nieuws

‘Beweringen Holland Jersey over de Jersey koe hebben context nodig’

Voedingscommunicatie

‘Beweringen Holland Jersey over de Jersey koe hebben context nodig’

In 2015 richten Peter van Dronkelaar en Harrald Hoffman Holland Jersey op. Holland Jersey wil het anders doen. Dus kozen zij voor een andere koe en dus ook andere melk. De melk zou volgens hun gezonder en duurzamer zijn dan gangbare melk. Maar klopt dit ook. Voeding NU raadpleegde twee experts van Wageningen University and Research (WUR).

De Jersey koe komt oorspronkelijk van het Engelse eiland Jersey, dat aan de kust van Frankrijk ligt. Maar de koeien gekocht door Holland Jersey komen uit Denemarken, daar zijn de koeien al langer populair. Maar waarom? Omdat de melk daadwerkelijk anders is, anders dan de veel gebruikte Holstein-Friese melkkoe.

Andere koe, andere melk

De melk bevat meer vet en eiwit en dat is volgens de boeren terug te vinden in de smaak. De melk wordt ook niet afgeroomd, waardoor het zijn hoge vetgehalte behoudt. ‘Holland jersey staat voor vol en onbewerkt. Dat past in de tijdsgeest van nu,’ aldus Toon Brandbergen, marketingmanager bij Holland Jersey.

Gezonder en duurzamer

Maar dat is niet alles. De melk zou ook gezonder zijn: meer omega 3 vetzuren, meer vitamines en mineralen dan gangbare melk (van Holstein-Friese koeien). Daarnaast zou de koe duurzamer zijn: ze is kleiner en eet daarom minder, produceert minder mest en zou, door de hoge voedingswaarde, efficiënter zijn.

A2 melk

Koeien hebben een genetische aanleg om A1 of A2 melk te produceren. Volgens Holland Jersey heeft 70 procent van hun Jersey koeien deze genetische aanleg en scheiden zij deze melk voor hun verse zuivel producten. A1 of A2 staat voor het soort eiwit dat de koe produceert. A2 melk zou volgens Holland Jersey beter verteerbaar voor mijn mensen zijn dan A1 melk.

Daar tegen over zou door jaren lange kunstmatige inseminatie nog maar 25 procent van de standaard melkkoe de genetische aanleg voor A2 melk bezitten en wordt de A2 melk niet gescheiden van andere melk.

Beweringen kloppen gedeeltelijk

Een mooi verhaal, maar wat vinden experts hiervan? Voeding NU vroeg Tiny van Boekel, bijzonder hoogleraar zuivelkunde aan de Wageningen Universiteit, en Jan Dijkstra, universitair hoofddocent op gebied diervoeding, naar hun professionele mening over de melk van de Jersey koe.

‘Na het opzoeken van wetenschappelijke artikelen en het consulteren van twee zuivelcollega’s: Hein van Valenberg, Universitair docent zuivel, en Kasper Hettinga, Associate professor op het gebied melkeiwit. Moet ik concluderen dat de beweringen gedeeltelijk kloppen, maar ze hebben wel context nodig,’ aldus de hoogleraar zuivelkunde.

De wetenschappers reageren op de door Holland Jersey gemaakte statements.

  • De melk van de Jersey koe bevat een andere vet-eiwitverhouding. Daarnaast bevat de zuivel drie keer zoveel omega-3-vetzuren en gemiddeld 20 procent meer vitaminen en mineralen zoals Vitamine D, E en calcium als de gangbare melk in Nederland.

Van Boekel: ‘Het klopt dat de melksamenstelling van Jersey koeien een andere vet-eiwitverhouding heeft. Bestaande uit meer vet en eiwit. Dit verklaart het verhoogde vitamine- en mineraalgehalte. Vitamine D en E zijn vet oplosbare vitamines, dus meer vet zorgt voor meer vitamines. Het calciumgehalte staat in verhouding met de hoeveelheid caseïne-eiwit, dus meer eiwit zorgt voor meer calcium. Echter, 20 procent is geen absolute maat. Door biologische variatie en voeromstandigheden kunnen de hoeveelheden variëren.’

