nieuws

RUG-hoogleraar: ‘Hef btw op calorieën, niet op levensmiddelen’

Voedingsbeleid

RUG-hoogleraar: ‘Hef btw op calorieën, niet op levensmiddelen’

Waarom is gezondere voeding duurder geworden dan ongezondere voeding? En kan dat niet anders? Voeding NU sprak onder andere met Laurens Sloot, hoogleraar Retail en Marketing aan de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) en directeur bij de EFMI Business School.

Afgelopen week maakte het CBS bekend dat de prijzen van gezonde voeding in de afgelopen tien jaar flink is gestegen. De prijsstijging van ongezondere voeding was minder hoog.

 

“Economisch gezien ligt het zo: als de vraag stijgt, dan stijgt de prijs vaak ook omdat er op korte termijn schaarste ontstaat”, begint professor Laurens Sloot. “Daarnaast zijn veel consumenten bereid om wat meer te betalen voor producten die als gezonder bekend staan.”

Fiscale maatregelen

Volgens de professor moeten er fiscale maatregelen komen om gezondere voeding betaalbaarder te maken. “Er zou geen vast btw-tarief moeten komen van 9%. Gezondere vormen van voeding en caloriearme varianten moeten een laag btw-tarief krijgen.”

 

Btw-differentiatie
De hoogleraar pleit voor een stelsel met vier categorieën: 0, 4, 10 en 20%. “Het idee hierbij is dat je het btw-tarief koppelt aan de energiedichtheid van producten. Dus: btw heffen op calorieën en niet op levensmiddelen.

R&D

De totale btw hoeft met zo’n stelsel niet te stijgen. Sloot wijst op een ander belangrijk voordeel: Een dergelijk stelsel zet de industrie aan om te innoveren op producten met een lagere calorische waarde.

 

“Reken maar dat de R&D-afdelingen van de industrie dit bekijken en dat ze gaan nadenken hoe ze bestaande producten zo kunnen doorontwikkelen dat deze in een lagere btw-groep terecht komen.”

 

Volgens de hoogleraar is dit uiteindelijk in het belang van supermarkten en de levensmiddelenindustrie op de lange termijn. “Mensen blijven langer gezond en blijven dus langer consumeren.”

Kostbaar en complex

De belangenbehartiger van de levensmiddelenindustrie, de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI), geeft te kennen geen voorstander te zijn van btw-differentiatie.

 

“Een btw-maatregel die zich richt op gezond versus ongezond is moeilijk af te bakenen. De discussie rondom gezond of ongezond gaat ook over iemands leefstijl”, stelt woordvoerster Karin Egberink.

 

De afbakening zal volgens de woordvoerster altijd leiden tot arbitraire of zelfs onrechtvaardige besluiten. “Bijvoorbeeld aardappelen, groente en fruit wel in een laag tarief en volkoren brood, rijst en bronwater niet.”

 

Ook acht de FNLI de uitvoering van dergelijke maatregelen complex en kostbaar.

 

Prijsontwikkeling enkelvoudige producten

De oorzaken van de schommelende prijzen van voeding liggen volgens de FNLI bij verschillende en uiteenlopende marktontwikkelingen.

 

“Internationale grondstofprijsontwikkelingen werken meer door in de prijs van enkelvoudige ‘gezonde’ producten zoals groente, fruit en thee. De fluctuatie van wereldmarktprijzen of specifieke klimaateffecten zijn daardoor zichtbaarder in prijsontwikkeling van enkelvoudige producten dan van samengestelde producten”, legt Egberink uit.

Regeerakkoord

In het regeerakkoord van afgelopen september werd een verhoging van het btw-tarief (van 6% naar 9%) op voedingsmiddelen aangekondigd. De FNLI gaf in een eerder bericht aan ook hier geen voorstander van te zijn.

 

Voedselwaakhond Foodwatch begon als reactie op het verhoogde btw-tarief een e-mailactie. Ruim 60.000 consumenten ondertekenden de actie voor een 0% btw-tarief op groente en fruit.

Reageer op dit artikel