artikel

De veiligheid van E-nummers *

Voedingsbeleid

De veiligheid van E-nummers *

Additieven zijn toevoegingen aan voedingsmiddelen die bepaalde eigenschappen, zoals uiterlijk, kwaliteit en houdbaarheid verbeteren of behouden. Het zijn stoffen met of zonder voedingswaarde die op zichzelf geen voedingsmiddel zijn. Voorbeelden zijn kleurstoffen, smaakversterkers en conserveermiddelen. Additieven worden pas toegelaten als de hoeveelheid die nodig is om effectief te zijn, geen risico voor de gezondheid oplevert. Een additief dat gegarandeerd veilig is bij toegestaan gebruik, krijgt een E-nummer.

De European Food Safety Authority (EFSA) toetst de veiligheid van additieven. Dat doen ze door eerst de ADI (aanvaardbare dagelijkse inname) vast te stellen. Vervolgens kijken ze of mensen de ADI kunnen overschrijden bij een normaal (en liefhebbers)gebruik van voedingsmiddelen. Als de ADI niet wordt bereikt, dan krijgt de stof een E-nummer.

Additieven krijgen alleen maar een E-nummer indien aan deze voorwaarden is voldaan.

  • Er is voldoende technische noodzaak voor het gebruik aangetoond.
  • Het nagestreefde doel kan niet met andere economische en technische methoden worden bereikt.
  • De voorgestelde hoeveelheden zijn geen gevaar voor de gezondheid.
  • Het gebruik ervan misleidt de consument niet.


Toch maken veel mensen zich zorgen over bepaalde E-nummers. In de openbare factsheet bijgevoegd bij deze Voeding Nu wordt uitgelegd hoe een additief wordt toegelaten en komen de meest bediscussieerde E-nummers aan bod zoals de intensieve zoetstoffen (aspartaam en cyclamaat) en de smaakversterker glutamaat.

Cyclamaat: intrekken advies
Tot nu gaf het Voedingscentrum de volgende voorzorgsadviezen met betrekking tot cyclamaat: ‘Kinderen onder de 4 jaar wordt aangeraden niet meer dan 2 glazen light-frisdrank te drinken, of andere light-producten met cyclamaat te nemen. Kinderen tussen de 4 en 8 jaar wordt aangeraden niet meer dan 3 glazen per dag (0,7 liter) te nemen.’ Deze adviezen waren gebaseerd op een onderzoek uit 2004 van de NVWA. Hieruit bleek dat met de toenmalige toegestane hoeveelheden cyclamaat in frisdranken en limonadesiroop ADI-overschrijdingen bij kleine kinderen konden plaatsvinden (1).

In januari 2004 is er een nieuwe en strengere norm voor cyclamaat (250 mg/liter) van kracht geworden. Uit een advies van de NVWA in 2009 bleek dat er met de strengere norm geen overschrijdingen meer plaatsvinden van de ADI voor cyclamaat bij kinderen. De inname van cyclamaat lag op 56% van de ADI (2). Dit betekent dat het Voedingscentrum bovenstaande adviezen m.b.t. cyclamaat intrekt.

Uit voorstaande blijkt het succes van de Europese aanpak als het gaat om het E-nummerbeleid. Als er voortschrijdende inzichten zijn, dan worden toelating en/of normen aangepast.

Aspartaam
Wellicht het meest bediscussieerde additief is de intensieve zoetstof aspartaam (E951). Het is een methylester van twee aminozuren (asparaginezuur en fenylalanine) en in duizenden producten verwerkt. Uit voedselconsumptiepeilingen blijkt dat voor alle consumenten de inname onder de ADI van 40 mg/kg lichaamsgewicht blijft. Na inname wordt aspartaam omgezet in de aminozuren fenylalanine en asparaginezuur, met als bijproduct methanol. Bij een inname onder de ADI komen de niveaus van fenylalanine en asparaginezuur niet op hogere niveaus dan die na een maaltijd waarin ook eiwitten zitten. Dierstudies laten geen schadelijke effecten zien ten gevolge van aspartaam bij toedieningen tot zeer hoge (4.000 mg/kg lichaamsgewicht) doseringen.

December 2013 publiceerde EFSA de meest uitgebreide veiligheidsevaluatie ooit. In deze opinie staan alle relevante onderzoeken die met de stof zijn uitgevoerd. Alle studies zijn toegelicht en gewogen. Voor een ieder die meer wil eten over aspartaam en methanol, obesitas, carcinogeniteit of hoofdpijn verwijst het Voedingscentrum naar dit EFSA-rapport.

EFSA concludeert: er zijn geen zorgen over de veiligheid van aspartaam bij consumptie beneden de vastgestelde ADI van 40 mg/kg lichaamsgewicht (3).

Referenties

  1. http://www.vwa.nl/onderwerpen/wet-en-regelgeving/dossier/warenwetbesluit-zoetstoffen/nieuwsoverzicht/nieuwsbericht/10151/kunstmatige-zoetstoffen-voor-jonge-kinderen-beperken
  2. VWA/ Bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering. Advies inzake kinderen en de inname van kunstmatige zoetstoffen. VWA/BuR/2009/36222
  3. EFSA Journal 2013;11(12):3496 [263 pp.].

 
Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 1/2 van januari/februari 2014 op bladzijde 26

Reageer op dit artikel