nieuws

‘Met die puur en natuurlijke voedingstrend worden consumenten steeds vaker misleid’


Voedselproductie

‘Met die puur en natuurlijke voedingstrend worden consumenten steeds vaker misleid’


Geeft de term ‘puur’ een garantie voor veilig en gezond voedsel? Of zet het consumenten op het verkeerde been? Professionals uit de voedingswereld kwamen op 16 november bijeen op het NVVL-mini-symposium om hierover te discussiëren. Een grote en nog steeds groeiende groep consumenten vraagt zich af hoe voedsel bereid wordt en wil begrijpen wat er op hun bord ligt. En dat is het liefst ‘puur en natuurlijk’, een blijvende voedingstrend, zoals herhaaldelijk op het symposium te horen was. Producenten spelen op de deze consumententrend in met claims als ‘puur’, ‘natuurlijk’ en ‘vrij van E-nummers’.

Veel mensen denken bij het woord puur aan iets natuurlijks, maar dagvoorzitter Rosanne Hertzberger, microbioloog en auteur van het boek Ode aan de E-nummers, vindt natuurlijk helemaal niet zo puur, als ze deze vergelijkt met de houding van menig consument.

‘Met die puur en natuurlijke voedingstrend worden consumenten steeds vaker misleid’, zegt ze. ‘Het vervangen van E-nummers door voor ons herkenbare stoffen levert verwarring op.’

Snijbiet of E250

Als voorbeeld noemt ze het conserveermiddel E250 dat aan vleeswaren, zoals ham, wordt toegevoegd om het veilig te kunnen bewaren. ‘Tegenwoordig wordt dit conserveermiddel ook wel vervangen door een concentraat van groente zoals selderij of snijbiet. De werkzame stof is in beide gevallen exact hetzelfde, namelijk nitriet. Maar lang niet alle consumenten weten dat het selderij- of snijbietconcentraat een hoge concentratie nitriet bevat. Bij het conserveermiddel E250 is het voor consumenten tenminste nog duidelijk waarom dit aan vleeswaren wordt toegevoegd.’

Banaan met E-nummers

Ook noemt Hertzberger op het symposium de banaan als voorbeeld, een levensmiddel dat veel consumenten zien als een onbewerkt, puur natuurproduct. ‘Maar een banaan zit wel vol met chemische stoffen’, benadrukt ze. Zo bevat deze fruitsoort antioxidanten zoals tocoferol (E306), kleurstoffen zoals riboflavine (E101), smaakstoffen zoals 3-methylbutylethonoaat en etheengas voor de rijping. Daarnaast bevat de banaan ook het verdikkingsmiddel cellulose, ook wel bekend als conserveermiddel E460. ‘In een fruitdrank heeft de fabrikant onlangs E460 vervangen door banaan. Deze vervanging lijkt logisch, maar het dikmakende ingrediënt van banaan is hetzelfde cellulose. Eigenlijk is E460 dus puurder dan de cellulose uit een banaan vol met chemische stoffen’, vindt Hertzberger.

Misleidende suikerbom

De tweede spreekster op het symposium, Ilse Straver, voedingsdeskundige en R&D-manager bij Wessanen Benelux is verantwoordelijk voor de productontwikkeling en uitingen die Zonnatura op haar verpakking zet. Ook bij Zonnatura blijft de trend naar puur en eerlijk bij de consument niet onopgemerkt. Van oudsher is het bedrijf al gericht op puuren ontwikkelt het producten met biologische en/of natuurlijke ingrediënten en zo min mogelijk toevoegingen. Maar nieuwe ontwikkelingen en trends vragen om aanpassingen in producten. Zo speelt het bedrijf in op de trend bij consumenten die minder suikers willen consumeren en pure en natuurlijke producten willen kopen.

Ongeraffineerd

Straver geeft aan dat het bedrijf alleen nog maar gebruik maakt van ongeraffineerde suikers, omdat de consument hier steeds vaker om vraagt. Daarnaast stelt het bedrijf targets voor de maximale gehaltes aan toegevoegde suikers voor relevante productcategorieën.
Dat er scherp gelet wordt op suiker in voeding, illustreert Straver nog aan de hand van het product oplosthee van Zonnatura. Door een publicatie van de Consumentenbond ontstond hier ophef over. De bond vond dat de consument wordt misleid door het etiket dat verwijst naar een gezonde kruidenthee, maar bijna volledig bestaat uit druivensuiker, rietsuiker en karamel, en slechts voor 1,5 procent uit kruidenextract. Wij hebben dit uitgezocht en besloten het etiket te gaan aanpassen. Het laatste wat wij willen is de consument op het verkeerde been zetten, aldus Straver.

Puur? Consumenten denken aan chocola

Op het symposium hield medisch journalist Aliëtte Jonkers een praatje vanuit het perspectief van de consument. Om erachter te komen wat de consument denkt van ‘puur’ had ze via haar twitteraccount een enquête gehouden waarvan ze de resultaten presenteerde aan het begin van haar lezing. Jonkers: ‘Na een hele reeks reacties met pure chocola, kreeg ik antwoorden als: onbewerkte producten, koken zonder pakjes en zakjes, organisch voedsel zonder manipulatie, biologisch(-dynamisch), zuiver zonder kunstmatige geur- kleur- en smaakstoffen, ‘het is een marketingterm’, ‘even de kleine lettertjes lezen’ en ‘puur is natuur en niks anders’.  

