artikel

Overgewicht probleem voor mensen met een beperking *

Voedingswetenschap

Overgewicht probleem voor mensen met een beperking *

De wereldbevolking wordt steeds dikker. Voor mensen met een (lichte) verstandelijke beperking is het probleem mogelijk nog groter. Tweederde van hen kampt met zwaarlijvigheid, zo wijst onderzoek van de Erasmus Universiteit uit. ‘Voor overgewicht bestaat geen pilletje.’

Kordaat vertelt de kleine Gwen Droogh (1.46 meter) over haar strijd tegen de overtollige kilo’s. Tijdens de bijeenkomst ‘Overgewicht en ondervoeding voor mensen met een verstandelijke beperking’ van Voeding Nu,  luisterde het publiek aandachtig. Gwen wilde niet meer dik zijn, dus er moest absoluut iets veranderen in haar leven. Haar stem slaat over van emotie. ‘Het was moeilijk toen ik zo dik was. Ik werd gepest en er werd mij verteld dat ik niet mooi was. Je duikt de koelkast in. Je gaat eten. De narigheid eet je als het ware weg.’ Door haar volharding daalde haar gewicht in drie jaar tijd van 80 kg naar 68,6 kg.

Oplossingsgericht
John Roeden, psycholoog bij de Baalderborg Groep, begeleidde Gwen Droogh –  die een lichte verstandelijke beperking heeft – om een gezond gewicht te bereiken. Hij deed dat volgens de ‘mission possible’ werkwijze die uitgaat van oplossingsgerichte principes in plaats van probleemgerichte principes. Bovendien staat de cliënt zelf centraal in het oplossen van het probleem, hij of zij is zelf de expert, vertelt de psycholoog. ‘Het gaat erom problemen te vertalen in vaardigheden. Je hebt het dus niet over liegen, maar over het beter worden in de waarheid vertellen. En in Gwens geval praat je over gezond leven en niet over afvallen’, vertelt Roeden.

Cliënten kunnen het niet alleen. Ze hebben steun nodig van familie, vrienden en begeleiders. Het kostte Gwen moeite voordat haar vader zich achter haar gewichtsverliesplan schaarde. ‘Pa was het bijna nooit ergens mee eens. Ik overtuigde hem uiteindelijk zelf en toen zei hij niets meer.’

Personen met een verstandelijke beperking behoren tot de risicogroepen als het gaat om overgewicht. Verschillende onderzoeken wijzen dit uit. Een studie van de Erasmus Universiteit uit 2006-2007 concludeert dat 42,2% van de volwassenen met een lichte of matige verstandelijke handicap in instellingen kampt met overgewicht en 24,5% zelfs met ernstig overgewicht (obesitas).

Overgewicht
‘Overgewicht en obesitas zijn ook een bekend probleem bij onze cliënten’, signaleert Monique Doeswijk-Van der Wolf, arts verstandelijk gehandicapten bij de Hartekamp Groep. Hoewel de overgewicht- en obesitaspercentages minimaal vergelijkbaar zijn met de algemene populatie, bespeurt Doeswijk een duidelijke trend ‘dat het bij onze cliënten nog vaker voorkomt’. In 2011 al meldde het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde dat zwaarlijvigheid bij zwakbegaafde en licht verstandelijke ouderen die zelfstandig leven vaker voorkomt dan bij de algehele bevolking. ‘Zelf koken en boodschappen doen vergroot het risico op obesitas. Er wordt namelijk niet altijd een gezonde keuze gemaakt’, verklaart Doeswijk. Ook bepaalde ziektebeelden, zoals het syndroom van Cushing of het Syndroom van Down vergroten de kans op overgewicht, evenals het gebruik van bepaalde medicijnen. ‘Bij het slikken van antidepressiva bijvoorbeeld treedt minder een gevoel van verzadiging op.’

