Machtige micronutriënten

Moeder in Ethiopie_Saskia Osendarp

Foto's: Saskia Osendarp

Micronutriënten zijn vitamines en mineralen die ons lichaam slechts in kleine (micro-) hoeveelheden nodig heeft, maar die essentieel zijn voor een goede groei, ontwikkeling, en immuunrespons.

De COVID-19 pandemie heeft geleid tot hernieuwde aandacht voor micronutriënten toen onderzoek suggereerde dat micronutriënten zoals foliumzuur, zink, selenium, en vitamine D een rol kunnen spelen bij het verhogen van de weerstand tegen virussen zoals het coronavirus (1).
Dat een tekort aan deze micronutriënten desastreuse en levenslange gevolgen kan hebben, was al veel langer bekend. Omdat zo’n tekort vaak niet onmiddellijk zichtbaar is, wordt deze vorm van ondervoeding ook wel ‘verborgen honger’ genoemd. Micronutriëntentekorten kunnen leiden tot een verminderde weerstand tegen infectieziektes en niet-overdraagbare ziektes, complicaties tijdens de zwangerschap en bevalling, een suboptimale groei en verminderde cognitieve ontwikkeling bij kleine kinderen leidend tot lagere leerprestaties op school, en een lagere economische productiviteit bij volwassenen (2,3). Uiteindelijk kunnen micronutriëntentekorten ten koste gaan van het opleiding- en arbeidspotentieel en zelfs gevolgen hebben voor het Bruto Nationaal Product van een land.
Een recente overzichtsstudie laat zien dat wereldwijd één op de twee jonge kinderen en twee op de drie vrouwen tussen de 15 en 49 jaar micronutriëntentekorten hebben (4). Dat komt neer op 1,6 miljard jonge kinderen en vrouwen, waarbij andere kwetsbare groepen, zoals ouderen en adolescenten, nog niet eens meegeteld zijn. En alhoewel het probleem vooral ernstig is in lage-inkomenslanden in Afrika, Azië, en Latijns-Amerika, laat de studie zien dat ook in rijkere landen micronutriëntentekorten veelvuldig voor komen. Zo heeft in de Verenigde Staten één op de drie, en in Engeland één op de twee vrouwen tussen 15-49 jaar, een te laag niveau van één of meer micronutriënten. Ook in Nederland komen bloedarmoede door ijzertekort bij vrouwen of een vitamine B-12 gebrek bij ouderen vaak voor.

Kloof

De recente opéénstapeling van crisissen doen het risico op micronutriëntentekorten verder toenemen (5). De COVID-19 pandemie, mislukte oogsten door extreem weer als gevolg van klimaatverandering, en recentelijk de oorlog in Oekraïne, hebben wereldwijd geleid tot een recordhoge inflatie van voedsel-, brandstof-, en kunstmestprijzen, en een koopkrachtdaling voor consumenten. Voedselzekerheid staat onder druk, ook voor consumenten met lagere inkomens in rijke landen. De kloof tussen degenen die zich goede voeding kunnen veroorloven en zij die dat niet kunnen, groeit, ook in Nederland. Historisch onderzoek heeft laten zien dat armere huishoudens bij een koopkrachtdaling overstappen op goedkoper maar ongezondere, energierijke voedingsmiddelen ten koste van de duurdere, gezondere, micronutriëntenrijke voedingsmiddelen zoals groenten, fruit, vis, vlees, en eieren (6).
Zonder concrete actie en investeringen zorgen deze tekorten aan micronutriënten voor een nieuwe stille gezondheidscrisis in lage-inkomenslanden en armere consumenten in rijkere landen.

