artikel

‘Het draait om de energiebalans’ *

Voeding en gedrag

‘Het draait om de energiebalans’ *

’s Avonds na achten verbrand je niets meer … Van koud eten val je af … Je gaat pas vet verbanden als je twintig minuten hebt gesport … Bananen maken je dik … Vier van de 77 fabels die Hans Kraak, hoofdredacteur van Voeding Nu, in zijn nieuwe boek ‘77 fabels en feiten over afvallen’ behandelt.

De veelgehoorde fabels en feiten in het boek over afvallen zijn uit de praktijk gegrepen. Letterlijk, want een diëtiste uit de redactieadviesraad van Voeding Nu en de voorzitter van de beroepsvereniging van gewichtsconsulenten gaven input voor het boek. Hans Kraak legde er een wetenschappelijke meetlat naast, tekende zijn bevindingen op en liet deze vervolgens screenen door een groep wetenschappers uit de kring van Voeding Nu. Uiteindelijk leverde dit een prettig leesbaar boek op.
Het boek is een vervolg op 77 fabels en feiten over onze voeding, dat vorig jaar verscheen, maar in dit nieuwe deel wordt ingezoomd op feiten en fabels rond een gezond gewicht. ‘Net als bij voeding in het algemeen, doen er over afvallen veel fabels de ronde en wordt er veel onderzoek naar gedaan’, zegt Kraak. ‘Een gezond gewicht is niet alleen gerelateerd aan lichamelijke en mentale processen, er spelen zelfs maatschappelijke aspecten een rol. Afvallen is complex, geen eenvoudige kwestie van “als A dan B”, hoewel een gezond gewicht meestal draait om de juiste energiebalans.’

Kraak gaat in op de mechanismen die schuilgaan achter vermageringsmethoden en bespreekt verschillende diëten. Ook worden voedingsmiddelen en ingrediënten genoemd die een rol spelen bij afvallen. Wat werkt wel of niet? Een apart hoofdstuk behandelt de rol van beweging en gedrag. Kraak: ‘Het boek geeft een overzicht van veel afvalmethoden, afvalmechanismen, en hun al dan niet gemeten effectiviteit. Het is geen zelfhulp- of dieetboek of stappenplan. Het gaat om een informatief overzicht waarmee lezers, hoop ik, beter een keuze kunnen maken op welke manier zij actie willen ondernemen. Of dat ze inzicht krijgen in de mechanismen van methoden die zij al eens geprobeerd hebben. Wellicht leidt dat tot het inzicht waarom iets niet werkte en wellicht iets anders wel kan aanslaan.’

De voornaamste reden om het boek te schrijven zijn de vele fabels die over gewicht en afvallen de ronde doen. ‘Veel mensen vinden hun gezondheid belangrijk’, licht Kraak toe. ‘Als mensen te dik of te zwaar zijn, gaat dit vaak ten koste van hun gezondheid. Het is een belangrijke reden om af te vallen. Wanneer je te zwaar bent is gezondheidswinst al te bereiken door zo’n vijf á tien procent gewichtsverlies. Daarnaast is er denk ik ook een esthetisch aspect dat velen aanzet iets met hun gewicht te doen. Mensen willen er goed uitzien. Het beeld is in onze maatschappij, of je dat nu wel of niet terecht vindt, dat mensen vaak meer gewaardeerd worden als ze niet te dik zijn. En veel mensen vinden het zelf ook prettig om niet te dik te zijn.’

Variaties op een thema
Volgens Kraak verschijnen er weinig echt nieuwe afvalmethoden of diëten. Iets wat nieuw lijkt, is meestal een variatie op een thema, zoals diëten die relatief veel eiwit bevatten en koolhydraat- of vetarm zijn. Wat het thema ook is, meestal draait het om het bereiken van een negatieve energiebalans. ‘Studies die een effect laten zien op het gewicht, bijvoorbeeld van een voedingspatroon zoals het mediterrane, zijn vrijwel allemaal studies waarin ook geëxperimenteerd is met energiereductie. Als je je daar steevast aan houdt, dan val je af. Afvallen is echter een complex geheel waarbij het lichaam, de fysieke gesteldheid, de geest en de levensstijl een belangrijke rol spelen. Alle onderdelen moet je bij elkaar pakken, je kunt het niet
alleen tot voeding of lichaamsbeweging reduceren. Hierom is het lastig te zeggen: “Van deze methode of dit ingrediënt, val je (blijvend) af en hiervan niet”. Uiteindelijk komt het erop aan dat je minder energie inneemt dan je verbruikt. Het is geen schokkende openbaring, wel belangrijk om in de gaten te houden als je wilt afvallen.’