Stippenplan
Obesitas in combinatie met complexe problemen vraagt om een heel specifieke benadering en behandeling, weet diëtist José Veen die zich specialiseert in de verstandelijke gehandicaptenzorg. Haar cliënten in ’s Heeren Loo Zorggroep lijden aan obesitas vaak gecombineerd met psychiatrische stoornissen, autisme spectrum stoornissen (ASS) en gedrags- en ontwikkelingsstoornissen. Ze wijst erop dat mensen met syndromen zoals dat van Down of van Prader Willi last hebben van extreme eetdwang terwijl hun energiebehoefte beperkt is (60 tot 80% van wat gangbaar is). Om haar cliënten te bedienen ontwikkelde ze in de jaren negentig het ‘Happy Weight stippenplan’, een programma op maat. Alle voedingsmiddelen/maaltijden krijgen stippen toebedeeld. 1 stip staat voor 25 Kcal. De kleur groen is ‘gezond’, ‘oranje’ minder gezond en blauw voor bijzondere dagen zoals weekenden en feestdagen. ‘Het gaat hier om het begrenzen van het aantal stippen per dag en om het maken van de gezonde keuze, dus de kleur van de stippen’, legt Veen uit. Ze heeft menu’s en producten met het bijbehorende aantal stippen vastgelegd op zogeheten kaarten, maar ze zijn tegenwoordig ook digitaal beschikbaar. Een voordeel van dat laatste is dat menu’s en producten makkelijk te wijzigen en bij te houden zijn. Bovendien, als een cliënt het maximum aantal stippen overschrijdt, is dat op ieder moment te zien.

Dat het stippensysteem kan werken, laat Veen zien aan de hand van het meisje Merel. Bij aanvang van het stippenplan woog ze 91,5 kilo. Na twee jaar was dit 52 kilo, een gezond gewicht voor iemand van 1.46 meter. Het systeem dient cliënten te laten inzien hoe ze zich een gezond eetpatroon eigen kunnen maken.

Omgeving
Het is belangrijk dat ook de omgeving van de cliënt meehelpt om een gezond gewicht te bereiken. Hierover ontstond een flinke discussie na de presentatie van arts Monique Doeswijk, want geven groepsleiders nu eigenlijk wel het goede voorbeeld? ‘Ik heb een afdeling waar niet alleen veel cliënten te zwaar zijn, maar ook veel collega’s. Ik heb gesprekken met collega’s hoe te zorgen dat het pak met stroopwafels niet open gaat’, zegt Doeswijk. Haar ervaring is dat dikkere groepsleiders vaak ook de boterham dikker besmeren met broodbeleg. ‘Ik herken dit’, roept iemand uit de zaal. ‘Als een begeleider thuis gewend is vet te eten, dan krijgt de cliënt ook vaak te vet eten.’

Misschien zijn trainingen voor de begeleiding in leefstijlinterventie een idee? Doeswijk reageert: ‘Je stuit op veel weerstand. De zorgmanager moet hier achteraangaan.’ Een groot deel van de te dikke Nederlanders wil hun normen en waarden niet veranderen. Volgens de arts is het overgewicht in Nederland ‘dweilen met de kraan open’. Niet iedereen ziet het zo somber in. ‘Medewerkers die met overgewicht kampen zijn zich hier vaak zeer bewust van. Ze letten er juist op dat cliënten gezond eten.’

Gwen Droogh koos haar eigen supporters in haar reis naar een gezond gewicht. Haar begeleiders en ouders onderschrijven haar doelen. De steun was af en toe hard nodig. Ze benoemt de voordelen van gewicht verliezen: ‘Je beter voelen en niet te snel moe zijn. Voor de tv zitten, daar wordt je suf van’, somt ze op. Roeden ontwikkelde samen met haar een top-10 met tips om nee te zeggen tegen verleidingen.

Oplossing lastig
Systemen als het Happy Weight stippenplan’ of ‘mission possible’ werken alleen als de cliënt zelf de wil heeft de eigen situatie te veranderen. ‘Als cliënten geen doel hebben, dan val ook ik stil. De cliënt zelf moet het werkelijk doen’, zegt Roeden. ‘Laatst had ik een cliënt die 35 kilo verloor en een half jaar later zat het er weer aan.’ Roeden is realistisch: 75% van de cliënten heeft niet de wil iets te doen aan hun gewichtsproblemen. ‘Er zijn er nogal wat die dit niet op de agenda willen. Ze hebben andere problemen zoals trauma’s of psychoses.’ Gwen Droogh was zich zeer bewust van haar situatie. ‘Ik ging diep nadenken over mijn gewicht. Ik keek naar een foto en zei tegen mezelf: ik wil niet meer op de foto als ik zo dik ben.’

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 7/8 van juli/augustus 2013 op bladzijde 22

Reageer op dit artikel