nieuws

‘Fysieke training kan effectief zijn tegen aan kanker gerelateerde vermoeidheid’

Voedingswetenschap

‘Fysieke training kan effectief zijn tegen aan kanker gerelateerde vermoeidheid’

Een interventie met conditie- en krachttraining kan een veilig, uitvoerbaar en effectief zijn tegen vermoeidheid bij mensen met kanker. Dit stelt Jonna van Vulpen in haar proefschrift ‘Effects of exercise on cancer-related fatigue: moving forward’ waarmee zij deze zomer promoveerde bij het UMC Utrecht.

Het proefschrift kijkt naar bestaande en nieuwe literatuur over de relatie tussen fysieke training en vermoeidheid bij patiënten met verschillende soorten kanker.

Kankergerelateerde vermoeidheid

‘De laatste jaren is steeds duidelijker geworden dat fysieke training positieve effecten heeft op kankergerelateerde vermoeidheid, zowel tijdens als na de behandeling’ vertelt van Vulpen in een interview met het Wereld Kanker Onderzoek Fonds (WKOF). ‘Onze kennis over de effecten op vermoeidheid bij kanker is echter nog betrekkelijk algemeen. Om de implementatie van fysieke training tijdens en na kanker te bevorderen, is het belangrijk om de kennis over deze effecten uit te breiden. Hier ging mijn onderzoek over.’

Trainingseffecten

Volgens Van Vulpen is het grootste deel van het bestaande onderzoek naar de trainingseffecten op kankergerelateerde vermoeidheid  uitgevoerd op patiënten met borstkanker. Om te kijken of de trainingseffecten op andere kankertypes hetzelfde zijn, deed zij onderzoek naar darmkanker.

Darmkanker

‘Ik heb in mijn onderzoek gekeken naar de effecten van lichaamsbeweging bij mensen met een kankertype anders dan borstkanker. Ik heb hierbij onder andere gebruik gemaakt van data van de PACT-studie. Deze studie is opgezet om de effecten van een 18 weken durend trainingsprogramma te onderzoeken bij mensen die worden behandeld voor darm- en borstkanker. De conclusie is dat fysieke training tijdens chemotherapie veilig, uitvoerbaar en effectief lijkt voor mensen met darmkanker, maar deze effecten moeten bevestigd worden in grotere studies,’ aldus Van Vulpen.

PERFECT-studie

Verder is de promovenda ook betrokken bij de start van de zogeheten PERFECT-studie in het UMC Utrecht. In deze studie werden de effecten onderzocht van een 12 weken durend trainingsprogramma op verschillende uitkomsten als kwaliteit van leven, vermoeidheid, lichamelijke fitheid en werkvermogen bij patiënten die maximaal een jaar geleden geopereerd waren voor slokdarmkanker. ‘Uit interviews met deelnemers aan de PERFECT-studie kwam naar voren dat men goed in staat is om het voorgeschreven programma met matig tot intensieve inspanning te volgen’, zegt Van Vulpen in een gesprek met het WKOF. ‘De meest ervaren beperkende factoren tijdens deelname aan het trainingsprogramma waren logistieke factoren en lichamelijke klachten. Toch beïnvloedden deze het trainingsprogramma minimaal. De studie is nog gaande en resultaten worden begin 2019 verwacht.’

Positief effect op lichamelijke vermoeidheid

Voor haar proefschrift heeft Van Vulpen ook nog een meta-analyse uitgevoerd naar de trainingseffecten tijdens een aanvullende behandeling met radiotherapie en/of chemotherapie voor borstkanker. 

Hier zegt zij over: ‘Ik heb hierbij gekeken naar zowel lichamelijke als psychosociale dimensies van vermoeidheid. Uit de analyse kwam naar voren dat fysieke training een positief effect had op algemene vermoeidheid, lichamelijke vermoeidheid, (dagelijkse) activiteiten en motivatie.’

Meer onderzoek nodig

Van Vulpen concludeert in haar proefschrift dat fysieke training een veilige, uitvoerbare en effectieve interventie kan zijn bij mensen met kanker, maar dat er meer onderzoek nodig is om verschillende kankertypes en ziektestadia te onderzoeken.

‘Fysieke training heeft positieve effecten op vermoeidheid, met name lichamelijke vermoeidheid. Toekomstig onderzoek zou zich moeten richten op het verder uitdiepen van mechanismen, vergelijkingen tussen trainingsprogramma’s met verschillende programmakenmerken, en de evaluatie van trainingseffecten op uitkomsten zoals de terugkeer van de ziekte, effectiviteit van behandeling en overleving’,aldus Van Vulpen in een interview met het WKOF.

Reageer op dit artikel