artikel

Het Voedingscentrum: Wetenschappelijke onderbouwde informatie aan de consument *

Voedingscommunicatie

Het Voedingscentrum: Wetenschappelijke onderbouwde informatie aan de consument *

Inwoners van Nederland hebben recht op betrouwbare informatie over voeding en voedsel. Toch is het niet makkelijk om betrouwbare informatie over voeding te vinden, want op de markt van voedselvoorlichting zijn vele aanbieders actief die allemaal andere dingen beweren en verschillende (soms onduidelijke) belangen hebben.

Het Voedingscentrum onderscheidt zich in twee essentiële zaken. Het is een onafhankelijke stichting, vrijwel geheel gefinancierd door het ministerie van Economische Zaken en het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Daarom kan het zonder commercieel belang praktische informatie geven over gezond, veilig en duurzaam eten aan consumenten en professionals in de voeding. Bovendien zijn de informatie en adviezen die het Voedingscentrum geeft altijd wetenschappelijk onderbouwd.

De laatste tijd vragen vooral professionals om die onderbouwing ook echt te laten zien. Daarom komt het Voedingscentrum vanaf nu met openbare factsheets, die voor iedereen toegankelijk zijn. Vanaf deze editie zit er bij elke Voeding Nu een openbare factsheet van het Voedingscentrum. Deze editie de eerste, over: voedselhygiëne.

Missie
Het Voedingscentrum heeft als missie de consument te informeren en te stimuleren tot een meer gezonde en duurzame voedselkeuze. In de missie staat de consument centraal. Dat betekent dat wij wetenschap vertalen naar praktisch hanteerbare adviezen die aansluiten bij het voedingspatroon van de Nederlandse consument. Bij die vertaling gaan we uit van wetenschappelijke consensus. Het belangrijkste consensusrapport voor onze voorlichtingsmodellen is de Richtlijnen Goede Voeding van de Gezondheidsraad. De Gezondheidsraad is voor ons de leidende instantie in Nederland als het gaat om het interpreteren en duiden van wetenschap op het gebied van voeding. Het vaststellen van een consensusvisie op voeding in de breedte is een zeer moeilijke opgave. Dit komt vooral omdat er in de voedingswetenschap zelden sprake is van causale verbanden.

Wat de Gezondheidsraad en het Voedingscentrum doen, is eigenlijk precies het tegenovergestelde van een wetenschappelijk proces. In een wetenschappelijk proces ligt de focus op onzekerheden. Door discussie over onzekerheden kan weer nieuw onderzoek worden ontworpen om weer meer te weten te komen. Is er een onzekerheid weggenomen, dan gaat de discussie weer over de volgende. Wetenschappelijke discussie vindt vaak plaats in het publieke debat. Daardoor kan de consument in verwarring achterblijven.

Consensus bereiken
Voor het Voedingscentrum en de Gezondheidsraad ligt de focus niet op de onzekerheden. Integendeel. Zij proberen nu juist vast te stellen waar de zekerheden zitten op het gebied van gezondheid, voedselveiligheid en duurzaamheid. Dit noemen we consensus. Het is de taak van beide instanties om bestaande kennis te bundelen en te vertalen naar een voor de consument optimaal voedingspatroon. In de interpretatieslag van de op dat moment geldende stand van de wetenschap moeten aannames worden gemaakt en onzekerheden worden vastgesteld. Daarbovenop wordt in de vertaalslag naar voedingsmiddelen een afweging gemaakt van de bijdrage die deze voedingsmiddelen leveren aan onze nutriëntenvoorziening. Om zaken nog complexer te maken, zijn dit voedingsmiddelen met vaak meerdere nutriënten – met zowel positieve als negatieve effecten. Als dit alles is geëvalueerd, moet een voor de consument bruikbaar advies worden opgesteld. Zonder concessies en een helikopterview van ter zake kundige professionals kunnen simpelweg geen goede adviezen worden opgesteld.

Kortom, het opstellen van voedingsrichtlijnen is iets totaal anders dan het discussiëren over wetenschappelijke onzekerheden. Het Voedingscentrum probeert met zijn adviezen de wetenschap in dienst van de gezondheid van de consument te laten staan. Ze nemen de praktische vertaling van de Richtlijnen van de Gezondheidsraad voor de consument voor hun rekening.

Nieuwe richtlijnen
De Gezondheidsraad is in februari 2013 begonnen het opzetten van de nieuwe Richtlijnen Goede Voeding. Deze Richtlijnen zijn een interpretatie van alle op dit moment beschikbare wetenschap. Onzekerheden zullen worden toegelicht in het zogeheten Achtergronddocument. Dit maakt afwegingen en keuzes transparant. Het Voedingscentrum zal bij dit traject aansluiten om zo de voorlichtingsmodellen zo dicht mogelijk bij de nieuwe Richtlijnen van de Gezondheidsraad te houden. Ook zullen ze uitleggen welke afwegingen ze maken bij de vertaling. Het beschreven traject zal mogelijk in 2015 klaar zijn. Tot die tijd baseert het Voedingscentrum zich grotendeels op de Richtlijnen van 2006.

