nieuws

‘Rol voedingsindustrie en ziekenhuisartsen voor gezonde leefstijl’

Voedingswetenschap

‘Rol voedingsindustrie en ziekenhuisartsen voor gezonde leefstijl’

Om een gezonde en duurzame leefwijze te laten inburgeren is een rol weggelegd voor de voedingsindustrie, maar ook voor ziekenhuisartsen. Dat stelde onderzoeker Marianne Geleijnse bij haar aanstelling als persoonlijk hoogleraar Voeding en hart- en vaatziekten op 13 oktober aan de universiteit in Wageningen.

Volgens de kersverse professor, die tevens lid is van de redactieadviesraad van Voeding Nu, is tachtig procent van de niet-aangeboren hart- en vaatziekten in Nederland terug te dringen met een gezonde leefstijl. De meeste winst is volgens haar te behalen bij mensen met een laag inkomen. Een westerse leefstijl met weinig beweging en een ongezond eetpatroon met veel zout zijn belangrijke risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Geleijnse leidt dat mede af uit de opkomst van deze ziekten opkomende economieën in Azië en Afrika waar de westerse manier van leven wordt omarmd.

Gezonde levensjaren

De hoogleraar maakt zich vooral zorgen over Nederlandse bevolkingsgroepen met een laag inkomen waarbij de levensverwachting veel lager is dan in groepen met een hoog inkomen. ‘De “goede voedingsboodschap” gaat aan die groep voorbij. Zij worden in beslag genomen door psychische, lichamelijke of financiële problemen. En de communicatie over voeding, zoals met gezondheidsapps, is vooral gericht op kennis die vooral hoger opgeleiden aanspreekt.’

Gezonde keuze makkelijk

Geleijnse pleit ervoor dat de gezonde keuze de makkelijke wordt, meer gezond voedsel in het blikveld. Ook zou de openbare ruimte wat haar betreft moeten uitnodigen om te bewegen en is er een rol voor de levensmiddelenindustrie weggelegd die moet zorgen voor producten met minder zout en suiker en meer goede vetten. ‘Daarmee worden alle Nederlanders bereikt.’, aldus Geleijnse.

Arts en voeding

Ook richtte Geleijnse zich in haar inaugurele rede ‘Goede voeding voor het hart – zorg dat het klopt’ op artsen. ’Artsen vertrouwen meer op effectiviteit van medicijnen en er is twijfel of de patiënt een leefstijlverandering volhoudt. De communicatie daarover gebeurt niet optimaal’, vindt Geleijnse die erop wijst dat minder dan de helft van de hartpatiënten na ziekenhuisopname in een revalidatieprogramma met aandacht voor leefstijl terechtkomt. ‘Een gemiste kans, omdat de patiënt de dokter als een betrouwbare bron ziet. Het ziekenhuis is bij uitstek de plek om een gezonde en ontspannen leefstijl te promoten.’

Voedingsindustrie betaalt mee

Om een verschuiving naar een gezonder voedingspatroon te bewerkstelligen is het Voedingscentrum niet voldoende, zegt de Wageningse hoogleraar. Om het voedselaanbod, de productportfolio van fabrikanten, te wijzigen is een kruisbestuiving met kennisinstellingen nodig. De voedingsindustrie profiteert van de academische kennis. ‘Het onderzoeksgeld moet niet alleen door de belastingbetaler of de collectebusloper worden opgehoest. Ik vind het redelijk als ook de voedingsmiddelenindustrie meebetaalt’,aldus Geleijnse.

Reageer op dit artikel