Voedingsinterventies

En dit, terwijl er wetenschappelijk bewezen, kosteneffectieve oplossingen zijn die op grote schaal ingezet kunnen worden. In 2021 publiceerde het medisch tijdschrift de Lancet, de derde serie over ondervoeding van jonge kinderen en zwangere vrouwen, met name in lage inkomenslanden. Deze serie identificeerde elf voedingsinterventies die levens kunnen redden en de gezondheid verbeteren, waarvan er acht betrekking hebben op micronutriënten (7):

1) Vitamine-A-supplementen voor kinderen onder de 5 jaar
2) Preventieve en
3) Therapeutische zinksupplementen voor de behandeling van diarree bij jonge kinderen
4) Voorlichting en advies over borstvoeding
5) Calciumsupplementen voor zwangere vrouwen met een lage calcium inname
6) Multi-micronutriëntensupplementen voor zwangere vrouwen
7) Verrijking van basisvoedsel met vitamines of mineralen (meel, olie, zout, etc.)
8) Lipide-voedingssupplementen voor ondervoede kinderen tussen 6-23 maanden oud.
Deze preventieve en therapeutische behandelingen behoren tot de meest kosteneffectieve gezondheidsinterventies ter wereld. Economen beschouwen supplementen en voedselverrijking met vitamines en mineralen al sinds 2008 als de beste investeringen ter wereld, met een gemiddeld rendement van 35 euro voor elke bestede euro (8). Dit overtreft het investeringsrendement voor andere gezondheidsinitiatieven, en is zelfs hoger dan het rendement van 21 euro voor vaccinaties van kinderen in de armste landen.

Oplossingen

In tijden van een acute voedselcrisis zoals de huidige, veroorzaakt door de oorlog in Oekraïne en versterkt door de economische nasleep van de coronapandemie, is voedselhulp een van de eerste noodoplossingen om acute ondervoeding van huishoudens in nood te voorkomen. Regeringen en organisaties zoals het Wereld Voedsel Programma van de Verenigde Naties (World Food Programme/WFP) realiseren dit soort hulp door het uitdelen van geld, voedselbonnen, en voedsel zoals meel of rijst dat verrijkt is met vitamines en mineralen. Andere oplossingen die acute ondervoeding kunnen voorkomen en behandelen, zijn het verstrekken van kant-en-klare kinderpapjes op basis van granen en gespecialiseerde therapeutische voeding, beiden verrijkt met micronutriënten. Deze oplossingen zijn wetenschappelijk bewezen maar de correcte uitvoering is afhankelijk van politieke keuzes en investeringen.

Regeringen kunnen met belastingmaatregelen of sociale steunprogramma’s de toegang tot gezond voedsel waarborgen. De verlaging van de BTW op groenten en fruit, of het verlagen van de drempel bij de voedselbanken, worden nu ook in Nederland besproken. In andere landen geven regeringen geld of voedselbonnen aan armere huishoudens. Zonder zulke politieke keuzes zullen we de komende maanden de directe gevolgen gaan zien van de voedselprijzencrisis op de groei, ontwikkeling, en weerstand van kinderen, en een mogelijke toename van kindersterfte. Op de langere termijn kan een wereldwijde ondervoedingscrisis leiden tot levenslange gevolgen voor het onderwijs, voeding gerelateerde chronische ziekten, en een verminderde arbeidsproductiviteit.

Dr. Saskia Osendarp, dr. Marti van Liere, en Bregje van Asperen (MSc)

De drie auteurs werken bij het Micronutrient Forum, een internationaal kennisinstituut op het gebied van ondervoeding door micronutriënten. Het Micronutrient Forum brengt experts en organisaties bij elkaar om gezamenlijk te zorgen voor snellere actie en een grotere impact. Voorbeelden van deze samenwerking platforms zijn het ‘Standing Together for Nutrition’ consortium dat de gevolgen van de COVID-19 crisis en de oorlog in Oekraïne op de voedingsstatus van vrouwen en kinderen in lage-inkomenslanden heeft geanalyseerd, alsook het ‘Healthy Mothers Healthy Babies’ consortium dat zich richt op het verbeteren van de voedingstoestand van zwangere vrouwen en hun baby’s.
Saskia Osendarp is algemeen directeur van het Micronutrient Forum. Ze heeft meer dan 25 jaar ervaring in internationaal voedings- programma en onderzoek in de publieke en private sector en is gastdocent Voeding en Gezondheid aan Wageningen University & Research in Nederland. (Saskia.Osendarp@micronutrientforum.org)
Marti van Liere is programmadirecteur bij het Micronutrient Forum en heeft meer dan 30 jaar ervaring in programma en beleidsontwikkeling op het gebied van internationale voeding en publiek-private samenwerking. (Marti.vanLiere@micronutrientforum.org)
Bregje van Asperen is junior medewerker bij het Micronutrient Forum, waar ze een specifieke bijdrage levert aan het Standing Together for Nutrition Consortium.
Saskia, Marti, en Bregje hebben alle drie een Master of Science diploma van de vakgroep Humane Voeding van Wageningen University & Research. Saskia en Marti hebben tevens een PhD gedaan bij deze vakgroep, met respectievelijk veldonderzoek in Bangladesh en Bénin. (Bregje.vanAsperen@micronutrientforum.org)


