artikel

De psychologie van eten: over overeten en obesitas *

Voeding en gedrag

De psychologie van eten: over overeten en obesitas *

Onze leefomgeving staat bol van de verleidingen. Op werk, onderweg en in de supermarkt is er bijna geen ontkomen aan hoogcalorisch eten. Het percentage mensen dat overgewicht heeft of zelfs obees is, is de laatste jaren enorm gestegen. Toch hebben ook veel mensen een gezond gewicht. Zij kunnen dus blijkbaar wel weerstaan aan deze voedselverleidingen. Waarom verschillen mensen hierin en wat zijn de onderliggende factoren?

We leven in een obesogene omgeving. Dat betekent dat we de hele dag omringd zijn door lekker hoogcalorisch eten. Denk bijvoorbeeld aan de muffins bij een koffietentje, de snacks bij de kassa van de supermarkt, en aan de MacDonalds bij de afrit van de snelweg. Natuurlijk werkt de voedselindustrie er hard aan om voedsel zo lekker en zo opvallend mogelijk te maken, zodat je je maximaal verleid voelt om te snacken. Eigenlijk is het daarom niet zo vreemd dat de prevalentie van obesitas in de laatsten decennia ontzettend is toegenomen. In 2013 had bijna de helft van de Nederlandse volwassenen overgewicht (41,7%), en ongeveer 10% was zelfs obees (1). Maar niet iedereen in Nederland is te dik. Meer dan de helft heeft zelfs een gezond gewicht. Veel mensen zijn dus prima in staat de constante verleiding van hoogcalorisch lekker eten te weerstaan. Hoe komt het dat de aantrekkingskracht van voedsel zoveel lijkt te verschillen tussen mensen?

Genetische factoren en eetgedrag
Simpel gezegd word je te dik als je te veel eet (en te weinig beweegt). Maar hoe komt het dat sommige mensen te veel eten, en door blijven eten terwijl ze – biologisch gezien – voldoende hebben gegeten? Sommige onderzoekers denken dat het genetisch is bepaald wie te dik wordt, en dat klopt ook gedeeltelijk. Onderzoek heeft aangetoond dat 67% van de variatie in de body mass index (BMI; gewicht/lengte2) genetisch is bepaald. Maar, slechts 12% van deze variatie is te wijten aan genetische bepaalde verschillen in metabolisme. Het grootste deel (bijna 40%) is gerelateerd aan genen die de regulatie van eetgedrag beïnvloeden. Samen met de andere 33% variatie in BMI, die niet door genetische factoren is bepaald, is dus het grootste deel van de variatie in lichaamsgewicht bepaald door gedrag (2).

En wat bepaalt nu of je je eetgedrag goed kunt reguleren? Vanuit cognitief psychologisch perspectief zou een reden kunnen zijn dat de cognitieve verwerking van voedselstimuli hedonisch is ‘gebiased’. Dit zou tot uiting komen in verhoogde aandacht voor voedselstimuli in de omgeving, sterkere positieve associaties met voeding, en een sterkere beloningsresponse in het brein. Een van de cognitieve processen die hieraan ten grondslag ligt, is de zogenaamde aandachtsbias voor hoogcalorische voeding.

Aandachtsbias
Visuele aandacht is een relatief vroeg cognitief proces dat de informatie die aanwezig is in onze omgeving filtert, en bepaalt wat de prioriteit krijgt voor verdere cognitieve verwerking. Aandacht bepaalt wat wij waarnemen en wat verder in onze hersenen wordt verwerkt. Als iemand buitengewoon veel aandacht aan iets besteedt, bijvoorbeeld aan eten, wordt van een aandachtsbias gesproken, dus van een systematische vertekening van aandacht.

Om te toetsen of iemand een aandachtsbias heeft, worden computertaken gebruikt. Er zijn verschillende mogelijkheden. Een veelgebruikte standaard taak is de “visual probe task”. Tijdens deze taak wordt gemeten hoeveel aandacht proefpersonen besteden aan een plaatje van (lekker) eten in vergelijking met een gelijktijdig gepresenteerd plaatje van een niet eetbaar object. Met een “eye-tracker” wordt gemeten naar welk plaatje de proefpersoon als eerste kijkt, hoe lang de duur is van de eerste fixatie, en hoe lang hij of zij in totaal naar elk plaatje kijkt. Hierdoor krijgt de onderzoeker een zeer nauwkeurig beeld van het verloop van de aandacht voor voedselstimuli in vergelijking met neutrale controle stimuli.