Openbare factsheets
In de vertaling van de Richtlijnen van de Gezondheidsraad naar de adviezen van het Voedingscentrum moeten soms aannames worden gemaakt of worden er additionele wetenschappelijke bronnen geraadpleegd. De onderbouwing borgen de kennisspecialisten van het Voedingscentrum in brondocumenten. Die zijn echter niet openbaar. Het enige wat professionals kunnen zien, zijn de afgewogen adviezen die vooral op de consument zijn gericht. Hier gaat het Voedingscentrum vanaf nu verandering in brengen.

Om aan de vraag van professionals tegemoet te komen om meer onderbouwing te laten zien, gaat het centrum vanaf nu openbare factsheets publiceren. In die openbare factsheets laten ze zien op welke belangrijke bronnen ze zich baseren en hoe ze de vertaling maken. Deze openbare factsheets toetsen ze in hun wetenschappelijke netwerk. Wie er bij die toetsing betrokken zijn, laten ze zien in de factsheets. Hiermee kunnen ze tonen dat het wetenschappelijk draagvlak voor wat ze doen en zeggen breed is.

Integrale benadering
Het Voedingscentrum richt zich op verschillende aspecten van voeding: gezondheid, veiligheid en duurzaamheid. Het centrum vindt het belangrijk om deze informatie integraal aan te bieden. De gemiddelde consument maakt immers geen wezenlijk onderscheid tussen de verschillende thema’s en kan maar één keer kiezen wat er op zijn bord komt.

Onder integrale benadering verstaat het Voedingscentrum ook het samenwerken met verschillende partijen als de industrie en lokale professionals. Het centrum levert wetenschappelijke kennis, vertaald naar bruikbare adviezen. In gezamenlijke projecten maken ze optimaal gebruik van elkaars sterke kanten. Zo zetten ze bijvoorbeeld in op het verspreiden van de “Bewaarwijzer” via de eigen magazines van supermarktketens. Het Voedingscentrum stimuleert koepels en individuele bedrijven hun productsamenstelling te verbeteren. Daarin speelt het ook een bemiddelende rol. De resultaten zijn bemoedigend: zo is het zoutgehalte in brood teruggebracht. Ook is in vele producten een flinke reductie in transvetten en verzadigde vetten gerealiseerd.

Hiernaast kiest het Voedingscentrum ervoor om intensiever samen te werken met professionals die dicht bij de mensen staan, zoals diëtisten, consultatiebureaus, thuiszorg, huisartsen en scholen. Ze willen bereiken dat consumenten meer weten over eten en beseffen wat de gevolgen zijn van hun voedselkeuze. De uiteindelijke keuze maken ze vervolgens zelf. Daarom richt het Voedingscentrum zich op de jeugd en volwassenen die zelf hun besluit hebben genomen om iets te veranderen aan hun leefwijze.

Programma’s Voedingscentrum
De activiteit van het Voedingscentrum zijn verdeeld over drie programma’s. Het programma Gezond en bewust eten maakt het mogelijk dat de wetenschappelijke kennis over voeding en voedsel wordt vertaald, passend bij de informatiebehoefte van de individuele consument. Het bestaat uit verschillende onderdelen. De Schijf van Vijf en Het Nieuwe Eten staan in dit programma centraal. Daarnaast wordt er gecommuniceerd over Voeding en ziekte en Voedselveiligheid. Bij het onderdeel Aanbod en verstrekking wordt het bedrijfsleven o.a. geadviseerd over productverbeteringen.

Binnen het Programma Gezond door het Leven is er veel aandacht voor een gezonde start. Daarbij spelen ouders en het basisonderwijs een belangrijke rol. Om het basisonderwijs te ondersteunen, implementeert het centrum de Gezonde Basis op Schooltool http://www.voedingscentrum.nl/professionals/onderwijs-en-kinderopvang/gezonde-basis-op-school.aspx en kan er in het voortgezet en middelbaar beroepsonderwijs een beroep worden gedaan op onze gezonde schoolkantinebrigade. Zij komen langs en geven advies op maat om de schoolkantine gezonder te maken.

Het derde programma heet Duurzaam eten. Tijdens het kopen, bewaren en bereiden van eten worden op het terrein van gezondheid, veiligheid en voedselkwaliteit belangrijke keuzes gemaakt. Binnen het programma Voedselkwaliteit richt het Voedingscentrum zich in 2013 op drie prioriteiten: hulp bij het verminderen van Voedselverspilling, consumenten actief informeren over Voedselveiligheid en Voedselketen en voedselmisvattingen verhelderen.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 5/6 van mei/juni 2013 op bladzijde 12

Reageer op dit artikel