Waarom wordt er zo weinig geïnvesteerd in het waarborgen van de toegang tot gezond voedsel, en micronutriënten interventies?
Grotere investeringen in micronutriënteninterventies leveren hoge rendementen, en toch gebeurt dit te weinig. Eén van de redenen hiervoor is dat er te weinig aandacht is voor een multisectoriële benadering in voedsel- en gezondheidssystemen. Productie en bewerking in de gehele voedselketen zou gericht moeten zijn op het behouden van het gehalte aan micronutriënten in de voeding. De verrijking van basisvoedsel met vitamines en mineralen, zoals het toevoegen van ijzer en foliumzuur aan tarwemeel, of het toevoegen van de vitamines A en E aan plantaardige olie, zou op grotere schaal moeten plaatsvinden. Via natuurlijke veredeling kunnen gewassen worden geteeld die meer micronutriënten bevatten, bijvoorbeeld mais die rijker is aan vitamine A en bonen met een hoger ijzergehalte. Daarnaast moeten kwetsbare groepen via het gezondheidssysteem supplementen krijgen, vooral tijdens de ‘eerste 1000 dagen’ (de periode van conceptie tot het tweede levensjaar) wanneer de behoefte aan micronutriënten extreem hoog is.
Ten tweede zijn verschillende succesvolle interventies met micronutriënten het slachtoffer geworden van hun eigen succes. Nu het toevoegen van jodium aan zout in brood niet meer wettelijk verplicht is, steekt in sommige gebieden in Europa krop weer de kop op, wat veroorzaakt wordt door een jodiumtekort. Ook in veel lage- en middeninkomenslanden zijn in de jaren 70, 80, en 90 grote successen behaald met zoutjodering en vitamine A-supplementen met een grote afname van jodiumtekorten en krop, en vitamine A tekorten en gerelateerde nachtblindheid als gevolg. Deze successen hebben geleid tot de veronderstelling dat investeringen in deze interventies niet meer nodig zijn: de preventieparadox.

Ten slotte zijn er in veel landen onvoldoende gegevens en statistieken beschikbaar over de micronutriëntenstatus op bevolkingsniveau. Beleidsmakers in de volksgezondheid weten vaak niet wanneer en voor wie deze belangrijke voedingsinterventies moeten worden ingezet. Het gebrek aan gegevens verhindert het nauwkeurig in kaart brengen van de wereldwijde prevalentie van micronutriënten deficiënties, ondanks de enorme gevolgen voor gezondheid, ontwikkeling, en productiviteit die zij veroorzaken.
Wat moeten we doen om het tij te keren?
Het goede nieuws is dat de Verenigde Naties in 2021 actie hebben ondernomen. Tijdens de U.N. Food Systems Summit en de Nutrition for Growth-top werd het belang van goede voeding op de agenda gezet van politici, beleidsmakers, en experts die werkzaam zijn in voedsel- en gezondheidssystemen in lage- en midden-inkomenslanden. Er zijn gedurfde investeringen en toezeggingen gedaan voor duurzamer multisectorieel beleid en initiatieven om tekorten aan micronutriënten te verminderen.