Vroeg gericht op eten
Onderzoek met deelnemers van gemiddeld gezien een gezond gewicht heeft aangetoond dat de mate waarin mensen aandacht aan eten besteden gerelateerd is aan de hoeveelheid die aansluitend wordt gegeten (3,4). Deelnemers die vaker eerst naar stimuli van eten keken en langer hun aandacht hielden op deze stimuli, aten aansluitend meer voedsel dat hen in het laboratorium werd aangeboden in vergelijking met deelnemers die minder aandacht op stimuli van eten richtten. Dit onderzoek toont aan dat (te veel) aandacht aan eten besteden een cognitief mechanisme zou kunnen zijn dat tot (over)eten leidt. Een interessante vraag is dan of het ook zo is dat mensen met overgewicht meer aandacht voor hoogcalorische lekkere voeding laten zien dan mensen met een gezond gewicht.

Een aantal studies wijst inderdaad uit dat mensen met overgewicht meer aandacht besteden aan (hoogcalorisch) voedsel dan mensen met een gezond gewicht. Een studie van Castellanos en collega’s toonde aan dat ernstig obese proefpersonen in verzadigde toestand inderdaad hun blik vaker eerst naar eten richtten dan naar een niet-eetbaar object, en ook langer bleven kijken naar eten, dan proefpersonen met een gezond gewicht. Als deelnemers in deze studie honger hadden, waren er geen verschillen te zien tussen proefpersonen met versus zonder overgewicht: iedereen besteedde dan relatief meer aandacht aan eten (2009,5). De resultaten van Nijs en collega’s wezen in dezelfde richting. Zij vonden dat een relatief vroeg aandachtsproces meer gericht was op eten in proefpersonen met obesitas in vergelijking met gezonde controle proefpersonen (2008,6). Ook in lijn met deze bevindingen ligt een onderzoek van Werthmann en collega’s, waarin werd aangetoond dat obese deelnemers vaker hun blik eerst op voedsel richtten, in vergelijking met proefpersonen met een gezond gewicht, maar vervolgens minder lang naar eten bleven kijken (2011,7). Deze studies laten dus allemaal zien dat relatief vroege aandachtsprocessen van mensen met obesitas meer op eten zijn gericht.

Complex plaatje
Een aantal studies is echter in strijd met dit idee. Zo vonden Loeber en collega’s geen verschillen in aandacht voor eten tussen mensen met obesitas versus mensen met een gezond gewicht (8). Bovendien is er zelfs een studie die een omgekeerd effect heeft gevonden (9). Het BMI van proefpersonen met grotendeels een gezond gewicht hing negatief samen met de aandacht voor hoogcalorisch eten. Dus, hoe zwaarder de proefpersoon was, hoe minder hij of zij keek naar eten.

Het plaatje is dus behoorlijk complex, en een deel van de verklaring voor deze complexiteit is dat onderzoeken verschillen in welke computertaak ze precies gebruiken, wat voor plaatjes ze precies lieten zien, welk type deelnemers ze includeerden, hoe ze aandacht operationaliseerden (oogbewegingen of indirecte maten gebaseerd op reactietijden van de proefpersoon), en of ze een relatief vroeg of laat aandachtsproces maten. Dit maakt het moeilijk een algemene conclusie uit de gepubliceerde studies te trekken. Maar, ook al is het plaatje complex, er lijkt dus wel wat evidentie te zijn dat “gebiaste” aandachtsprocessen een rol zouden kunnen spelen in de overconsumptie van hoogcalorische voeding. Als mensen willen afvallen, kan het een probleem zijn om veel aandacht aan eten in de omgeving te besteden. De aandacht voor eten zou dus verminderd moeten worden. Maar hoe zou je dat voor elkaar kunnen krijgen?

Positioneren voeding
Momenteel worden trainingen ontwikkeld om de aandacht voor eten te verminderen. Deze trainingen hebben de vorm van computertaken, eigenlijk een soort computerspelletjes. Tijdens dit type computertaken worden mensen getraind om weg te kijken van ongezond eten of om aandacht op gezond eten te richten. De eerste resultaten gaan in de verwachte richting: één trainingssessie leidde daadwerkelijk tot een reductie in (ongezonde) voedselinname (10,11,12,13). Echter, ook hier zijn negatieve bevindingen gerapporteerd, waarin geen trainingseffect werd gevonden (14).

Doordat de onderzoeken in laboratoria zijn uitgevoerd, is het niet mogelijk te bepalen hoe langdurig de effecten van dit soort trainingen zijn. Ook zijn in de meeste van deze studies uitsluitend mensen met een gezond gewicht getest. Er zijn dus nog geen uitspraken mogelijk over de effecten van dit soort aandachtstraining bij mensen met overgewicht of obesitas die willen afvallen. Daarvoor is meer onderzoek nodig. Op een maatschappelijk niveau zouden deze onderzoeksbevindingen aanleiding kunnen geven om de inrichting van onze leefomgeving te heroverwegen. Hierbij kan gedacht worden aan het minder opvallend positioneren van hoogcalorische lekkere voeding, en het juist aantrekkelijker positioneren van gezonde voeding.

