nieuws

‘Gezonde voeding onderdeel maken van de beleving van een attractiepark’

Voedingsbeleid

‘Gezonde voeding onderdeel maken van de beleving van een attractiepark’

Hoe is het voedingsaanbod gezonder te maken? Op 13 september 2018 organiseerde de Taskforce Gezond Uit een landelijk congres in de Apenheul in Apendoorn met als doel het aanbod van gezonde voeding in pretparken en dierenparken te verhogen. Volgens gedragsexpert Roel Hermans van het Voedingscentrum, een van de sprekers, zou Gezonde voeding een onderdeel van de beleving van een attractiepark moeten worden.

Volgens Suzanne van der Pijl van Schuttelaar & Partners, initiatiefnemer van Gezond Uit, blijken steeds meer Nederlanders  behoefte te hebben aan een gezonde lunch tijdens een dagje uit. Volgens haar blijft het aanbod nog achter. Veel bezoekers die wel voor een gezonde lunch kiezen, nemen nu vaak hun eigen eten en drinken mee van huis mee. Deze trend biedt niet alleen dagattracties de kans om hierop in te spelen, maar ook producenten, cateraars en leveranciers, aldus Van der Pijl.

Gezonde producten zouden meer gepromoot moeten worden
Uit consumentenonderzoek van het bureau SAMRS Marktvinders in opdracht van Gezond Uit, waarin 587 Nederlanders van 18 jaar en ouder werden ondervraagd,  blijkt dat meer dan de helft van de bezoekers van een dagje uit het belangrijk vindt dat dagattracties een gezond voedingsaanbod voor kinderen krijgen. Resultaten van het onderzoek  werden gepresenteerd op het congres van Gezond Uit.

Betere zichtbaarheid
Dagjesbezoekers blijken voor gezonde producten te kiezen als deze producten beter zichtbaar zijn, goedkoper zijn en als er meer aanbod van is. Ruim twee derde van de ondervraagden in het consumentenonderzoek zou graag zien dat gezonde producten meer worden gepromoot door dagattracties. Gezonde producten die consumenten graag terug willen zien in het assortiment zijn bijvoorbeeld een broodje met gezond beleg, handfruit of een (maaltijd)salade.

Aanbod in kantine kan  verbeterd worden
Het viel Suzanne van der Pijl op tijdens het bezoeken van pretparken en dierentuinen dat het grootste aanbod in de kantines uit ongezond eten  bestond. Ze besloot dit aan te pakken en startte het initiatief Taskforce Gezond Uit. Het doel is om het aanbod bij dagatrracties te vergroten. ‘Een gezonder voedingsaanbod in de leisure- sector heeft enorme impact’, zegt ze. ‘Veel kinderen in Nederland komen 2 of 3 keer per jaar in een attractiepark, met hun familie of met school. Wat zou het mooi zijn als zij daar meemaken dat gezond eten ook lekker en leuk kan zijn en past bij een dagje uit. Ik vind het fijn om te zien dat dagattracties maar ook leveranciers en producenten hun verantwoordelijkheid willen nemen en gemotiveerd zijn om aan de slag te gaan.’

Blokhuis spreekt zijn waardering uit op congres
Tijdens het congres sprak staatssecretaris  Paul Blokhuis van Volksgezondheid, Welzijn en Sport zijn waardering uit over het initiatief: ‘Overgewicht onder kinderen is een groot probleem; in 2016 had bijna veertien procent van de Nederlandse kinderen overgewicht. Pretparken, dierentuinen, musea en cateraars zijn samen aan de slag om ouders en kinderen meer gezonde voeding te bieden.’ Hij  nodigde alle dagattracties van harte uit om mee te gaan praten over de invulling van het preventieakkoord dat de overheid onlangs presenteerde.

