artikel

Voedingsregels voor kinderen *

Voeding en gedrag

Voedingsregels voor kinderen *

Regels die ouders hebben over wat hun peuter niet mag eten, lijken vaak het gewenste effect op de voedselinname van hun jonge kind te hebben. Maar bij peuters met bepaalde gedragskenmerken (depressief, angstig en overactief gedrag) of overgewicht, en bij moeilijke eters, werken verbiedende voedingsregels niet of minder goed. De bevindingen geven aan dat preventie van overgewicht bij jonge kinderen zich zou moeten richten op het type voedingsregels dat ouders stellen, met speciale aandacht voor verschillen tussen kinderen.

Overgewicht bij kinderen is wereldwijd een groeiend probleem dat ook Nederland treft (2). Eén van de belangrijkste oorzaken is een ongezond voedingspatroon. Met name een hoge inname van voedingsmiddelen met een hoge energiedichtheid, zoals snacks en frisdrank, wordt verondersteld tot een hoog risico op overgewicht bij kinderen te leiden (3).

Ouders hebben op verschillende manieren een belangrijke invloed op het voedingspatroon van hun kind. Zo kunnen ze specifieke regels hanteren over wat hun kind wel en niet mag eten. Het is echter onduidelijk of deze voedingsregels het gewenste effect hebben op wat het kind eet. In sommige eerdere studies kwam naar voren dat het verbieden van ongezonde voedingsmiddelen (bijvoorbeeld frisdrank), en het promoten van gezonde voedingsmiddelen (bijvoorbeeld fruit), het gewenste effect hebben. Dit is dan ook geassocieerd met minder consumptie van ongezonde, en meer consumptie van gezonde voedingsmiddelen door de kinderen (4). Ander onderzoek laat echter het tegenovergestelde zien; daarin worden strikte voedingsregels geassocieerd met een ongewenst effect (5): kinderen aten bijvoorbeeld juist minder van de gezonde voeding als ouders hierover bepaalde regels hadden. Mogelijk verstoren dergelijke regels de zelfcontrole van het kind over de voedselinname (6). Overigens zijn de begrippen ‘gewenst’ en ‘gezond’ niet eenduidig. Ouders kunnen het bijvoorbeeld gewenst vinden dat het kind zijn bord leeg eet, terwijl dit bij dit kind zou kunnen leiden tot overgewicht. In dit artikel bedoelen wij met gewenst en gezond, eetgewoonten die het ontstaan van overgewicht tegengaan.

Het is interessant te bekijken welke ouders welke regels toepassen. Zo kunnen kinderen van ouders die ‘ongezonde’ regels toepassen geïdentificeerd worden. In de huidige studie is onderzocht hoe het toepassen van ‘restrictieve’ (beperkende) regels ten aanzien van voeding bij 2-jarige kinderen samenhangt met diverse kenmerken van ouder en kind. Daarnaast hebben we bekeken wat de samenhang van deze regels was met de gerapporteerde consumptie van een aantal voedingsmiddelen door de kinderen.

KOALA-onderzoek
Het KOALA-onderzoek is een geboortecohort-onderzoek waarin ruim 2800 Nederlandse kinderen zijn gevolgd vanaf de zwangerschap van de moeder (7). Toen de kinderen 2 jaar oud waren, hebben 2578 ouders een vragenlijst ingevuld over wat hun kind at en de regels die ze hierover hadden. Verder is gevraagd naar algemeen gedrag (gemeten met een vertaalde versie van de Child Behaviour Checklist), eetstijl, Body Mass Index (BMI), en diverse andere kenmerken van het kind (waaronder leeftijd en geslacht) en de ouder (zoals leeftijd en opleiding). Tabel 1 geeft de kenmerken van de kinderen en hun ouders weer.

Tabel 2 laat zien hoeveel ouders verschillende restrictieve voedingsregels toepasten. In totaal had ongeveer de helft (45%) van de ouders één of meer regels over de voeding van hun kind. Behalve het verbieden van frisdrank werden de meeste restrictieve regels door relatief weinig ouders gebruikt.

Welke regels toegepast werden, was geassocieerd met kenmerken van zowel kind als ouder. Zoals ook in andere studies is gevonden (8), waren hoog opgeleide en oudere moeders strikter dan laag opgeleide en jongere moeders. Naast kenmerken van ouders waren ook kenmerken van het kind belangrijk voor de striktheid van de ouders: ouders waren strikter voor koppige, veel aandacht vragende kinderen. Een verklaring hiervoor zou kunnen zijn dat ouders vinden dat deze kinderen strenger aangepakt moeten worden vanwege hun gedrag. Maar de koppigheid van de kinderen kan ook juist een reactie zijn op de strikte ouders. Door de cross-sectionele opzet van het onderzoek kunnen hierover geen uitspraken gedaan worden. Ouders waren minder strikt voor agressievere en voor depressievere kinderen. Wellicht zijn ouders minders strikt voor deze kinderen om verergering van dit gedrag te voorkomen.

Effect op inname peuters
De regels die de ouders over de voeding van hun peuter stelden, werden geassocieerd met wenselijk eetgedrag: de kinderen consumeerden minder snoep, chocola, koekjes en gebak als ouders beperkende regels hanteerden. Dit gewenste effect is eerder aangetoond bij adolescenten (4). Het is echter de eerste keer voor zover wij weten, dat een associatie tussen restrictieve ouderschapspraktijken een gewenst voedingspatroon bij jonge kinderen wordt gevonden. Een groot verschil tussen deze studie en eerdere studies waarbij juist een ongewenst effect van voedingsregels gevonden werd, is dat die studies meestal gingen over wat de kinderen aten als ze onbeperkte toegang tot het voedsel hadden. Deze situatie zal bij 2-jarige peuters in het dagelijks leven niet of nauwelijks voorkomen. 

