artikel

Producten onder de loep: 40 jaar Suikerstichting Nederland *

Voedingscommunicatie

Producten onder de loep: 40 jaar Suikerstichting Nederland *

Begin november viert de Suikerstichting Nederland haar veertigste verjaardag. Wat in 1968 begon als belangenorganisatie van de gemeenschappelijke suikerfabrieken (Commissie Suikerverbruik) is uitgegroeid tot een informatiecentrum waar consumenten en professionals terecht kunnen met vragen over suiker en alles wat daarmee te maken heeft. Ook financiert de stichting aan suiker gelieerd onderzoek. Janine Messing-Verheesen is de derde directeur van de Suikerstichting Nederland.

‘Suiker plakt’, zegt de directeur over het kleine aantal directeuren dat haar stichting in de loop der jaren heeft gekend. ‘Ook voor mij, want ik heb het hier erg naar mijn zin.’ Als veterinair-toxicoloog promoveerde ze op een heel ander onderwerp dan suiker – kopervergiftiging bij schapen – maar: ‘Ik ben altijd erg geïnteresseerd in wat er in het lichaam gebeurt met voedingsstoffen. Ik ben minder geïnteresseerd in fabrieksketels en levensmiddelentechnologie. De combinatie voeding en communicatie heeft me altijd aangesproken.’

De Commissie Suikerverbruik werd opgericht om de belangen van suikerindustrie te verdedigen en ontstond uit de suikerschool die destijds was gevestigd in Amsterdam en mensen opleidde die in de suikersector werkzaam waren. ‘De opkomst van kunstmatige zoetstoffen heeft eraan bijgedragen dat de belangen van de sector beter verdedigd moesten worden’, zegt Messing. ‘De commissie deed al niet anders als wat wij nu doen. Ook werd wetenschappelijk onderzoek ondersteund. Destijds ging veel aandacht uit naar de relatie van suiker en cariës. Zo is uit dit onderzoek naar voren gekomen dat op een dag het aantal eetmomenten het best tot 7 kan worden beperkt en dat fluoride van belang is om cariës tegen te gaan.’

Nog steeds financiert de Suikerstichting Nederland onderzoek naar tandbederf, maar het terrein is breder geworden, met name door de toename van overgewicht en de rol die suikerhoudende voeding daarin speelt. Zo is het Koala-onderzoek naar determinanten van overgewicht, waarvan een deelonderzoek staat op bladzijde 18 van dit nummer, mede gefinancierd door de suikerstichting. Ook onderzoeken naar verzadiging, diabetes en hyperglycemie hebben de aandacht van de organisatie. ‘Suiker is een heerlijk product, het is aantrekkelijk en heeft een feestelijke uitstraling’, zegt Messing. ‘Dat is een boodschap die wij uitdragen, maar professioneel, voedingskundig gezien moeten we er ook voor ijveren dat suiker als product rechtvaardig wordt behandeld. Suiker staat vaak in een negatief daglicht. Zo is er geen rol voor suiker in de nutriëntenprofielen zoals die door de Europese Unie worden vastgesteld, er is geen criterium voor de rol van suiker in een gezonde voeding. Wel wordt gewezen op suiker als energieleverend ingrediënt. Natuurlijk levert suiker energie, maar voor het bepalen van de hoeveelheid energie zou een apart energiecriterium moeten komen dat niet alleen op suiker gericht is. Wij zijn voor een energielogo, niet voor een suikerlogo.’

Om de politieke opinie internationaal te beïnvloeden werkt de Suikerstichting samen met de Europese zusterorganisatie CEFS (Comité Européen des fabricants de Sucre).