‘Verborgen honger’

De oorlog in de Oekraïne heeft deze beloftes echter op scherp gezet nu regeringen op grote schaal moeten investeren om de vluchtelingencrisis, energiecrisis, en inflatie in eigen land te beteugelen. Tijdens de G7 bijeenkomst in juni dit jaar en de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in september zijn regeringen opnieuw aangemoedigd om te investeren in het bestrijden van honger en ondervoeding. Nederland heeft hierbij toegezegd om extra te investeren in het UNICEF “Child Malnutrition” fonds, wat bestemd is voor de behandeling van ondervoeding. Daarnaast zal extra geld nodig zijn om ondervoeding, en met name ‘verborgen honger’ te voorkomen.
Ondervoeding door micronutriënten mag dan verborgen honger worden genoemd, de maatregelen om deze vorm van ondervoeding te bestrijden mogen niet langer worden verborgen. We hebben het wetenschappelijke bewijs, de kosteneffectieve interventies, en de morele plicht om deze problemen op te lossen voor de meest kwetsbare groepen op deze wereld.
Het Micronutrient Forum zet zich in om samen met partners tekorten aan micronutriënten de wereld uit te helpen en een gezondere toekomst te bieden aan miljoenen mensen, met name kwetsbare vrouwen en kinderen.
Als we het nu niet samen op kunnen en willen lossen, wanneer dan wel?

Bron Literatuurlijst

1. Pallotta ML (2020). Editorial: The nutritional status of individuals as an indicator of resilience against destabilization in the COVID-19 pandemic crisis: A new era for developing sustainable and leading-edge food systems. EC Nutrition.
2. Prado EL, Dewey KG (2014). Nutrition and brain development in early life, Nutrition Reviews, 72(4): 267–284, https://doi.org/10.1111/nure.12102
3. Horton S, Steckel RH (2011). Malnutrition. Global economic losses attributable to malnutrition 1900-2000 and projections to 2050. Assessment paper, Copenhagen Consensus on Human Challenges. https://www.copenhagenconsensus.com/sites/default/files/malnutrition.pdf
4. Stevens GA, Beal T, Mbuya MNN, Luo H, Neufeld LM, et al (2022). Micronutrient deficiencies among preschool-age children and non-pregnant women of reproductive age worldwide: A pooled analysis of individual-level data from population-representative surveys. Lancet Global Health (in press).
5. Osendarp S, Akuoku JK, Black RE, et al (2021). The COVID-19 crisis will exacerbate maternal and child undernutrition and child mortality in low- and middle-income countries. Nat Food. 2021; 2(7): 476–84. https://doi.org/10.1038/s43016-021-00319-4
6. Osendarp S, Verburg G, Bhutta Z, et al (2022). Act now before Ukraine war plunges millions into malnutrition. Nature. 2022 Apr; 604(7907): 620-624. https://doi.org/10.1038/d41586-022-01076-5 PMID: 35449463.
7. Heidkamp RA, Piwoz E, Gillespie S, et al (2021). Mobilising evidence, data, and resources to achieve global maternal and child undernutrition targets and the Sustainable Development Goals: An agenda for action. Lancet. 2021 Apr; 397(10282):1400-1418. https://www.thelancet.com/journals/lancet/article/PIIS0140-6736(21)00568-7/fulltext
8. Horton S, Alderman H, Rivera JA (2008). The challenge of hunger and malnutrition. Copenhagen Consensus Challenge Paper 2008; 3-4. https://www.copenhagenconsensus.com/sites/default/files/CP_Malnutrition_and_Hunger_-_Horton

Lees ook
Column | What is in a name?

Column | What is in a name?

Het academische jaar is gestart: weer meer dan 300 nieuwe studenten in de collegebanken. Zoveel gezichten met zoveel namen die ik steeds moeilijker in mijn hoofd krijg. Soms past een gezicht niet bij een naam. Waar komt die naam vandaan? ‘Het is toch echt een Yvonne en geen Marlies’.

Prof. dr. Tessa Roseboom: Bouwstenen voor de basis

Prof. dr. Tessa Roseboom: Bouwstenen voor de basis

Door te investeren in goede voeding vanaf het prilste begin kunnen grote gezondheidsvoordelen worden behaald en zelfs levens worden gered. Prof. dr. Tessa Roseboom vertaalde deze uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek naar een praktisch boek: ‘Gelijk goed beginnen’.

Niets meer missen over voeding?

 

Abonneer
 

of

Meld je aan voor de nieuwsbrief