Geen veilige bovengrens cafeïne voor zwangere vrouwen - Voedingscentrum reageert

attachment-cafeinne-A1200x800

Vrouwen die zwanger zijn of willen worden, kunnen cafeïne beter helemaal vermijden. De consumptie ervan is geassocieerd met negatieve zwangerschapsuitkomsten. Er is geen veilige bovengrens voor cafeïneconsumptie.

Dat blijkt uit een review van het wetenschappelijke onderzoek dat op dit moment beschikbaar is. Professor Jack James van de universiteit van Reykjavik, IJsland, analyseerde 48 studies. Hij publiceerde zijn bevindingen in BMJ Evidence Based Medicine.

Advies EFSA en Voedingscentrum

Verschillende instanties, waaronder de EFSA, adviseren zwangere vrouwen maximaal 200 milligram cafeïne per dag te nemen. Dat komt neer op zo’n twee koppen koffie. Het Voedingscentrum neemt dit advies over, maar raadt maximaal één kop koffie per dag aan. Zwangere vrouwen krijgen namelijk ook cafeïne uit andere producten binnen, zoals thee, cola en chocolade. Daarom vroeg Voeding Nu het Voedingscentrum om een reactie op het nieuwe onderzoek.

attachment-kwetsbaarzwanger-300x200 Negatieve zwangerschapsuitkomsten

Volgens professor James kunnen zwangere vrouwen cafeïne beter helemaal vermijden. Hij vergeleek in totaal 48 onderzoeken, waarvan 37 observationele studies en 11 meta-analyses. Alle onderzoeken zijn gepubliceerd in de afgelopen twintig jaar. James keek naar de volgende negatieve uitkomsten: miskraam, doodgeboorte, laag geboortegewicht, te klein geboren, vroeggeboorte, acute kinderleukemie en overgewicht en obesitas.

Observationele studies

In sommige studies werden meerdere uitkomsten onderzocht. De observationele studies bevatten in totaal 42 verschillende resultaten. Daarvan waren er 32 negatief: cafeïne vergroot significant het risico op nadelige zwangerschapsuitkomsten. De overige 10 resultaten wezen op geen of onduidelijke associaties. Alleen voor vroeggeboorte vonden de studies geen associaties met cafeïne.

Meta-analyses

De 11 meta-analyses rapporteerden 17 verschillende bevindingen. Daarvan vonden er 14 een associatie tussen cafeïneconsumptie en miskramen, doodgeboorte, laag geboortegewicht, te klein geboren en acute kinderleukemie. De associatie tussen cafeïne en overgewicht en obesitas, is niet met een meta-analyse onderzocht. Deze is echter wel gevonden in de observationele studies.

Misselijkheid en overgeven

Een beperking van het onderzoek is dat het om associaties gaat, dus niet noodzakelijk een oorzaak en gevolg. Er kunnen andere factoren meespelen, licht de auteur toe. Wellicht kunnen sommige vrouwen zich niet precies herinneren hoeveel koffie ze hebben gedronken. Bovendien rookten sommige vrouwen, wat ook negatieve effecten voor de zwangerschap heeft. Maar de belangrijkste andere factor vindt hij de symptomen van de zwangerschap zelf. Symptomen als misselijkheid en overgeven tijdens de vroege zwangerschap, horen bij een gezonde zwangerschap. Vrouwen die misselijk zijn of overgeven, gaan vaak zelf minder koffie drinken.

Ook negatieve uitkomsten bij lage dosis

Toch denkt professor James wel aan een oorzakelijk verband. Bij een hogere dosis cafeïne, waren de negatieve uitkomsten voor de zwangerschap groter. Ook bij een lage dosis, vonden sommige studies nog negatieve uitkomsten. Alleen voor vroeggeboorte kon hij geen bewijs vinden.

Voedingsadviezen herzien

Daarom vindt de onderzoeker dat de huidige gezondheidsadviezen over cafeïneconsumptie tijdens de zwangerschap herzien moeten worden. Zowel zwangere vrouwen als vrouwen die zwanger willen worden, moeten het advies krijgen om helemaal geen cafeïne te gebruiken, meent professor James.

attachment-vn-3-baby-1-300x259 Reactie Voedingscentrum

'Deze review is voor het Voedingscentrum geen directe aanleiding het advies aan te passen', zegt woordvoerder Sietse Orie. 'Wij adviseren zwangeren, onder andere in de app ZwangerHap, de inname van cafeïne te beperken en cafeïnerijke dranken als koffie en energiedrank niet te nemen, of maximaal 1 keer per dag.'

