artikel

Adviezen nitraat en nitraatrijke groente herzien *

Voedingsbeleid

Adviezen nitraat en nitraatrijke groente herzien *

Het Voedingscentrum herziet zijn adviezen over de inname van nitraatrijke groente. Nitraat is lang vooral als een toxische stof beschouwd. Op basis van een advies van bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA)*(1), komen de volgende voorzorgsadviezen van het Voedingscentrum te vervallen: 1. eet niet vaker dan twee keer per week nitraatrijke groente en 2. combineer nitraatrijke groente liever niet met vis.

Groenten en drinkwater zijn belangrijke bronnen van nitraat. Van de inname van nitraat in Nederland komt 50-85% uit groente en 7-9% uit drinkwater (2). Nitraatrijke groenten zijn voornamelijk bladgroenten zoals spinazie en sla. Het nitraatgehalte van deze groente kan verder stijgen door gebruik van een grote hoeveelheid (kunst)mest of weinig zonlicht tijdens de groei. Voor diepvriesgroente en potjes babyvoeding wordt meestal gekozen voor nitraatarme rassen. Voor het invriezen wordt spinazie snel geblancheerd en vervolgens gekoeld. Dit proces leidt tot minimale of geen nitrietvorming.

Oude adviezen
Nitraat is lang vooral als toxische stof beschouwd en heeft een toxicologische innamenorm (ADI, aanvaardbare dagelijkse inname) van 3,7 mg/kg lichaamsgewicht. De ADI is de maximale hoeveelheid van een stof die iemand levenslang dagelijks binnen kan krijgen zonder dat dit schadelijke effecten heeft op de gezondheid. Kortom, bij inname van een stof boven de ADI kan de veiligheid van deze niet worden gegarandeerd. Aan de andere kant zullen kleine ADI-overschrijdingen ook weer niet direct tot gezondheidsrisico’s leiden, omdat er grote veiligheidsmarges in de vertaling van toxicologisch onderzoek naar de normen zijn ingebouwd.

Met de consumptie van twee porties nitraatrijke groente per week, kan de ADI al overschreden worden (2,3,4). Om onnodige ADI-overschrijdingen te voorkomen en omdat het in lijn ligt met het advies gevarieerd te eten, hanteerde het Voedingscentrum tot oktober 2014 het voorzorgsadvies: “Eet niet vaker dan twee keer per week nitraatrijke groente”. Daarnaast is uit onderzoek van Universiteit Maastricht en TNO gebleken dat nitriet, dat in het lichaam deels uit nitraat wordt gevormd (afbeelding 1), in de zure maaginhoud samen met vis kleine hoeveelheden kankerverwekkende nitrosamines kan vormen. Omdat dit een klein, maar simpel te vermijden risico is, hanteerde het Voedingscentrum tot nu het voorzorgsadvies: “Combineer vis liever met nitraatarme groenten” (5).

Risico’s en voordelen van nitraatrijke groente
Bij een beoordeling van de gezondheidsrisico’s en voordelen van nitraatrijke groente concludeerde de Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) dat het onwaarschijnlijk is dat de blootstelling aan nitraat via groenten zal leiden tot gezondheidsrisico’s. EFSA geeft dan ook aan dat in de voedingsvoorlichting het stimuleren van de consumptie van groenten moet prevaleren boven de risicocommunicatie van nitraat (6). Vanaf oktober 2014 vervalt daarom het advies van het Voedingscentrum om niet vaker dan twee keer per week nitraatrijke groente te eten. Wel geeft EFSA een paar voorbehouden aan in haar overwegingen: die gelden bijvoorbeeld bij (zeer) ongunstige teeltomstandigheden en voor mensen die veel rucola eten. Dit verdient nog wetenschappelijke aandacht.

Combinatie van nitraatrijke groente en vis
Nitrosamines (N-nitrosoverbindingen) zijn door het International Agency for Research on Cancer (IARC) ingedeeld als ‘waarschijnlijk kankerverwekkend voor de mens’ (Groep 2A). Een nitraatrijke maaltijd kan resulteren in een significante toename van nitrosamines in de urine (7). In het maag-darmmodel van TNO bleek uit onderzoek in 2004 (8) dat vooral de combinatie van nitriet met vis voor de vorming van nitrosamines kan zorgen. Voor de vorming van nitriet uit nitraat, zie afbeelding 1. Op basis van de toen beschikbare informatie adviseerde het Voedingscentrum om uit voorzorg nitraatrijke groente liever niet te combineren met vis. RIVM heeft later op basis van de resultaten van het maag-darmmodel van TNO een risicoanalyse uitgevoerd en concludeerde dat de lange- en korte termijnrisico’s van in het lichaam gevormde nitrosamines voor de Nederlandse bevolking een verwaarloosbaar risico oplevert (9). Dit betekent dat het voorzorgsadvies van het Voedingscentrum om liever niet nitraatrijke groente te combineren met vis, vervalt.

