artikel

De gezonde zoutmijn *

Voedselproductie

De gezonde zoutmijn *

Veel Nederlanders krijgen meer zout binnen dan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid van 6 gram. Dit zorgt onder andere voor een hoge bloeddruk. Kaliumchloride is een goede vervanger voor keukenzout, omdat die de bloeddruk juist verlaagt. Het Duitse K+S KALI GmbH is een van de grootste producenten van kaliumzout. Een verslag vanuit een Duitse kalizoutmijn.

Het is eind 2008. Een Nederlandse persdelegatie vertrekt vanaf het Mercure Hotel in Arnhem om per touringcar koers te zetten naar de grens tussen het voormalige West- en Oost-Duitsland. Daar bevinden zich een kalizoutmijn en een verwerkingsfabriek van het Duitse bedrijf K+S KALI, dat de verslaggevers graag inzicht geeft in de verwerking en winning van kaliumzout. Het merendeel van de redacteuren schrijft voor landbouwbladen. Logisch, want kaliumzout (kaliumchloride en afgeleide producten) vindt zijn weg in de landbouw als kunstmest. Maar KALI maakt ook al ruim tien jaar kaliumzout voor menselijke consumptie en wil dat voor het voetlicht brengen van de Nederlandse voedingsmiddelenindustrie, want bij KALI weten ze dat kaliumzout een gezond alternatief is voor natriumzout (keukenzout).

Kalizout is big business in het gebied rond de Duitse stad Kassel, waar K+S KALI GmbH zijn hoofdkwartier heeft. De regio is sterk afhankelijk van de kali-industrie. Her en der doemen ranke fabriekspijpen van de diverse kalizoutverwerkers op in het bosrijke en heuvelachtige landschap. Ook de hoge elevatoren die het zout vanuit de mijn naar buiten takelen nemen een prominente plaats in. Verder vallen de hoge witte hopen residuzout op.

Ondergronds

De volgende dag daalt ons gezelschap, uitgerust met overalls, helmen en zoeklampen, met een lift af in de kalimijn in Merkers. De diepte van ruim vijfhonderd meter heeft merkbaar invloed op de trommelvliezen. Maar we zijn er nog niet. In twee open trucks gaan we nog verder de diepte in: 850 meter. Even voelen we ons de dwergen van Sneeuwwitje, maar dan zonder pikhouwelen.

De zoutwinning geschiedt in deze moderne tijd mechanisch. Het totale mijnencomplex omvat drie mijnen met een omvang van 1000 km2 waar kaliumzout wordt gewonnen. De grootte is vergelijkbaar met de oppervlakte van de Duitse miljoenenstad München. Er loopt er een 150 kilometer lange transportband door de mijnen. Jaarlijks haalt de Duitse onderneming 40 miljoen ton kaliumzout naar boven. In deze ondergrondse wereld rijden zo’n duizend mijnbouwmachines af en aan om het zout te delven.

Als soldaten zitten de journalisten naast elkaar in de trucks met onder de voeten een zuurstofapparaat, want je weet maar nooit wat er zo diep onder de grond kan voorvallen. De voertuigen schieten door de donkere en nauwe tunnels. De zoute smaak in de mond maakt nog eens ten overvloede duidelijk waar we ons bevinden.

Zoutkristallen schitteren in het duister. Dit is het ruwe rotszout (natriumchloride), weten ze bij KALI. Kaliumchloride zit 7 à 8 meter weggestopt in een 400 meter dikke rotswand. Er bevinden zich hier twee lagen kaliumzout van elk zo’n 2,5 tot 5 meter.

Na een tijdje worden de gangen geleidelijk aan breder. Een wasbak en een klein onderkomen dat iets wegheeft van een kantine doemen op. Een hevig gedril galmt door de tunnel en blijkt even later afkomstig van een gele boormachine die 7 meter diepe gaten in de rotswand maakt. Op veilige afstand bekijken we, staande tussen het zout alsof het een sneeuwlandschap is, de werkzaamheden. In de openingen zullen ontstekers worden geplaatst die de rotswand in gedeeltes opblazen. Uiteindelijk komt het mineraal op een transportband waarna het via een liftschacht bovengronds terechtkomt.