Dijkstra: ‘De verhoogde hoeveelheid omega-3 vetzuren ligt volledig aan de voeding. Een koe kan zelf geen omega-3 vetzuren aanmaken. Het rantsoen van een Jersey koe zal meer gras bevatten en gras is relatief rijk aan omega-3 vetzuren. Gangbare melk heeft in de zomer ook een hoger omega-3 vetzuur gehalte dan in de winter.’

  • Deze hoge gehalten zouden komen door een kleinere pens, langere dunne darm, langer herkauwen en een snelle vertering waardoor de Jersey koe meer voedingsstoffen tot zich neemt en afgeeft in de melk.

Dijkstra: ‘De hoge vet- en eiwitgehaltes bij Jersey koeien zijn niet of nauwelijks gerelateerd aan het verteringsproces dat zou verschillen tussen Jerseys en Holstein-fries. Het verschil in vertering in beide rassen is simpelweg veel te klein om grote verschillen in gehaltes te verklaren. Het verschil is een raskenmerk en ligt dus aan genetische factoren.’

  • De melk is duurzamer dan gangbare melk in Nederland. De koeien hebben minder voer nodig vanwege hun kleinere formaat, produceren minder mest en geven melk met meer voedingsstoffen. Daardoor is de koe efficiënter en hebben de Jerseys een 20 procent lagere uitstoot dan de andere melkkoeien in Nederland.

Van Boekel: ‘Hier is belangrijk om bij te vertellen dat de melkproductie van Jersey koeien 30 procent lager ligt (maar dat is nogal variabel). ‘

Dijkstra vult aan: ’Omdat Jerseys minder vlees opleveren, is het de vraag of de som van dierlijk eiwit (melk plus vlees) uiteindelijk wel efficiënter (en dus duurzamer) geproduceerd wordt door Jerseys. Gebaseerd op beperkte literatuur kun je zeggen dat Jerseys per eenheid voer 10 a 20 procent meer melkvet plus melkeiwit produceren (hierbij is lactose buiten beschouwing gelaten). Dus wanneer de totale energie ( vet plus eiwit plus lactose) van melk tegen over de totale energie van voer (die de koe moet consumeren om de melk te produceren) wordt gezet, dan daalt het efficiëntie voordeel van de Jersey op de Holstein-Friese koe naar 5 a 10 procent.

Echter, door de goede vertering van voereiwit bij de Jersey, scheidt de koe meer stikstof uit in de urine. Dit is een nadeel, want stikstof in de urine heeft aanzienlijk meer kans tot schadelijk effecten op het milieu dan stikstof in feces. Hierdoor is de melk van de Jersey nog nauwelijks (onder de 5 procent) duurzamer dan de melk van een Holstein-Friese koe.’

  • Daarnaast heeft 70 procent van de Jersey koeien (bij Holland Jersey) een genetische aanleg om A2 melk te produceren tegenover 25 procent van de Holstein-Friese koeien. Volgens de boeren geeft A2 melk veel mensen (die niet melkallergie of lactose-intolerant zijn, maar wel last hebben van klachten na consumptie van zuivel) minder klachten dan als ze ‘normale’ (Holstein-fries) melk drinken.

Van Boekel: ‘Het A2 verhaal is nogal omstreden. Er is bij mijn weten geen degelijk wetenschappelijk bewijs voor. Er is overigens ook niets mis met A2 melk maar ik denk niet dat men de claim zou kunnen maken dat mensen er minder klachten van zouden hebben. En verder is het zo dat 70 procent van de Nederlandse Holstein-Friese koe ook het A2-gen bezit, dus daarin onderscheidt Jersey melk zich niet van de gangbare Nederlandse melk.’

Reageer op dit artikel