artikel

Zout in de kern van het debat *

Voedingswetenschap

Zout in de kern van het debat *

Zout; voor geen enkele andere voedingsstof is de impact op de volksgezondheid van een inname volgens de aanbevelingen zo duidelijk aangetoond. Het vereist dat de voedingsindustrie, overheid en de professionals in de voeding en de gezondheidszorg samenwerken om het uiteindelijke doel van de World Health Organization van 5 gram zoutinname per dag te realiseren. Dit was de boodschap van Professor Francesco Cappuccio van Warwick Medical School in Groot-Brittannië, aan de deelnemers van het symposium van het Unilever Health Institute (UHI) in Brussel, in februari.

Meer dan 300 diëtisten, voedingsdeskundigen, huisartsen en andere gezondheidsspecialisten waren op het UHI-symposium aanwezig om de presentaties van experts over de zoutproblematiek bij te wonen. Tijdens de ochtend werd het probleem uiteengezet, waarna de deskundigen ’s middags maatregelen voor zoutverlaging bespraken.

De westerse bevolking consumeert gemiddeld 9 tot 10 gram zout per dag en ongeveer 75 procent heeft een suboptimale bloeddruk. Over de negatieve gezondheidseffecten van een hoge zoutinname bestaat nauwelijks meer discussie. Marianne Geleijnse van Wageningen Universiteit benadrukte in haar presentatie de langetermijneffecten van een hoge zoutinname; een 6 gram hogere inname verhoogt het risico op hart- en vaatziekten met ongeveer 45 procent.

De ochtend bracht één duidelijke boodschap: maatregelen voor het terugschroeven van de zoutinname bij de bevolking zijn dringend nodig. Een discussiepunt was het al dan niet promoten van gebruik van gejodeerd zout in België, waar het joderen van broodzout, anders dan in Nederland, geen standaard maatregel is. De voorvechters van zoutreductie lieten blijken dat het tegengaan van jodiumtekort via zoutverrijking in geen geval maatregelen tegen een te hoge zoutinname in de wielen mag rijden.

Bereide producten
Ongeveer drie kwart van het zout dat de consument inneemt is afkomstig uit voorverpakte en bereide producten. De potentiële impact op de volksgezondheid van een geleidelijke zoutverlaging door de voedingsindustrie is daarom zeer groot. Johanneke Busch van Unilever R&D in Vlaardingen vertelde over de vijf verschillende manieren voor zoutreductie die men bij Unilever onderzoekt: zoutverlaging in kleine stapjes via gewenning, zoutvervangers, optimaal stimuleren van de receptoren, zoutversterkers en de zoute smaak verhogen met behulp van geur door extra aroma, kruiden en specerijen toe te voegen. Met de beschikbare technologieën kan een belangrijke eerste stap gezet worden in het verlagen van de zoutgehaltes, maar voor verdere verlaging moeten nieuwe technologieën ontwikkeld en toegepast worden. Unilever is bezig met implementatie hiervan. ‘We weten dat consumenten gezonde voeding alleen kopen als die goed smaakt. De gezonde keuze, lager in zout, moet dan ook een lekkere keuze zijn’, aldus Busch.

Professor MacGregor voerde de druk verder op door in een overtuigend betoog te pleiten voor een algemene zoutreductie van minstens 40% in de volgende 5 jaar. ‘Indien het vanzelfsprekend is dat de overheid voor duidelijke informatie zorgt, is het minstens even belangrijk dat de voedingsmiddelenindustrie geleidelijk aan het zoutgehalte vermindert van alle producten met toegevoegd zout’, aldus MacGregor. Minder drastisch zijn de streefwaarden van het European Salt Action Network (ESAN) die Cappuccio presenteerde. Voor brood, vleeswaren, kant- en klaarmaaltijden en kaas bepleit de ESAN 16% reductie in 4 jaar. ESAN moedigt bedrijven wel aan ‘best in class’ te worden en grotere stappen te realiseren.

Het UHI België is een onafhankelijke organisatie, geadviseerd door een Wetenschappelijk Comité en gefinancierd door Unilever, die met jaarlijkse symposia een actueel onderwerp op het gebied van voeding en gezondheid bespreekbaar wil maken bij de Belgische medische en paramedische wereld.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 3 van maart 2009 op bladzijde 27

Reageer op dit artikel