Aanbieders worden opgeroepen Gezondere keuzes maken door de verleiding
Tijdens het congres Gezond Uit werden aanbieders van een dagje uit en hun leveranciers opgeroepen om een dagje uit leuk, lekker én gezond te maken. Vanuit verschillende invalshoeken werden goede voorbeelden en oplossingen gegeven. Het draait volgens de sprekers om de belevenis tijdens het eten: “maak het eetmoment een unieke ervaring”. Momenteel zijn er 12 daggactracties  aangesloten bij de Taskforce: Apenheul, ARTIS, Safaripark Beekse Bergen, Burgers’ Zoo, Dierenpark Amersfoort, Dolfinarium, Duinrell, Avonturenpark Hellendoorn, NEMO Science Museum, Het Scheepvaartmuseum, Toverland en Wildlands Adventure Zoo Emmen.

Gezondere keuzes maken door de verleiding
Dat er nog wel een en ander te verbeteren valt, komt naar voren in het hiervoor genoemde consumentenonderzoek . Hierin werden ook de menukaarten van 47 dagattracties onderzocht. Hieruit blijkt dat het aanbod van gezonde producten achter blijft bij het ongezonde aanbod. Met name gezonde producten voor kinderen zijn maar mondjesmaat verkrijgbaar.


Eén van de sprekers tijdens het congres was gedragswetenschapper Roel Hermans van het Voedingcentrum . Volgens hem zou gezonde voeding onderdeel gemaakt kunnen worden van de beleving van het park. ‘Het is wellicht een middel om de gasten aan te zetten tot ander eetgedrag.’


Hij wil producenten, cateraars en leveranciers laten inzien hoe ze de consument kunnen verleiden en hoe ze de consument kunnen stimuleren om gezonder te gaan eten.

 

‘Zien eten doet eten’
Hermans ging tijdens zijn lezing verder in op de verschillende prikkels die een rol spelen in het eetgedrag van mensen. Hij memoreerde dat het aloude cliché ‘Zien eten doet eten’ ook in de pretparken geldt. Hermans: ‘In het voedingsgedrag speelt ook mee dat mensen zich graag met anderen vergelijken, waarna ze hun gedrag kunnen aanpassen. Uit onderzoek blijkt dat veel mensen in hun eetpatroon meegaan met wat ze zien. Mensen houden zich graag aan de sociale normen zodat ze van anderen geen negatieve reacties hoeven verwachten. Anders geformuleerd, je doet eigenlijk wat anderen doen.’

 

 De gezonde keuze de eerste keuze
Eetgedrag wordt sterk beïnvloed door de directe omgeving, aldus Hermans. Om het eetgedrag in een gezonde richting te duwen stelde hij voor de methode Nudging in te zetten. Nudging is het op een positieve manier stimuleren van gewenst (eet)gedrag. ‘Door de keuzecontext aan te passen kunnen we consumenten een duwtje in de goede richting geven, ook al is er nog steeds een alternatief mogelijk’, legt Hermans uit.  ‘Je zou er dus voor moeten zorgen dat de gezonde keuze de eerste keuze wordt. Mensen zijn nou eenmaal gemaksdieren en hebben geen zin om moeite te doen.’

Aanbod stimuleert vraag
Hermans benadrukte dat het aanbod ook de vraag stimuleert. Het aanbod zou volgens hem moeten aansluiten op de wensen en verwachtingen van de doelgroep, waarbij aspecten als smaak en prijs een rol spelen. Als voorbeeld noemde hij poffertjes. ‘Wanneer je in een park poffertjes ruikt, krijg je zin om poffertjes te eten. Hierdoor ben je eerder geneigd om poffertjes te gaan eten. Het aanbod stimuleert hierbij dus de vraag.’ Het bij nudging om de drie pijlers: verkrijgbaarheid, zichtbaarheid en toegankelijkheid.

 

Nieuwe normen
Om het gezonder eten in parken te realiseren zou er volgens Hermans een nieuwe norm moeten komen. Dit zouden de partijen kunnen doen door middel van veel samen te werken en ervaringen te delen, dit zal veel tijd en energie kosten, maar het zal wel veel opleveren volgens Hermans.

 

 

 

Reageer op dit artikel