Nitriet
Nitraat kan in het lichaam worden omgezet in nitriet (afbeelding 1) middels het nitraat-nitriet-stikstofoxide-pad (afbeelding 1). Ongeveer 4-8% van het opgenomen nitraat wordt in de mondholte door bacteriën omgezet in nitriet (6). Nitriet kan vervolgens in verschillende organen en weefsels worden omgezet in stikstofmonoxide (NO). NO heeft een belangrijke signaalfunctie voor verschillende fysiologische processen in het lichaam. Bepaalde positieve gezondheidseffecten van groente zouden hieraan kunnen zijn gerelateerd (11).

Methemoglobinemie: blauwe baby’s
Methemoglobinemie is een aandoening die vooral bij baby’s voorkomt. De aandoening kan ontstaan door opname van nitraat en/of nitriet via voedsel of drinkwater of als gevolg van enteritis (darmontsteking). In het bloed reageert nitriet met ijzer. Dit bemoeilijkt het zuurstoftransport, waardoor verstikkingsgevaar dreigt. Klinische symptomen kunnen optreden als 3% of meer van het hemoglobine in de vorm van methemoglobine is. Vijftig procent methemoglobine kan dodelijk zijn (12). Methemoglobinemie komt in West-Europa bijna niet meer voor. De enige risicobron voor methemoglobinemie is wanneer water uit privébronnen dat door bemesting van omliggende velden hoge concentraties nitraat kan bevatten, wordt gebruikt voor flesvoeding. Om deze reden wordt het ontraden om water uit privébronnen te gebruiken voor flessenvoeding.

Bietensap(concentraat)
Een nieuwe trend, voornamelijk onder sporters, is het drinken van nitraatrijk bietensap of concentraten daarvan. Zij drinken dit omdat ze verwachten door de hoge nitraatinname betere (duur)prestaties te krijgen (5). Na consumptie van een nitraatrijke voeding stijgen de nitraat- en nitrietconcentraties in het bloed nauwelijks. Echter, na consumptie van bietensap, dat veel meer nitraat bevat, stijgen de nitraat- en nitrietconcentraties in het bloed significant (13). Dit is weergegeven in afbeelding 2. De toename van nitriet in het bloed zorgt voor meer stikstofmonoxide (NO)-vorming. Dit zou de verklaring kunnen zijn van het mogelijke prestatiebevorderende effect van bietensap en nitraatrijke supplementen (5).

Of de inname van bietensap leidt tot betere sportprestaties is niet eenduidig bewezen. Er zijn ook geen goedgekeurde gezondheidsclaims voor nitraatrijke supplementen. Als het gaat om de waardering van gezondheidseffecten van voeding(supplementen) volgt het Voedingscentrum de beoordelingen van EFSA. In Europa geldt de gezondheidsclaimverordening (1924/2006/EG). Die stelt dat er alleen gezondheidsclaims mogen worden gebruik indien er voldoende wetenschappelijke onderbouwing voor is. Hier vallen ook ‘sportclaims’ onder. De wetenschappelijke dossiers worden door EFSA getoetst en bij goedkeuring mogen de producten de gezondheidsclaims vermelden.

Bietensappen en concentraten daarvan zijn niet meegenomen in de EFSA-opinie over nitraat in groente. Aangezien de inname van nitraat uit bietensap bovenop de dagelijkse inname van nitraat via andere bronnen komt, zullen vaker ADI-overschrijdingen voorkomen. Bovendien is onbekend of hogere nitraatinnames ook leiden tot meer nitrosaminevorming in het lichaam. Dit moet nog verder worden onderzocht. Bij onzekerheden over voedselveiligheid gaat het Voedingscentrum uit van het voorzorgsprincipe. Daarom wordt sporters aangeraden terughoudend te zijn met nitraatrijke supplementen en deze niet dagelijks te gebruiken. Hiermee kunnen ADI-overschrijdingen over langdurige periodes worden voorkomen.Conclusies