Voeding

Voordat het aan de oppervlakte gebrachte zout naar de fabriek gaat, wordt het eerst nog een keer fijngemalen in een molen. Zodoende kunnen de mineralen goed worden gescheiden. In de fabriek in Hattorf vindt de raffinage van het ruwe zout plaats. Hiervan gaat vrijwel alles naar de landbouwsector. De raffinage van kaliumzout voor de voedingsindustrie gebeurt op aparte productielocaties waar strenge voedselveiligheidseisen gelden. Voor de voeding is een heel zuiver kaliumzout nodig (99,3%) in vergelijking met de landbouw (circa 96%). Alleen de farmaceutische industrie gebruikt puurder kaliumzout (99,9%). KALI opent in augustus een nieuwe productielocatie in Zielitz, vlakbij Maagdenburg, die kaliumchloride van voedselkwaliteit zal gaan produceren. De toenemende vraag is daar mede debet aan. In de Benelux bespeurt het Duitse concern de laatste drie jaar een stijging van 30% per jaar. Het bedrijf meldt dat het aantal grote bedrijven dat kaliumzout afneemt in de afgelopen drie jaar van drie naar tien is gegroeid. Ook in landen als de Verenigde Staten en Groot Brittannië staat het product volop in de belangstelling als gezond alternatief voor keukenzout.

Voor- en nadelen

‘Door de discussie over zoutreductie van de afgelopen jaren koopt de voedingsindustrie kaliumzout om keukenzout te vervangen’, zegt directeur K+S Benelux, Achim Schnitzler. ‘Het is beter voor de gezondheid en makkelijk te verwerken, onder meer omdat de korrelgrootte gelijk is aan die van keukenzout.’ Ook erkent hij erkent volmondig dat er nadelen zijn. Kaliumzout geeft een minder zoute smaak dan keukenzout. Hierdoor kan kaliumzout natriumzout in producten tot maximaal 30 procent vervangen omdat dit anders ten koste gaat van de smaak. ‘In sommige producten geldt zelfs een vervanging van 10 procent.’ Een ander minpunt is de bittere nasmaak van de zoutvervanger. Het toevoegen van magnesiumzout kan dit probleem ondervangen. Daarbij komt dat kaliumchloride duurder is dan natriumchloride. ‘Het effect kan dus zijn dat consumenten meer moeten betalen voor gezonde voeding, maar de prijs is ook afhankelijk van de productspecificaties die de verwerker wenst en van de toegepaste doseringen’, aldus Schnitzler.

Meerdere alternatieven

De Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI) stelt dat kaliumzout een gezond alternatief voor natriumchloride kan zijn. ‘De functionaliteit (van de zouten) in producten is niet helemaal gelijk, al bieden ze een zogenoemde zoute smaak’, zegt manager voeding & gezondheid Christine Grit van de FNLI. ‘Een voordeel van het vervangen van natriumzout door kaliumzout betekent wel dat de balans tussen de twee verbetert. Deze is namelijk al jaren niet in verhouding.’ De FNLI ziet een belangrijke rol voor kaliumzout in de toekomst weggelegd, maar wel samen met andere zouten en verbindingen zoals magnesium- en ammoniumzouten. Deze alternatieve zouten zullen pas na 2010 een belangrijke rol spelen bij de volgende fase van de zoutreductie, zo verwacht de FNLI. Naast zouten zijn er volgens de koepelorganisatie mogelijkheden om via andere stoffen de smaak beter te laten uitkomen.

Dit artikel verscheen in Voeding Nu nummer 3 van maart 2009 op bladzijde 18

Reageer op dit artikel