artikel

Begrip consument cruciaal voor succes *

Voedingscommunicatie

Begrip consument cruciaal voor succes *

Het Voedselkeuzelogo het Vinkje siert alweer een aantal jaren verschillende voedingsmiddelen in de Nederlandse supermarkten. Stichting Ik Kies Bewust, initiatiefnemer en beheerder van het Vinkje, scherpt eens in de vier jaar de criteria aan. Bij het verschijnen van de nieuwe Richtlijnen Goede Voeding zal ook gekeken worden waar harmonisatie nodig is. Nu is het vooral nog zaak te zorgen dat de consument het Vinkje goed begrijpt.

In 2003 riep een werkgroep van de WHO/FAO de voedingsmiddelenproducenten op om producten gezonder te maken en consumenten te helpen om deze gezondere producten te kiezen (“the healthy choice, the easy choice”) (1). Minister Hoogervorst van VWS herhaalde deze oproep in 2003 aan de Nederlandse voedselproducenten. Dit heeft in 2006 geleid tot de oprichting van Stichting Ik Kies Bewust. De stichting heeft twee belangrijke doelstellingen die direct aansluiten bij de genoemde oproepen:
-Producenten stimuleren gezondere producten te maken met minder zout, suiker, verzadigd vet, transvetzuren en/of energie en meer vezel;
-Consumenten helpen de gezondere producten te kiezen.

De Stichting gebruikt hierbij een logo, het Vinkje. Het Vinkje is een zogenaamd front-of-pack logo: het is bedoeld om in één oogopslag informatie te krijgen over welke voedingsmiddelen binnen een productgroep een gezondere samenstelling hebben. Een product komt alleen in aanmerking voor het Vinkje als de samenstelling voldoet aan productgroep specifieke voedingskundige criteria. Het Vinkje is het enige voedingskundige front-of-pack logo in Nederland, wereldwijd zijn er vele vergelijkbare logo’s (2).

Choices International Foundation
Het Vinkje maakt deel uit van een internationaal initiatief om consumenten te helpen de gezondere keus te maken en producenten te stimuleren te innoveren naar gezondere producten. De Choices International Foundation probeert in andere landen te helpen dergelijke initiatieven op te zetten of criteria te ontwikkelen die de gezondere producten in een productgroep kunnen selecteren (3). Onder dit initiatief vallen de programma’s in Nederland, België, Tsjechië en Polen, alle met een vergelijkbaar keurmerk. In tal van andere Europese landen lopen vergelijkbare initiatieven. In juni dit jaar heeft Choices International nieuwe criteria gepubliceerd (http://choicesprogramme.org/news-updates/news, 23-6-2015).

Producenten, retailers, en cateraars moeten lid zijn van de Stichting Ik Kies Bewust om het Vinkje op hun producten te mogen plaatsen. Zij betalen een bijdrage aan de stichting zodat activiteiten zoals certificering, toetsing, voorlichting en communicatie mogelijk worden. Naast verwerkte en verpakte voedingsmiddelen, komen ook verse groenten en fruit en versbereide gerechten in de catering en foodservice in aanmerking voor het logo. Op dit moment zijn er circa 100 bedrijven (groot en mkb), supermarkten en cateraars lid en dragen meer dan 7000 voedingsmiddelen het logo (4). Het certificeringsbedrijf SGS speelt een belangrijke rol bij de toetsing of een voedingsmiddel van een deelnemer voldoet aan de criteria van het Vinkje (4).

Het Vinkje is als voedselkeuzelogo in 2013 toegelaten als een voedingsclaim onder Verordening 1924/2006 van de EU en als zodanig in de Nederlandse Warenwet opgenomen (5). Het Vinkje moet volgens de Warenwet aan verschillende criteria voldoen. De belangrijkste zijn:

  • Het moet in lijn zijn met de voedingsvoorlichting in Nederland.
  • De consument moet het Vinkje kunnen begrijpen.
  • De gebruiksvoorwaarden moeten zijn getoetst door een onafhankelijke wetenschappelijke commissie.

Stichting Ik Kies Bewust beheert het Vinkje. De stichting ondersteunt SGS bij de controle op het gebruik van het Vinkje in Nederland en ze faciliteert de wetenschappelijke commissie (3). Deze onafhankelijke wetenschappelijke commissie bepaalt de criteria waaraan producten moeten voldoen om in aanmerking te komen. De leden hebben verschillende disciplines en komen van diverse (wetenschappelijke) organisaties. Schuttelaar & Partners voert het secretariaat en verzamelt waar nodig data op basis waarvan discussies worden gevoerd.

