet alleen tot uitdrukking in de druk op ecosystemen, met name door de veehouderij, maar ook in voedingsgerelateerde problemen als overgewicht en obesitas. Ook hier betreft het een zorgwekkende kwestie op wereldschaal. In korte tijd is het aantal mensen dat (veel) te dik is wereldwijd enorm gestegen. Het gaat allang niet meer exclusief om de westerse wereld. De prognose is dat de komende tien jaar vooral in minder rijke delen van de wereld de grootste groei van dikke mensen gaat optreden; die bijdragen aan een oplopend aantal mensen met overgewicht naar 2,5 miljard – wat des te schrijnend is vanwege de tegelijkertijd bestaande voedseltekorten en  hongersnoden waar een ander groot deel van de mensheid mee te kampen heeft.


De overgewichtsproblematiek is een sprekend voorbeeld van een verschijnsel dat gevoed wordt door tal van factoren op verschillende niveaus, die variëren van onze genetische aanleg, tot de wijze waarop we ons moderne (gezins)leven en de tegenwoordige consumptiesamenleving inrichten. Eenvoudige oplossingen zijn gedoemd te mislukken en de medewerking van beleid, bedrijfsleven en burgers is een vereiste voor mogelijk succes van pogingen om het gewichtsprobleem in te dammen.


Ver van ons bord

De voedingswereld van vandaag is hecht verknoopt tot een mondiaal dorp. Hoewel veel consumenten het contact met de productie van hun eten in hoge mate verloren hebben, verbindt het eten op ons bord ons feitelijk met natuur, mens en dier. Een bedrijfs- of beleidsbeslissing aan de andere kant van de wereld manifesteert zich in het schap van de supermarkt op de hoek. Betrokkenheid en medeverantwoordelijkheid bij wat we eten ligt dichterbij en meer voor de hand dan we ons doorgaans realiseren.


Datzelfde realisme ontbreekt vooralsnog ook goeddeels als het gaat om het nijpende karakter van de kwesties waar de voedingswereld zich voor gesteld ziet. De omvang en urgentie van de ongewenste gevolgen van de productie en consumptie van voedsel voor mens, dier en milieu zijn veel groter dan waar de meeste mensen zich van bewust zijn. Hierbij komt dat voedselbeleid het stadium voorbij is waarin het alleen gaat om productie en handel, subsidies en heffingen.


Overheids- en bedrijfsbeleid betreffen in toenemende en dringender mate eveneens innovatie, informatie, milieu, gezondheid én, niet op de laatste plaats, hoe mensen hun eten en de wijze waarop dat geproduceerd wordt (emotioneel) ervaren. De beleids- en onderzoeksagenda’s van de toekomst zullen erbij gebaat zijn wanneer prioriteit wordt gegeven aan de maatschappelijke zorgen en baten van eten. Meer algemeen nog laat zich voorspellen dat wie zich beleids- of onderzoeksmatig ophoudt in de wereld van voedsel alle hulp welkom mag heten om voldoende raad en daad te verzamelen. Te voorzien is dat convenanten, rondetafeldiscussies, task forces of denktanks eerder zullen toenemen dan van het toneel verdwijnen.



Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 12 van december 2009 op bladzijde 24

Lees ook
Eerste On the way to PlanetProof themaweek gelanceerd

Eerste On the way to PlanetProof themaweek gelanceerd

Klimaatambassadeur Helga van Leur en Sjaak van der Tak, voorzitter LTO Nederland, openden maandag 14 september de eerste On the Way to PlanetProof week. Tot en met 19 september staan de producten met het keurmerk in de spotlights in supermarkten, televisiespots en social media.

Leestip: Met een virtualrealitybril naar de supermarkt

Leestip: Met een virtualrealitybril naar de supermarkt

Tijdens de zomerperiode deelde de redactie van Voeding Nu iedere vrijdag een lees-, luister- of kijktip. De rubriek blijkt populair, dus voorlopig houden we de rubriek erin. Vandaag een artikel uit de Volkskrant, over een experiment dat consumenten kan helpen duurzame keuzes te maken in de supermarkt.

Food100 van 2021 bekend

Food100 van 2021 bekend

De Food100 van 2021 is bekend. Op deze lijst van vijftig changemakers jonger dan 30 jaar én vijftig gamechangers ouder dan 30 jaar staan onder andere Jeanne van Ittersum van Trash'ure Taarten, Johan Leenders van Oranjehoen, Joost Rietveld en Merijn Corneel Koops van Too Good to Go, en Linda Klunder en Lars Gierveld van Kumasi Drinks.