Alles is organisch’

Bij ‘organisch’ zet ze haar vraagtekens. ‘Alles is tegenwoordig organisch, waar je ook bent, er is altijd wel een winkel of product waarop ‘organisch’ staat. ‘Organisch’ betekent echter niks meer dan ‘voortgekomen uit iets levends’, zoals een dier of een plant. Mensen denken bij natuurlijk al snel dan zal het wel goed zijn, zoals bij kokosbloesemsuiker en dadels. Terwijl dit ook producten zijn met een enorme hoeveelheid suiker die uit exact hetzelfde suikermolecuul bestaat als de geraffineerde witte suiker. Het lichaam kan niet onderscheiden of je suiker consumeert uit een ongeraffineerde of geraffineerde suikerbron. Wanneer iets synthetisch of toegevoegd is zou het niet goed voor ons zijn, maar dan realiseren mensen zich niet dat bijvoorbeeld een rauwe champignon de stof hydrazine bevat, een giftige raketvloeistof. En aardappels bevatten solanine, ook een natuurlijke gifstof. Consumenten hebben het idee dat chemie iets is dat buiten ons staat maar dat is niet zo. Niet alleen onze omgeving, maar ook wij zelf bestaan uit chemicaliën’, aldus Jonkers.

Gemak, verantwoord, lekker en duurzaam

Maartje Schoolderman sprak op het symposium namens haar bedrijf vanBLIK. Ze heeft een duidelijke missie: het conservenschap in de supermarkt nieuw leven inblazen met gezonde, duurzame maaltijden in blik en daarbij blik ontdoen van een stoffig imago. Dit hoopt ze te bereiken met maaltijden in blik van haar merk vanBLIK.

Innovatie

Op het symposium lichtte Schoolderman het aspect ‘puur’ vanuit haar innovatieperspectief verder toe. ‘Ik wil het imago van blik nieuw leven in blazen. Mensen hebben eigenlijk best wel een slecht beeld van blik. Ze denken dat het ongezond is, dat er veel E-nummers inzitten en veel conserveringsmiddelen bevatten. Niet zo ‘puur’ dus, maar wat veel mensen niet weten is dat allerlei toevoegingen helemaal niet nodig zijn voor blikmaaltijden. Je kunt maaltijden in blik lang goed houden zonder dat je conserveringsmiddelen hoeft te gebruiken, en zo kan je dus heel makkelijk gemak combineren met verantwoord en lekker eten.’

Minder zout en duurzaam

De maaltijden die Schoolderman maakt zijn suikerarm, bevatten veel groente, zo verantwoord mogelijk vlees en geen smaakversterkers. Ook voegt ze weinig zout toe aan vanBLIK, volgens haar zeggen minder dan de meeste ‘verse’ kant-en-klaar maaltijden of andere potten en pakjes in de supermarkt. Ook dacht Schoolderman voor haar bedrijf na over het aspect duurzaamheid. ‘Ongeveer 95 procent van blik is oneindig recyclebaar en dat maakt blik de duurzaamste verpakking’, weet de jonge ondernemer. De maaltijdblikken zijn tegelijk porties en daarmee hoopt ze bij te dragen aan de vermindering van voedselverspilling. ‘Er is ook geen koeling nodig om het product goed te houden, het kan gelijk de voorraadkast in.’

Focus op zout- en suikerreductie

Tijdens de discussie aan het eind van het symposium werd dieper ingegaan op puur vanuit het consumentenperspectief. Hertzberger legt het panel bestaande uit de sprekers van de dag een belangrijke vraag voor: ‘Hoe weten we nou zo zeker dat het de consument is die puur wil en niet langer E-nummers wil gebruiken?’ Of is het vooral de fabrikant die hierop nu aanstuurt?
Straver gaat hier vanuit Zonnatura op in: ‘We hebben een tijdje terug een bouillonblokje zonder gistextract ontwikkeld. Nou is er helemaal niks mis met gistextract maar de consument wilt niet langer gistextract in een bouillonblokje en is helemaal gelukkig met deze nieuwe variant. Dus doen we dat.’

‘Zijn we met ons allen niet té veel bezig met gezondheid?’, vraagt Hertzberger zich af.  Volgens Jonkers zit er veel meer achter. ‘We zijn best wel een angstige maatschappij geworden en steeds meer bezig met controle. Wat kunnen we bijvoorbeeld zelf doen om zo gezond mogelijk te blijven? Misschien is het weleens interessant om met diverse partijen zoals de industrie en wetenschap te kijken waar die angst en behoefte om controle ontstaat.’
De sprekers lijken het er na afloop in ieder geval over eens dat de focus niet te veel moet liggen op toegevoegde ingrediënten zoals E-nummers, maar dat de prioriteit zou moeten liggen bij het reduceren van zout en suikers in onze voeding.

Reageer op dit artikel