Het Vinkje heeft twee verschijningsvormen: een Vinkje met een groene cirkel en één met een blauwe cirkel. Hiermee wordt onderscheid gemaakt tussen basisproducten (groene cirkel) en niet-basisproducten (blauwe cirkel). Basisproducten zijn voedingsmiddelen die een belangrijke bijdrage leveren aan de inname van belangrijke voedingsstoffen, zoals vitamines en mineralen, essentiële vetzuren en vezel. Voorbeelden zijn: volkorenbrood met minder zout en voldoende vezel, melk met weinig verzadigd vet en toegevoegd suiker, en (verse) groenten met minder toegevoegd zout of suiker. Niet-basisvoedingsmiddelen dragen minder bij aan de inname van voedingsstoffen en zijn bovendien vaak rijk aan energie. Voorbeelden van producten die een Vinkje met een blauwe cirkel kunnen hebben zijn: saus met minder verzadigd vet of zout en een snack of drank met weinig calorieën.

Productcriteria
Producten worden ingedeeld in productgroepen. Productgroepen zijn groepen van vergelijkbare producten op basis van samenstelling, eetmoment of ingrediënten. Een product kan het Vinkje krijgen als het de gezondere keuze is binnen de productgroep. Voor het toekennen van het Vinkje binnen productgroepen is gekozen, omdat vergelijkbare producten meestal bij elkaar staan in de supermarkt. Tussen deze producten zal de consument dan kiezen.

Bij de harmonisatie van de criteria van Ik Kies Bewust en het Voedingscentrum in 2010 is besloten dat alleen ‘voorkeur’- en ‘middenweg’-producten, zoals gedefinieerd door het Voedingscentrum, een Vinkje konden krijgen (6). Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen basis- en niet-basisproducten (zie afbeelding 2). De Wetenschappelijke Commissie heeft de criteria mede gebaseerd op adviezen en richtlijnen van de Gezondheidsraad en de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). De criteria zijn geformuleerd voor verzadigd vet, transvet, natrium, vezel, energie en voor toegevoegd suiker, omdat deze nutriënten een relatie hebben met het ontstaan van niet-overdraagbare ziekten.

Het Voedingscentrum heeft de Richtlijnen van de Gezondheidsraad vertaald naar de Richtlijnen Voedselkeuze (7). Het Voedingscentrum maakt daarbij ook onderscheid tussen basisvoedingsmiddelen en niet-basisvoedingsmiddelen. Daarnaast is op basis van bovengenoemde nutriënten een onderscheid gemaakt tussen ‘bij voorkeur’-, ‘middenweg’- en ‘bij uitzondering’-producten.

Aanscherpen van criteria
Tijdens de criteriaherziening in 2010 zijn kleine verschillen tussen de Richtlijnen Voedselkeuze van het Voedingscentrum en de criteria van het Vinkje weggewerkt, zodat er geen verschil meer was tussen de criteria zelf, maar nog wel in de beschrijving van enkele categorieën (8).

Bij de lancering van Stichting Ik Kies Bewust is afgesproken dat de criteria regelmatig, zo eens per vier jaar, zullen worden aangescherpt. Zo kan worden ingespeeld op nieuwe inzichten in de (voedings)wetenschappen, en kan rekening worden gehouden met nieuwe technologieën en de samenstelling van producten op de markt. Doel van de herziening is om zo tot een steeds gezonder productaanbod te komen in Nederland. Tijdens de huidige herziening heeft de commissie zich gericht op omzetting van alle criteria die waren afgeleid op basis van energie-inhoud naar g/100g. Daarnaast is het criterium voor natrium, voor verzadigd vet en/of voor toegevoegd suiker in verschillende productgroepen verscherpt. Verder zijn enkele aanpassingen gedaan in de toewijzing van producten aan productgroepen. De commissie vindt deze aanscherpingen technologisch haalbaar gezien de beschikbaarheid van alternatieve ingrediënten en technologieën.

Wanneer de nieuwe Richtlijnen Goede Voeding van de Gezondheidsraad en de Richtlijnen Voedselkeuze verschijnen, zullen de criteria waar nodig hiermee worden geharmoniseerd.

