artikel

Interview Lisette de Groot: ‘Zo lang mogelijk zelfredzaam zijn’

Voedingswetenschap

Interview Lisette de Groot: ‘Zo lang mogelijk zelfredzaam zijn’

Gezond ouder worden is niet alleen het voorkomen of uitstellen van ziekte, maar met name het voorkomen en terugdringen van beperkingen in het functioneren. Dat stelde het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport in het rapport Gezonder ouder worden in Nederland in 2012. De onderzoeksgroep van professor Lisette de Groot van Wageningen UR houdt zich bezig met de vraag hoe dit te bereiken via voeding.

Op de dag van het interview met Lisette de Groot zijn ouderen op meerdere manieren in het nieuws. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) meldt dat het aantal ouderen dat overlijdt na een val fors toeneemt. Een belangrijke oorzaak van de vele valpartijen is juist dat mensen ouder worden. Ze leven daardoor ook langer met ziekten en aandoeningen, meldt de NOS. Dezelfde dag is het ook nieuws dat de AOW-leeftijd in 2022 verder omhooggaat. De reden hiervoor is de hogere levensverwachting volgens de nieuwste ramingen van het CBS. ‘Daar dragen wij ook aan bij’, lacht professor Lisette de Groot. De Wageningse onderzoeksgroep van De Groot onderzoekt hoe de mens door inname van de juiste voeding gezonder oud kan worden.

 

Osteoporose, sarcopenie, cognitie

‘Onze groep focust op drie onderzoekslijnen. De eerste is osteoporose oftewel botontkalking. Veel onderzoek daarnaar is uitgevoerd met vrouwelijke proefpersonen, omdat veel vrouwen met botontkalking te maken krijgen in de menopauze. Het probleem speelt echter bij alle ouderen. Door de lage botmassa zijn ouderen vatbaarder voor breuken. Dat sluit aan bij het nieuwsbericht over het vallen van ouderen.

De andere twee onderzoekslijnen zijn sarcopenie en cognitieve achteruitgang. De eerste is het verlies van spiermassa, dat vanaf het veertigste levensjaar in gang wordt gezet. De tweede is het verlies van geestelijke vermogens, dat gemiddeld rond het zestigste levensjaar begint en kan eindigen in dementie.

We hebben bewust voor deze drie ouderdomsproblemen gekozen, omdat ze samen het lichamelijk en geestelijke functioneren van ouderen sterk beïnvloeden. Wat ouderen willen, en wij allemaal, is zolang mogelijk geestelijk en fysiek zelfredzaam zijn.’

Het is duidelijk dat een dagelijkse inname van 20 microgram vitamine D het risico op fracturen en valincidenten met 20 tot 28 procent verlaagt. Voor een goede botgezondheid is vitamine D zeer belangrijk. Uit de voedselconsumptiepeilingen van 2013 blijkt dat maar een op de vier mannen en een op de vijf vrouwen het suppletieadvies naleeft. Daar valt nog een wereld te winnen.

Voor de invloed van voedingsmiddelen op cognitieve achteruitgang is nog maar weinig bewijs. De ontwikkeling van de ziekte is traag. In de beginfase van Alzheimer zijn de waar te nemen verschillen in cognitieve achteruitgang daarom erg klein. Vitamine B12 wordt geassocieerd met het vertragen van Alzheimer, maar een Nederlandse studie heeft geen bewijs gevonden dat vitamine B12 en foliumzuur invloed hebben op het geheugen bij gezonde ouderen.’

Sterker bewijs is er voor de manier waarop sarcopenie kan worden tegengegaan. Een studie toont aan dat de combinatie van consumptie van eiwit en krachttraining voor een significante verhoging van de spiermassa en spierkracht bij kwetsbare ouderen zorgt.