'Bij dit advies geven we de informatie dat cafeïne mogelijk schadelijk is voor de baby. En dat hoe meer cafeïne een zwangere vrouw binnenkrijgt, hoe meer kans op een miskraam of op een baby met een laag geboortegewicht.

De adviezen die het Voedingscentrum geeft, zijn niet gebaseerd op de resultaten van één of enkele van dergelijke onderzoeken, maar op wetenschappelijke consensus. Wij baseren onze adviezen op de rapporten van de Gezondheidsraad en de EFSA.

In mei 2015 heeft de EFSA een rapport gepubliceerd waarin ze aangeven wat tot dan toe bekend was over de veiligheid van cafeïne, ook voor zwangere vrouwen. Hun conclusie was dat een inname van maximaal 200 mg cafeïne over de hele dag door zwangere vrouwen geen schadelijke gevolgen heeft voor het kind.

De conclusie die onderzoeker James in zijn artikel trekt, is anders dan deze conclusie van de EFSA in 2015. Een reden kan zijn dat de EFSA bepaald onderzoek anders interpreteert en weegt dan James. In het artikel van James worden bijvoorbeeld ook een aantal onderzoeken (van ruim voor 2015) meegenomen die de EFSA niet in hun analyse meegenomen heeft.

De EFSA geeft overigens in hun rapport ook aan dat er een relatie gevonden is tussen cafeïne en negatieve effecten op geboortegewicht, bij alle niveaus van inname van cafeïne. En dat er geen hoeveelheid aan te geven is waaronder deze relatie niet gevonden wordt. Maar de EFSA geeft daarbij ook aan dat ze het risico pas klinisch relevant vinden bij een inname van ongeveer 200 mg cafeïne per dag. Met andere woorden, onder de 200 mg kan er misschien ook een effect zijn van cafeïne op geboortegewicht, maar dat effect is dan zo klein dat ze geen gevolgen voor de gezondheid van het kind verwachten.

Deze review geeft het Voedingscentrum dus geen directe aanleiding om adviezen richting zwangeren over de inname van cafeïne aan te passen. Mocht de Gezondheidsraad of de EFSA echter besluiten om hun adviezen over inname van cafeïne door zwangere vrouwen te veranderen, dan nemen wij dat als Voedingscentrum over in onze communicatie.'

Lees ook
Eiwitnorm ouderen

Eiwitnorm ouderen

Uit Voeding Nu 3: De Gezondheidsraad [1] is in maart 2021 uitgekomen met nieuwe voedingsnormen voor eiwit. Voor volwassenen is de aanbevolen hoeveelheid verhoogd van 0,8 g/kg lichaamsgewicht naar 0,83 g/kg lichaamsgewicht. Hiermee is de aanbevolen hoeveelheid gelijkgetrokken met de aanbevolen hoeveelheid die EFSA [2] hanteert. Voor ouderen zijn er...

Standpunt: Verzadigde vetzuren en het risico op hart- en vaatziekten

Standpunt: Verzadigde vetzuren en het risico op hart- en vaatziekten

Verzadigde vetzuren verhogen het LDL-cholesterolgehalte (LDL-c) in het bloed, een causale risicofactor voor het ontstaan van coronaire hartziekten. Regelmatig verschijnen er onderzoeken die dit causale verband in twijfel trekken. Dit kan tot verwarring leiden bij consumenten en professionals. In een nieuwe factsheet legt het Voedingscentrum de adviezen...

RIVM komt met aanvullingen Preventieakkoord

RIVM komt met aanvullingen Preventieakkoord

Eind 2018 werd het Nationaal Preventieakkoord getekend. Begin deze maand kwam het RIVM met tien extra maatregelen om het Preventieakkoord op overgewicht en overmatig alcoholgebruik aan te scherpen. Het Voedingscentrum vraagt het aankomende kabinet hier werk van te maken.