artikel

Zwolle de gezonde stad *

Voedingsbeleid

Zwolle de gezonde stad *

De gemeente Zwolle wil integraal en duurzaam werken aan preventie en aanpak van overgewicht. Enkele jaren geleden is hiervoor door een aantal partners het programma De Gezonde Stad Zwolle begonnen, overeenkomstig met het succesvolle EPODE-project. Het is niet de verwachting dat hiermee binnen een paar jaar de problemen rond obesitas zijn opgelost. De verwachting is echter wel dat er in de komende decennia in Zwolle een minder snelle stijging van obesitas te zien zal zijn dan elders in Europa.

In 2005 is het Onderzoekscentrum Preventie Overgewicht Zwolle (OPOZ) opgericht om praktijkgerichte kennis te ontwikkelen over de preventie en behandeling van overgewicht en obesitas. Dat gebeurde op initiatief van de Vrije Universiteit Amsterdam/VU Medisch Centrum en de Christelijke Hogeschool Windesheim in samenwerking met gezondheidsprofessionals in de regio Zwolle. Zo is de GGD regio IJssel-Vecht vanaf het begin af aan bij het project betrokken. Los daarvan waren organisaties als MCC Klik (Medisch Coördinatie Centrum) en Sportservice Zwolle al bezig met het afstemmen van zorg en het opzetten van programma’s ter bevordering van gezond gedrag. De samenwerking resulteerde in het actieprogramma Samen Gezond! van de GGD regio IJssel-Vecht. Hierin komen preventieactiviteiten in twee hoogrisicowijken samen. Inmiddels zijn nog vier mijlpalen te noemen voor de ontwikkeling van de Gezonde Stad Zwolle: ChecKid; Lectoraat De Gezonde stad; Academische Thuiszorgwerkplaats Overgewicht; en de EPODE-aanpak in Zwolle.

ChecKid
In 2006 heeft negentig  procent van alle basisscholen in Zwolle meegedaan aan het monitoringsonderzoek ChecKid. Van de kinderen zijn lengte, gewicht en buikomvang gemeten. Ook is er een uitgebreide vragenlijst de ronde gegaan over voeding, lichamelijke activiteit en inactiviteit en de determinanten ervan. Met de gegevens kan bestudeerd worden waar in Zwolle overgewicht het meest voorkomt en waar welke risicogedragingen en oorzaken een rol spelen. In november van dit jaar en in 2012 zal ChecKid herhaald worden, om te zien hoe veranderingen plaatsvinden en hoe die veranderingen invloed hebben op het lichaamsgewicht of de buikomvang.

Lectoraat De gezond Stad
De inbedding van programmaonderdelen in de (zorg)praktijk en het onderwijs kreeg een sterke impuls met de komst van het Lectoraat De gezonde Stad aan Hogeschool Windesheim. Een lectoraat richt zich behalve op onderwijsvernieuwing, kenniscirculatie en betrokkenheid van de praktijk ook op onderzoek.  Via het lectoraat wordt een schat van kennis en ervaring in het programma binnengebracht, ondermeer vanuit het NIGZ, het KennisCentrum Overgewicht van het VUmc, TNO Kwaliteit van Leven en de Academische Thuiszorg Werkplaats.

Academische Thuiszorg Werkplaats Overgewicht
Eind 2007 kreeg Stichting Thuiszorg Icare een uitnodiging van ZON-MW, de organisatie die onder meer preventiesubsidies verstrekt, om een Academische Thuiszorg Werkplaats op te zetten. Samen met vertegenwoordigers van OPOZ en een netwerk van onder andere diëtisten, fysiotherapeuten huisartsen, jeugd- en kinderartsen, welzijnsorganisaties, kinderdagverblijven en een consultatiebureau voor ouderen, wordt nu een opzet gemaakt voor een ketenzorg rond overgewicht binnen de regio. Doelstelling is het ontwikkelen van een model waarin verschillende interventies en doorverwijsmogelijkheden gebundeld worden, waarin duidelijk is wie voor welke zorg in aanmerking komt, hoe monitoring dient plaats te vinden en welke randvoorwaarden in orde dienen te zijn voor het bestaan van een goed functionerende keten. De Academische Thuiszorgwerkplaats Overgewicht richt zich met name op kinderen en ouderen.

EPODE-aanpak
In 2008 is de Zwolse wethouder voor Volkgezondheid Erik Dannenberg enthousiast  geworden voor een integraal gezondheidsbeleid in zijn stad na een bezoek aan een tweedaagse bijeenkomst voor politici over het Franse EPODE-project (Ensemble, prevenons l’obesite des enfants). Dannenberg ziet het belang en de kansen van de effectieve EPODE-aanpak en herkent daarbij veel elementen in de Zwolse aanpak. Gezien het integrale karakter van de EPODE-aanpak geeft hij aan dat ook zijn collega wethouders mee zouden moeten doen. In mei heeft de Gemeente Zwolle dan ook besloten een kwartiermaker aan te stellen om de EPODE-aanpak in Zwolle daadwerkelijk op poten te zetten. Zwolle wil de eerste stad van Nederland worden waar deze aanpak op maat wordt uitgewerkt, wat gebeurt in het kader van OPOZ in relatie met de EPODE-organisatie.