 

Overkoepelend onderzoek

‘Onderzoek naar de invloed van eiwit op spieren is binnen een kortere tijdspanne uit te voeren dan onderzoek naar dementie. De grote effecten die we zien bij het aanbrengen van sterke stimuli (krachttraining en een hoge eiwitinname, red.) brengt de onderzoekswereld in beweging. Het wordt bijna een hype. Maar ook in dit type onderzoek is het hard werken om de deelnemers voor het onderzoek zover te krijgen dat ze meedoen.

In een Europese studie, NuAge genaamd, wordt overkoepelend onderzoek gedaan. Alle drie onderzoekslijnen van mijn groep hangen ook samen. Zo heeft eiwit naast een effect op de spieren, invloed op de botten. Vitamine D is ook belangrijk voor het functioneren van het brein en vitamine B is zowel voor de hersenen als voor de botten van belang.

Om het verouderingsonderzoek in Nederland bijeen te brengen zijn verschillende partijen samen de Nederlandse Vereniging voor Verouderingsonderzoek (NVVVO) begonnen. We trekken samen op en lobbyen bij de overheid voor meer geld voor onderzoek naar veroudering.’

 

Voedingsmiddelenbedrijven

‘Ook voor bedrijven is opschuiven richting gezondere voeding, zoals beschreven staat in de Richtlijnen Goede Voeding, altijd goed. Uit het groot Europees onderzoek Seneca blijkt dat een gezonde levensstijl op zeventigjarige leeftijd – gezonde voeding, beweging, niet roken en matig alcoholgebruik – voor 65 procent minder sterfte zorgt in vergelijking met ouderen die deze levensstijl niet naleven. In het project NuAge worden de effecten op celniveau bij consumptie van een mediterraan of een regulier westers dieet op de gezondheid van ouderen onderzocht. De resultaten daarvan worden volgend jaar verwacht.

Ik verwacht ook dat de scheidslijn tussen medische en reguliere voeding voor ouderen vager zal worden. Fragiele ouderen van wie de eetlust afneemt, moeten voeding met meer nutriënten consumeren. Als ouderen gewicht beginnen te verliezen, kan het immers al te laat zijn. Door de trend dat ouderen steeds langer thuis blijven wonen, zal niet alleen de vraag naar zorg aan huis toenemen, maar ook de vraag naar voeding met voldoende nutriënten.’

Statistieken

Begin 2015 telt Nederland 3 miljoen 65-plussers, van wie 0,7 miljoen 80-plussers. Dit aantal zal de komende jaren snel stijgen. In 2040 leven er 4,7 miljoen 65-plussers in Nederland, dat is 26 procent van de totale bevolking, onder wie 2 miljoen 80-plussers.
Bron: CBS

In Nederland wonen op dit moment ruim 270.000 mensen met dementie. Door de vergrijzing en doordat de bevolking ouder wordt, zal dit aantal in de toekomst explosief stijgen. In 2040 zal ruim een half miljoen mensen lijden aan dementie.
Bron: Alzheimer Nederland

Onder de algemene Nederlandse bevolking wordt het aantal 50-plussers met een fractuur geschat op 80.000 per jaar. De jaarlijkse incidentie van een heupfractuur in de Nederlandse huisartsenpraktijk bedraagt ongeveer 1 per 1.000 bij personen ouder dan 65 jaar en ongeveer 5 per 1.000 bij personen ouder dan 75 jaar. Het RIVM schat de prevalentie van osteoporose in de Nederlandse huisartsenpraktijk op 4 per 1.000 patiënten. De incidentie en prevalentie van fracturen en osteoporose zijn hoger bij vrouwen dan bij mannen en nemen boven de 65 jaar sterk toe.
Bron: www.nhg.org

Uit Nederlands onderzoek bij ouderen blijkt dat 0 tot 15 procent van de gezonde ouderen sarcopenie heeft. Bij geriatrische patiënten is dit 2 tot 34 procent. Het percentage is afhankelijk van de definitie en de meetinstrumenten die men hanteert.
Bron: voedingonline.nl

Foto's

Reageer op dit artikel