Calorieën tellen
Als je kijkt naar feit/fabel nummer 5 in het boek: Minder calorieën eten betekent honger lijden, is dat toch enigszins ontgoochelend. Kraak legt uit dat dit weliswaar klopt, maar dat er veel manieren zijn om met je voeding om te gaan. ‘Als jij één dag veel minder calorieën inneemt dan je gewend bent, zul je hongergevoelens krijgen, dat is normaal. Als je over een langere periode geleidelijk minder calorieën inneemt, zul je waarschijnlijk minder honger hebben. De meeste voorlichtende instanties raden dan ook aan je voedingspatroon geleidelijk te veranderen, waardoor je ook de kans op honger verkleint. Ik heb in het boek een fabel beschreven over maaltijden overslaan. Toen ik met het boek bezig was, heb ik regelmatig een maaltijd overgeslagen om te kijken wat het met me deed. Ik merkte dat als ik mijn lunch oversloeg, aan het einde van de middag ontzettende trek kreeg. Als ik tegen de tijd dat ik mijn avondmaaltijd ging eten, al eten binnen handbereik had, een snack bijvoorbeeld, dan was mijn wilskracht niet sterk genoeg om eten tegen te gaan. Maaltijden overslaan zullen voor mij geen succes zijn, al had ik met het overslaan van een ontbijt minder moeite. Theoretisch lukt het om op deze manier gewicht te verliezen, maar dan moet je erg streng voor jezelf zijn. En de vraag is of je voldoende voedingsstoffen binnenkrijgt. Ik zou dit als methode niet aanraden.’

Diaita
Kraak benadrukt dat afvallen heel persoonlijk is. ‘Wellicht zijn er personen waarvoor een methode zeer goed werkt en voor de ander totaal niet. Je moet voor jezelf uitmaken wat voor jou het beste werkt. Dat is op voorhand lastig te bepalen.’ Volgens hem is de persoonlijke relatie die iemand met voeding heeft relevant is voor het keuzegedrag. ‘Je kunt over je voeding onverschillig zijn, je kunt er zelfs ‘bang’ voor zijn, wat ertoe leidt dat je veel producten niet meer wilt eten, maar je kunt er ook nauw betrokken bij zijn. Ik denk dat de laatste groep het grootst is. Deze groep beseft dat de keuze bij henzelf ligt. En dat is precies wat het Griekse woord “diaita” zegt, waarvan ons woord dieet is afgeleid. Het staat voor een levenswijze die berust op de keuze van het “ik”. Het gaat uiteindelijk om welke keuzes jij zelf maakt. Dat kan ook een bewuste keuze voor het ongezonde zijn, maar de trend is dat er meer mensen voor gezond kiezen. En het zou helpen als de omgeving daar ook aan bijdraagt. Ik hoop dat mijn boek die informatie biedt die een gezonde keuze makkelijker maakt.’

Kader: Een feit en fabel uitgelicht
Feit of fabel? Als je te dik bent, heb je levenslang
… Het lichaam van mensen die afgevallen zijn hebben minder energie nodig dan toen het nog dik was. Wie afgevallen is, kan nooit meer zoveel eten als hij of zij gewend was.

Feit. ‘Ja helaas klopt dit. Als iemand is afgevallen, op wat voor manier dan ook, kan diegene nooit meer terug naar het oude dieet. Mensen zijn een bepaald voedingspatroon gewend en daar moeten ze vaak afscheid van nemen. Als dit geleidelijk gaat is dit veel makkelijker, maar het is wel iets dat moet gebeuren wil je op gewicht blijven.’

Feit of fabel: Van noten word je dik
De onderzoekers vonden een lichte daling in lichaamsgewicht bij een voeding met noten.

Fabel. ‘Ik dacht eerst dat je vast wel zou aankomen als je veel noten zou eten, aangezien het caloriebommetjes zijn. Toch tonen meerdere gedegen onderzoeken aan dat mensen die noten eten niet zwaarder worden. Dat verbaasde mij.’

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 12 van december 2015 op bladzijde 20

Reageer op dit artikel