Gezonder productaanbod
Het Vinkje kan bijdragen aan een gezonder productaanbod, en daardoor leiden tot een gezonder voedselconsumptiepatroon en tot een verbetering van de volksgezondheid. De invloed van het Vinkje op het totale voedingsaanbod, op de keuze van consumenten binnen het aanbod en op de volksgezondheid is onderwerp van nader onderzoek. Monitoring van het productaanbod en de voedselconsumptie is hierbij essentieel.

Het Vinkje wordt goed herkend in Nederland. Een volgende stap om het Vinkje tot een succes te maken is dat het ook door de consument goed begrepen wordt, in beide verschijningsvormen. Dit begrip is essentieel om het Vinkje tot een succesvol gezonde keuzebevorderend logo te maken. De wetenschappelijke commissie van het Vinkje benadrukt dan ook het belang hiervan.

Leidt een consequente keuze voor producten met het Vinkje nu tot een gezondere voedselinname? Roodenburg et al. onderzocht dit met modelberekeningen gebaseerd op een gemiddeld Nederlands menu (9). Ze berekende het effect van de vervanging van reguliere producten door producten met het logo op de inname van zout, suiker, (verzadigde) vetten, vezel en energie. Uit de berekeningen bleek dat wanneer alle producten worden vervangen, significant minder verzadigd vet, zout, suiker en energie en meer vezel wordt genuttigd. Ook wanneer voor de lagere energiehoeveelheid wordt gecorrigeerd leidt het Vinkje-menu tot een lagere inname van verzadigd vet, zout en suiker en tot een hogere vezelinname. Hierdoor kan een gezonder productaanbod leiden tot een gezonder voedselconsumptiepatroon en tot een betere volksgezondheid.

Het Vinkje
Het Vinkje geeft consumenten informatie over de voedingskundige samenstelling van een voedingsmiddel. Het Vinkje is het logo van Stichting Ik Kies Bewust, dit is een particulier initiatief dat wordt gesteund door het ministerie van VWS. De stichting heeft twee doelen: producenten stimuleren om gezondere producten te maken en consumenten helpen om voor deze gezondere producten te kiezen. Producten kunnen een Vinkje krijgen als de producent lid is van de Stichting Ik Kies Bewust en het product aan bepaalde criteria voldoet. Deze criteria worden opgesteld door een onafhankelijke wetenschappelijke commissie en komen overeen met de Richtlijnen Voedselkeuze van het Voedingscentrum. De afgelopen jaren zijn de criteria meerdere malen aangescherpt (10).

Referenties
1. WHO. Diet, nutrition and the prevention of chronic diseases; report of a joint WHO/FAO expert consultation. Geneve: WHO, 2003. http://www.who.int/dietphysicalactivity/strategy/eb11344/strategy_english_web.pdf
2. Van der Bend D, Van Dieren J, De Vasconcelos Marques M, Wezenbeek NLW, Kostareli N, Guerreiro Rodrigues P, Temme EHM, Westenbrink S, Verhagen H. A simple visual model to compare existing front-of-pack nutrient profiling schemes. EJNFS 2014: 4(4); 429-534.
3.
www.choicesprogramme.org
4.
www.hetvinkje.nl;http://www.hetvinkje.nl/wetenschappelijke_commissie
5. VWS. Besluit van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport van 8 april 2013, 107657-101400 VGP, houdende goedkeuring van het Vinkje als voedselkeuzelogo en van de gebruiksvoorwaarden ervan. Staatscourant 2013 nr. 9864. http://eurlex.europa.eu/LexUriServ/LexUriServ.do?uri=CONSLEG:2006R1924:20100302:nl:PDF
6. Gezondheidsraad. Richtlijnen goede voeding 2006. Den Haag: Gezondheidsraad, 2006.
7. Voedingscentrum. Richtlijnen voedselkeuze. Den Haag: Voedingscentrum, 2011.
8.
Het Vinkje – Inventarisatie van de ontwikkeling in de criteria voor toekenning RIVM Briefrapport 2015-0045; H. Verhagen et al.
9. A. Roodenburg et al.
(2009). Potential impact of the Choices Programme on nutrient intakes in the Dutch Population. Nutrition Bulletin, 34/3: 318-23. AJC Roodenburg et al. (2011). Potential effects of nutrient profiles on nutrient intakes in the Netherlands, Greece, Spain, USA, Israel, China and South-Africa. PLoS ONE 6 (2).
10.
http://www.hetvinkje.nl/site/assets/files/1041/productcriteria_versie_2015.pdf

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 11 van november 2015 op bladzijde 8

Reageer op dit artikel