artikel

Aanbevelingen voor vitamines, mineralen en spoorelementen *

Voedingsbeleid

Aanbevelingen voor vitamines, mineralen en spoorelementen *

Het Voedingscentrum geeft aanbevelingen voor de hoeveelheid vitamines, mineralen en spoorelementen die mensen dagelijks nodig hebben. Deze microvoedingsstoffen zijn onmisbaar voor de groei, het onderhoud en een goede werking van het lichaam. Een voldoende inname is essentieel voor het behoud van een goede gezondheid en voor het voorkomen van chronische ziekten.

Er zijn voedingsnormen vastgesteld voor de hoeveelheid microvoedingsstoffen die gezonde mensen nodig hebben om gezond te blijven. Deze voedingsnormen worden gegeven als aanbevolen hoeveelheden of adequate inname. Om te voorkomen dat er te veel voedingsstoffen worden ingenomen, is voor bepaalde microvoedingsstoffen een aanvaardbare bovengrens vastgesteld. Dit is de hoogste inname waarbij geen schadelijke gezondheidseffecten te verwachten zijn, bij langdurige blootstelling.

Verouderde normen
De Gezondheidsraad is verantwoordelijk voor het vaststellen van de voedingsnormen in Nederland. Op dit moment is een deel van de Nederlandse voedingsnormen verouderd en aan herziening toe. Het gaat hier om de voedingsnormen die vóór 2000 zijn vastgesteld en gepubliceerd. Deze normen zijn gebaseerd op het voorkomen van deficiënties en het normaal laten lopen van het metabolisme. De preventie van chronische ziekten is hierin niet meegenomen. Dit laatste is van belang bij het afleiden van normen, omdat er mogelijk een verband bestaat tussen de inname van bepaalde (micro)voedingsstoffen en het ontstaan van chronische ziekten. De Nederlandse normen vanaf 2000 houden hier wel rekening mee. Daarnaast bestaat voor een deel van de microvoedingsstoffen nog geen Nederlandse norm. De Gezondheidsraad zal de komende jaren op basis van nieuwe normen van de Europese Voedselveiligheid Autoriteit (EFSA) de nieuwe Nederlandse voedingsnormen vaststellen. Tot die tijd zullen voor een aantal microvoedingsstoffen buitenlandse voedingsnormen worden gebruikt.

Welke normen gebruikt het Voedingscentrum?
Er zijn verschillende buitenlandse normen die preventie van chronische ziektes hebben meegewogen bij het afleiden van de normen, zoals de Scandinavische Nordic Council en het Amerikaanse Institute of Medicine.  Van oorsprong hanteert het Voedingscentrum de voedingsnormen van de Gezondheidsraad. De Gezondheidsraad adviseert, totdat de EFSA-normen zijn geëvalueerd en geïmplementeerd, de volgende prioritering in het gebruik van voedingsnormen voor microvoedingsstoffen:

  1. De voedingsnormen van de Gezondheidsraad vanaf het jaar 2000. Dit zijn de normen voor vitamine D, thiamine (B1), riboflavine (B2), niacine (B3), pantotheenzuur (B5), vitamine B6 (pyridoxine), foliumzuur (B11), vitamine B12 (cobalamine) en calcium.
  2. De Scandinavische normen voor de verouderde en afwezige Nederlandse voedingsnormen. Het gaat om vitamine A, vitamine C, vitamine E, fosfor, magnesium, ijzer, zink, koper, selenium, kalium en jodium. Deze normen zijn recent volledig afgeleid, transparant en sluiten wat betreft methodologie goed aan bij de Nederlandse.
  3. De recent vastgestelde voedingsnormen van de EFSA wanneer er geen Scandinavische normen beschikbaar zijn. Het gaat om mangaan, molybdeen, fluor en biotine (voor leeftijdsgroepen van ouder dan 6 maanden). Dit omdat recente Europese normen de voorkeur verdienen boven de Amerikaanse.
  4. De voedingsnormen van het Amerikaanse Institute of Medicine als de EFSA nog geen norm heeft vastgesteld. Dit zijn de normen voor vitamine K (voor de leeftijdsgroepen van ouder dan 3 maanden) en chroom.

Voor de aanvaardbare bovengrens gebruikt het Voedingscentrum de normen van de EFSA. De EFSA heeft de aanvaardbare bovengrenzen het meest recent geëvalueerd, en die evaluatie is leidend voor het Nederlandse beleid.

De factsheet die is bijgesloten bij deze Voeding Nu geeft het overzicht van de aanbevelingen en aanvaardbare bovengrenzen voor vitamines, mineralen en spoorelementen die het Voedingscentrum gebruikt.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 3/4 van maart/april 2014 op bladzijde 25

Reageer op dit artikel