Opvallend was dat de voedingsregels niet alleen een invloed leken te hebben op het eten van het voedingsmiddel waarop die regels zelf betrekking hadden. De regels gingen allemaal over het verbieden van voedingsmiddelen, maar gingen ook gepaard met een hogere consumptie van groenten en fruit door het kind. Dit is nog niet eerder aangetoond bij deze jonge leeftijdsgroep. Het zou kunnen zijn dat kinderen die minder snacks mogen eten, voor de rest ook gezonder moeten eten van hun ouders. Dit wordt ‘clustering’ van opvoedpraktijken genoemd. Clustering is in dit kader al eerder aangetoond bij het gedrag van peuters, en strekt zich zelfs nog verder uit dan alleen voeding: ongezond beweeggedrag bleek te clusteren met ongezond eetgedrag (9).

De invloed van de voedingsregels op het eetgedrag van het kind was afhankelijk van diverse kenmerken van het kind. De regels werkten niet of minder goed bij kinderen die depressief, angstig of overactief gedrag vertoonden. Ook als het kind vaak met tegenzin of langzaam at, was de invloed van de regels op de voeding weer minder sterk. Maar omgekeerd werd de invloed van de regels juist sterker als het kind in het algemeen van veel verschillende soorten eten hield. Het gewicht van het kind bleek hierop ook van invloed: de regels leken minder effect bij kinderen met overgewicht te hebben.

Conclusies
Het onderzoek toont aan dat een focus op voedingsregels al op zeer jonge leeftijd van belang is, nog voordat het kind 2 jaar oud is. Voedingsregels van ouders leken over het algemeen een gunstig effect te hebben op de voedselinname door peuters. De studie laat echter ook zien dat restrictieve voedingsregels niet bij alle typen kinderen een gunstig effect hebben. Deze resultaten zouden dan ook een verklaring kunnen zijn voor de tegenstrijdige bevindingen van eerdere studies. We kunnen echter geen uitspraken doen over oorzaak en gevolg, omdat er maar één meetmoment was. We weten dus niet zeker of de regels een invloed hadden op de consumptie, of dat ouders hun regels juist aanpasten aan de inname van het kind. Daarnaast zouden de resultaten vertekend kunnen zijn doordat zowel de regels als de inname door de ouders gerapporteerd zijn.

Alle regels in dit onderzoek gingen over het verbieden van bepaalde voedingsmiddelen. Er is niet gekeken naar de invloed van niet-restrictieve regels, zoals het aanmoedigen van het eten van gezonde voedingsmiddelen. Deze zouden het effect van de restrictieve regels misschien kunnen ondersteunen. En bij kinderen voor wie restrictieve regels minder goed bleken te werken, zoals agressievere of depressievere kinderen, biedt aanmoedigend gedrag wellicht een werkzamer alternatief.

De huidige studie laat zien dat het belangrijk is om interventies ter bevordering van gezond voedingsgedrag van kinderen te richten op ouders van nog heel jonge kinderen. Deze aanbeveling wordt gesteund door ander Nederlands onderzoek (10). Ouders moeten onder andere bewust worden gemaakt van de invloed van het type voedingsregels (restrictief of niet) op het gedrag van hun kind, en hoe ze deze regels kunnen afstemmen op algemene gedragskenmerken van het kind.

Referenties
1. Gubbels JS, Kremers SP, Stafleu A, Dagnelie PC, Goldbohm RA, de Vries NK, Thijs C. Diet-related restrictive parenting practices. Impact on dietary intake of 2-year-old children and interactions with child characteristics. Appetite 2009;52:423-429.
2. Van den Hurk K, van Dommelen P, van Buuren S, Verkerk PH, Hirasing RA.
Prevalence of overweight and obesity in the Netherlands in 2003 compared to 1980 and 1997. Arch Dis Child 2007;92:992-995.
3. Rennie KL, Johnson L, Jebb SA. Behavioural determinants of obesity. Best Practice & Research Clinical Endocrinology & Metabolism 2005;19:343-358.
4. De Bruijn GJ, Kremers SP, de Vries H, van Mechelen W, Brug, J. Associations of social-environmental and individual-level factors with adolescent soft drink consumption: results from the SMILE study. Health Education Research 2007;22: 227-237.
5. Montgomery C, Jackson DM, Kelly LA, Reilly JJ. Parental feeding style, energy intake and weight status in young Scottish children. British Journal of Nutrition 2006;96:1149-1153.
6. Johnson SL, Birch LL. Parents’ and children’s adiposity and eating style.
Pediatrics 2004;94:653-661.
7. Kummeling I, Thijs C, Penders J, Snijders BE, Stelma F, Reimerink J, Koopmans M, Dagnelie PC, Huber M, Jansen MC, de Bie R, van den Brandt PA.
Etiology of atopy in infancy: the KOALA Birth Cohort Study. Pediatric Allergy and Immunology 2005;16:679-684.
8. Brown KA, Ogden J, Vogele C, Gibson EL. The role of parental control practices in explaining children’s diet and BMI. Appetite 2008;50:252-259.
9. Gubbels JS, Kremers SPJ, Stafleu A, Dagnelie PC, de Vries SI, de Vries NK,  Thijs C. Clustering of dietary intake and sedentary behavior in 2-year-old children. The Journal of Pediatrics (In press).
10. Boere-Boonekamp MM, L’Hoir MP, Beltman J, Dijkstra N, Engelberts AC.
Overgewicht en obesitas bij jonge kinderen (0-4 jaar): gedrag en opvattingen van ouders. Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde, 2008;152:324-330.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 6 van juni 2009 op bladzijde 10

Reageer op dit artikel