Verminderen hedonisch eten
Samenvattend kan worden vastgesteld dat een gebiaste aandacht voor (hoogcalorisch) eten een psychologisch mechanisme kan zijn dat bijdraagt tot hedonisch eten, dus tot overeten zonder dat er een biologische behoefte is om te eten. In dit opzicht zou visuele aandacht een verklaring kunnen bieden hoe de leefomgeving voor sommigen invloed kan hebben op de regulatie van eetgedrag. Voorlopig empirisch bewijs duidt erop dat vooral eenj vroeg aandachtsproces voor eten gerelateerd kan zijn aan een verhoogd lichaamsgewicht, en dat het trainen om minder aandacht aan eten te besteden zou kunnen leiden tot een vermindering van hedonisch eten.

Referenties

  1. Centraal Bureau de Statistiek. “Gezondheid en zorg in cijfers 2013”. Centraal Bureau voor de Statistiek: Den Haag.
  2. Ravussin, E., & Bogardus, C. (2000). Energy balance and weight regulation: genetics versus environment. British Journal of Nutrition, 83 (S1), S17-S20.
  3. Werthmann, J., Roefs, A., Nederkoorn, C., & Jansen, A. (2013). Desire lies in the eyes: Attention bias for chocolate is related to craving and self-endorsed eating permission. Appetite, 1(13), 00313-00319.
  4. Werthmann, J., Renner, F., Roefs, A., Huibers, M. J. H., Plumanns, L., Krott, N., & Jansen, A. (2014). Looking at food in sad mood: Do attention biases lead emotional eaters into overeating after a negative mood induction? Eating Behaviors, 15(2), 230-236. doi: http://dx.doi.org/10.1016/j.eatbeh.2014.02.001
  5. Castellanos, E. H., Charboneau, E., Dietrich, M. S., Park, S., Bradley, B. P., Mogg, K., & Cowan, R. L. (2009). Obese adults have visual attention bias for food cue images: evidence for altered reward system function. [Article]. International Journal of Obesity, 33(9), 1063-1073. doi: 10.1038/ijo.2009.138
  6. Nijs, I. M. T., Franken, I. H., & Muris, P. (2008). Food cue-elicited brain potentials in obese and healthy-weight individuals. Eat Behav, 9(4), 462-470.
  7. Werthmann, J., Roefs, A., Nederkoorn, C., Mogg, K., Bradley, B. P., & Jansen, A. (2011). Can(not) take my eyes off it: Attention bias for food in overweight participants. Health Psychology, 30, 561-569. doi: 10.1037/a0024291
  8. Loeber, S., Grosshans, M., Korucuoglu, O., Vollmert, C., Vollstadt-Klein, S., Schneider, S., . . . Kiefer, F. (2012). Impairment of inhibitory control in response to food-associated cues and attentional bias of obese participants and normal-weight controls. Int J Obes, 36(10), 1334-1339.
  9. Nummenmaa, L., Hietanen, J. K., Calvo, M. G., & Hyona, J. (2011). Food catches the eye but not for everyone: a BMI-contingent attentional bias in rapid detection of nutriments. PLoS One, 6(5), 16.
  10. Boutelle, K. N., Kuckertz, J. M., Carlson, J., & Amir, N. (2014). A pilot study evaluating a one-session attention modification training to decrease overeating in obese children. Appetite, 8, 180-185.
  11. Kakoschke, N., Kemps, E., & Tiggemann, M. (2014). Attentional bias modification encourages healthy eating. Eat Behav, 15(1), 120-124.
  12. Kemps, E., Tiggemann, M., Orr, J., & Grear, J. (2014). Attentional retraining can reduce chocolate consumption. J Exp Psychol Appl, 20(1), 94-102.
  13. Werthmann, J., Field, M., Roefs, A., Nederkoorn, C., & Jansen, A. (2013). Attention bias for chocolate increases chocolate consumption – An attention bias modification study. J Behav Ther Exp Psychiatry, 45(1), 136-143.
  14. Hardman, C. A., Rogers, P. J., Etchells, K. A., Houstoun, K. V. E., & Munafò, M. R. (2013). The effects of food-related attentional bias training on appetite and food intake. Appetite, 71(0), 295-300. doi: http://dx.doi.org/10.1016/j.appet.2013.08.021


Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 7/8 van juli/augustus 2014 op bladzijde 16

Reageer op dit artikel