  • Er geldt geen beperkend advies voor volwassen voor de inname van nitraatrijke groenten.
  • Aanbevelingen voor het wassen en bereiden van nitraatrijke groenten worden veralgemeniseerd tot bestaande bewaaradviezen.
  • Het advies, om kinderen jonger dan drie maanden geen nitraatrijke groenten te geven, vervalt. Dat is omdat kinderen jonger dan drie maanden alleen borst- of flessenvoeding krijgen.
  • Sporters wordt aangeraden om nitraatrijke sportsupplementen zoals rode bietensap of concentraten daarvan niet op dagelijkse basis te gebruiken.
  • Het advies om geen water uit privébronnen te gebruiken voor het maken van flessenvoeding blijft gehandhaafd.

    Kortom, niets staat de stimulatie van de consumptie van (nitraatrijke) groenten in de weg.

     

    Bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering (BuRO) is een onderdeel van de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) dat gevraagd en ongevraagd kennisonderbouwd advies uitbrengt aan de minister van VWS en de staatssecretaris van EZ over de veiligheid van voedsel en consumentenproducten, de gezondheid van planten en het welzijn en de gezondheid van dieren. De directeur van BuRO heeft van het ministerie van VWS de vraag ontvangen om de veiligheid van de inname van nitraat en nitriet te beoordelen. Op basis van deze beoordeling kan het Voedingscentrum zijn adviezen herevalueren.

 
Referenties

  1. NVWA-Bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering. Advies over nitraat in de voeding. Advies van de directeur bureau Risicobeoordeling & onderzoeksprogrammering aan de minister van VWS en de staatssecretaris van EZ. Utrecht, oktober 2014.
  2. Geraets L, te Biesebeek JD, van Donkersgoed G, Koopman N, Boon P. The intake of acrylamide, nitrate and ochratoxin A in the population aged 7 to 69 years living in the Netherlands. Bilthoven: RIVM, 2011. RIVM briefrapport 1294A01/2011.
  3. Boon PE, Bakker MI, van Klaveren JD, van Rossum CTM. Risk assessment of the dietary exposure to contaminants and pesticide residues in young children in the Netherlands. Bilthoven, The Netherlands: RIVM, 2009. Report 350070002/2009.
  4. EFSA. EFSA Panel on Contaminants in the Food Chain (CONTAM); Scientific Opinion. Statement on possible health risks for infants and young children from the presence of nitrates in leafy vegetables. EFSA J 2010;8(12):1935, 42 pp. Question No EFSA-Q-2010-01037, adopted on 1 December 2010.
  5. Peters S, Schermers. Bietensap: een dilemma voor de duursporter. Voeding Nu 2014:1/2:8-11.
  6. EFSA. EFSA Panel on Contaminants in the Food Chain (CONTAM); Scientific Opinion. Nitrate in vegetables. EFSA J 2008;689:1-79. Question No EFSA-Q-2006-071, adopted on 10 April 2008.
  7. Vermeer ITM. Nitrate exposure and endogenous formation of carcinogenic nitrosamines in humans. Proefschrift. Maastricht: Universiteit Maastricht, 2000.
  8. Krul CAM, Zeilmaker M, Schothorst R, Havenaar R. Intragastric formation and modulation of N-nitrosodimethylamine in a dynamic in vitro gastrointestinal model under physiological conditions. J Food Chem Toxicol 2004:42:51-63.
  9. Zeilmaker MJ, Bakker MI, Schothorst R, Slob W. Risk assessment of N-nitrosodimethylamine formed endogenously after fish-with-vegetable meals. Toxicol Sci 2010;116(1):323-335.
  10. Weitzberg E, Lundberg JO. Novel aspects of dietary nitrate and human health. Annu Rev Nutr 2013;33:16.1-16.31.
  11. Archer DL. Evidence that ingested nitrate and nitrite are beneficial to health. Review. J Food Protect 2002;65(5):872-875.
  12. Mensinga TT, Speijers GJ, Meulenbelt J. Health implications of exposure to environmental nitrogenous compounds. Toxicol Rev 2003;22:41-51.
  13. Miller GD, Marsh AP, Dove RW, Beavers D, Presley T, Helms C, Bechtold E, King SB, Kim-Shapiro D. Plasma nitrite and nitrate are increased by a high nitrate supplement, but not by high nitrate foods in older adults. Nutr Res 2012;32(3):160-168.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 10 van oktober 2014 op bladzijde 8

Reageer op dit artikel