SWOT-analyse
Voor de het programma De Gezonde Stad Zwolle is een zogeheten Swot-analyse uitgevoerd, waarbij de sterke en zwakke kanten (strengths and weakness), de bedreigingen (treaths) en mogelijkheden (opportunities) in kaart zijn gebracht.

Strengths. Deze staan hierboven beschreven. Ze komen erop neer dat vertegenwoordigers van onderzoek, praktijk en beleid samenwerken, vanaf de tekentafel tot de implementatie en de evaluatie. Ander sterk punt is dat de aanpak niet alleen dient voor de strijd tegen overgewicht en obesitas, maar ook ingaat op een gezond leven, van wieg tot oude dag.

Weaknesses. Deze hebben vooral betrekking op expertise en de financiën. Uiteindelijk zal de zorg efficiënter zijn, maar investeringen zijn nodig om de nieuwe, gezonde aanpak zowel praktijkgericht als evidence-based goed te laten verlopen. Vraag is of de professional van vandaag wel goed is opgeleid voor een integrale aanpak en of dat preventie wel voldoende aan bod komt in bijvoorbeeld de medische gerichte opleidingen. Onderzoekers zijn vaak niet opgeleid om praktijkgericht te werk te gaan. Bovendien schieten de klassieke evaluatiemodellen uit de medische wetenschap te kort.

Opportunities. Samenbrengen van verschillende expertises binnen de integrale aanpak zal niet alleen leiden tot betere preventie en zorg, maar ook tot vernieuwende inzichten bij professionals, beleidsmakers  en onderzoekers, wat uiteindelijk zal leiden tot een nog groter werkplezier in de gezonde stad. Effecten zullen zich niet alleen weerspiegelen in het percentage overgewicht, maar ook bijvoorbeeld in een beter vestigingsklimaat voor particulieren en bedrijven. Dat biedt mogelijkheden voor samenwerking tussen de publieke en private sector. Een nieuwe opleiding in Zwolle, het Windesheim Honours College, zal binnen de studierichting Health en Community Studies professionals gaan opleiden die goed zijn in het organiseren van nieuwe aanpakken, het bijeenbrengen van verschillende professionals en het bij elkaar brengen van praktijk en onderzoek.

Threats. De factor tijd. De gezonde aanpak in Zwolle staat volop in de belangstelling. Zelfs de Nota Overgewicht van minister Klink besteedt er aandacht aan (zie kader). Maar, we moeten ons goed realiseren dat we pas aan het begin staan van een veelbelovende ontwikkeling. Het zal niet zo zijn dat we binnen een paar jaar het probleem van obesitas hebben opgelost. Vergeleken met de succesvolle behandeling van chronische ziekten als hart- en vaatziekten, diabetes en kanker, die gebaseerd is op vele jaren van onderzoek en klinische praktijk, staat de aanpak van gezond gedrag nog maar in de kinderschoenen. Wel zullen we in Zwolle de komende tien tot twintig jaar een minder snelle stijging in obesitas zien dan elders in Europa.

Zwolle lijkt klaar voor de klus. Belangijk daarbij is dat de partners in Zwolle hetzelfde beeld op het netvlies hebben: integraal, praktijkgericht en evidence-based op weg naar een gezonde stad, misschien zelfs wel de gezondste stad. Om af te sluiten met de titel van de inaugurele rede van lector Joop ten Dam: ‘De Gezonde Stad is drie keer beter: we leven beter, we wonen beter, en we zorgen beter’.

Bronnen
Nota Overgewicht. Uit balans: de last van overgewicht, Ministerie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport, maart 2009
Ten Dam J. De gezonde Stad, driemaal beter: leeft beter, woont beter, worgt beter. Zwolle 2009.
CBO. CBO richtlijn voor behandeling obesitas. Utrecht: CBO, 2008.
Visscher TLS, Kremers SPJ & Kromhout D voor de NHS-NRG groep. Preventie van gewichtsstijging en richtlijnen voor gewichtsbeheersing.
Nederlandse Hartstichting, Den Haag, 2007.
Baak van MA, Visscher TLS. Public health success in recent decades may be in danger if lifestyles of the elderly are neglected. Am J Clin Nutr 2006;84:1257-8.
Swinburn B, Gill T, Kumanyika S. Obesity prevention: a proposed framework for translating evidence into action.
Obesity Reviews 2005;6:23-33.
Bulk-Bunschoten AMW, Renders CM, van Leerdam FJM, Hirasing RA. Overbruggingsplan voor kinderen met overgewicht. Amsterdam: VUmc, 2005.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 7/8 van juli/augustus 2009 op bladzijde 26

Reageer op dit artikel