Consumenten
De suikerstichting richt zich hoofdzakelijk op voedingsprofessionals en de beleidsmakers en politici. Ook is er aandacht voor de consument, al is dat niet meer de primaire doelgroep. ‘Toen onze budgetten nog groot genoeg waren, konden we ons wel meer richten op consumenten’, zegt Messing. ‘Het is wel nodig om ook hen te bereiken, want de perceptie van de consument over suiker is niet altijd correct. Men denkt bijvoorbeeld al gauw dat suikerhoudende producten de oorzaak zijn van overgewicht bij kinderen, maar dat is op geen enkele manier bewezen. Het gaat dan om de hoeveelheid calorieën die iemand inneemt, en daarbij gaat het niet per definitie om de suiker. Minder suiker, betekent niet dat er altijd minder calorieën met de voeding worden ingenomen. Daarbij weten veel mensen nog weinig van suikers. Velen weten niet dat er fysiologisch geen verschil is tussen vruchtensuikers, honing of gewone suiker. Het Voedingscentrum heeft voorgesteld in de nieuwe Nevo-tabel een onderscheid te maken tussen suikers die van nature in producten aanwezig zijn en toegevoegde suikers, maar ook dat draagt niet bij aan een betere perceptie, omdat er fysiologisch geen verschillen in de suikers zijn.’

Volgens Messing is het veranderen van voedingsgedrag een van de moeilijkste zaken. ‘Er gebeurt al van alles om mensen met overgewicht te bereiken, via shoolfruit of smaaklessen, maar het probleem begint natuurlijk al thuis, bij de ouders, het gaat om een bewuste, verantwoordelijke keuze, maar ook een snoepje hoort daarbij. Op basis van de juiste feiten, die wij mede verspreiden, ook in de toekomst, kan tegenwicht geboden worden aan alle fabels die er zijn over suiker.’

Hoe denken enkele diëtisten over suiker?

Michelle Beljaars, zelfstandig diëtiste in Dordrecht
‘Ik merk in mijn praktijk dat de kennis over suiker bij mijn patiënten vrijwel nihil is. Ze weten nog wel dat suiker, anders dan uit de suikerpot, ook in producten zit, zoals koekjes, maar dat er ook suikers in vruchten zitten, is vaak onbekend. Er is nog veel onwetendheid en het zou goed zijn als daar ook vanuit de fabrikanten wat aan gedaan kan worden, en dan in positieve zin, niet dat een appel in een slecht daglicht komt te staan omdat deze ook suikers bevat. Ik merk niet dat mensen verontrust zijn over suiker, bezorgde vragen worden meer gesteld over zoetstoffen. En ik zie het ook niet als enige reden voor overgewicht, dat zou wel erg makkelijk zijn, dan was het probleem zo opgelost. Als mensen zelf gaan lijnen laten ze als eerste de suiker uit de voeding weg, terwijl er soms meer winst valt te behalen door ook op vet te letten.’

Moniek Westerman, zelfstandig diëtiste in Groningen
‘Ik denk dat het suikergebruik (veel te) hoog is – 32 kilo per jaar gemiddeld per persoon. Volgens mij zijn Nederlanders zich niet bewust van de hoeveelheid die ze innemen. Ze ‘zien’ het voor het allergrootste deel niet, suiker zit in frisdrank, koekjes, ijs, conserven, sauzen…, etc. Veel mensen vertellen me dat op kantoren en in personeelszalen veel gesnoept wordt. De consument weet heel goed dat suiker slecht is voor de tanden, maar ze denken echt dat ze er weinig van gebruiken omdat ze nu eenmaal niet vaak een kilozak suiker kopen.
Ik merk dat als ik de voeding onder de loep neem en mensen uitleg eens te proberen minder suikers (snelle koolhydraten) te eten en meer vezelrijke producten, dat ze zich veel fitter en beter voelen. Voor een groot deel speelt suiker een rol in het ontstaan van overgewicht. Het eten van veel zoet lokt telkens een insulinestoot uit, waardoor het lichaam (zeker als er sprake is van weinig beweging) steeds teveel insuline heeft. Elke daling van het bloedglucose ‘vraagt’ weer om extra zoet. Uiteindelijk kun je mede hierdoor overgewicht krijgen. Ik realiseer me dat niet iedereen hiervan overtuigd is, wellicht niet evidenced based, maar ik redeneer ook vanuit de praktijk.’

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 10 van oktober 2009 op bladzijde 26

Reageer op dit artikel