Effect van zuivelconsumptie op vetzuren in het bloed lastig aan te tonen

attachment-zuiveltje

Zuivel bevat hoge concentraties vetzuren die het risico op het ontwikkelen van diabetes of hart- en vaatziekten verlagen. Of het eten van zuivelproducten direct gerelateerd kan worden aan de aanwezigheid van meer van deze vetzuren in het bloed, is echter nog niet duidelijk. Onderzoekers aan het UMC Utrecht trachtten met een interventiestudie deze relatie inzichtelijk te maken.

Zuivelproducten bevatten de verzadigde vetzuren myristinezuur (14:0), pentadecylzuur (15:0) en margarinezuur (17:0). De getallen tussen de haakjes refereren naar de lengte van de koolstofketen in het vetzuur (14, 15 of 17) en het aantal onverzadigde verbindingen (0). De concentratie van genoemde vetzuren is hoger in zuivel dan in andere voedingsgroepen, zoals vlees- of graanproducten. Pentadecylzuur en margarinezuur worden in het bijzonder geproduceerd door herkauwers, zoals koeien, geiten en schapen. 

Oorzakelijkheid 

We weten echter niet zeker of er echt een oorzakelijk verband is tussen het eten van zuivelproducten en concentraties van vetten uit zuivel die in het bloed worden gemeten. Eerdere observaties die deze relatie bevestigen, kunnen namelijk verstoord zijn door andere factoren. Zo komt myristinezuur in veel verschillende voedingsmiddelen voor en zijn er ook andere bronnen voor de vetzuren pentadecylzuur en margarinezuur, zoals vis of het vlees van herkauwers. Verder zijn er aanwijzingen dat het menselijk maag-darmstelsel – net als dat van herkauwers – in staat is om pentadecylzuur en margarinezuur te maken door fermentatie van vezels in de darm en het toevoegen van extra koolstofketens. Ten slotte zijn er in het lichaam continu processen gaande die bepaalde vetzuren kunnen omzetten in andere vetzuren. 

VN8-I-Vetzuren-afbeelding 1-koe en schapen-shutterstock_1789140710 Pentadecylzuur en margarinezuur zijn vetzuren die in het bijzonder geproduceerd worden door herkauwers, zoals koeien, geiten en schapen.

Onderzoeksopzet  

Het doel van ons onderzoek was, om de invloed van zuivelconsumptie op vetzuurconcentraties in het bloed inzichtelijk te maken, in afwezigheid van eerdergenoemde verstorende factoren. Hiervoor hebben we data gebruikt van een sterk gecontroleerde interventiestudie die door de Universiteit van Wageningen is verricht. Aan deze studie deden 30 gezonde vrijwilligers mee van gemiddeld 22 jaar. De deelnemers volgden 9 dagen lang hetzelfde dieet, gevolgd door 3 verschillende interventiediëten van steeds een week. De dieetvolgorde werd willekeurig bepaald.  

Interventiediëten 

Er waren drie interventiediëten met respectievelijk veel zuivel-, graan- of vleesproducten. Het zuiveldieet bevatte relatief veel melk, melkproducten, yoghurt en kaas; het vleesdieet relatief veel varkensvlees, rundvlees en kip en het graandieet relatief veel tarwe, zemelen, rijst, mais en peulvruchten. De diëten waren vergelijkbaar qua macronutriënten. Zo kwam 10-11% van totale energie-inname in alle diëten uit verzadigd vet. 

Vetzuurmetingen  

Aan het eind van elke dieetperiode werd bloed afgenomen. We hebben de vetzuurconcentraties in plasma cholesteryl esters bepaald, omdat we weten dat we in deze weefsels al na enkele dagen een verandering in vetzuursamenstelling zien na een aanpassing in het dieet. Iedere deelnemer deed aan alle interventiediëten mee; de volgorde waarin werd door het lot bepaald. Het voordeel van dit onderzoeksontwerp was dat deelnemers "met zichzelf" vergeleken konden worden, waardoor de resultaten zo min mogelijk beïnvloed werden door verstorende factoren. Myristine-pentadecyl- en margarinezuur  dragen verhoudingsgewijs weinig bij aan de totale vetzuursamenstelling in cholesteryl esters. In deze studie was de concentratie respectievelijk 0,47g/100g, 0,15 g/100g en 0,08 g/100g. Ter vergelijking: het meest voorkomende vetzuur was linoleenzuur met een concentratie van gemiddeld 54,4g/100g. 

Beschermend effect margarinezuur 

Wij hebben geen verschil kunnen vinden in de concentraties margarinezuur in het bloed bij de verschillende diëten. Dit zou deels verklaard kunnen worden doordat de concentratie margarinezuur relatief laag is in cholesteryl esters, waardoor het in deze studie moeilijk is om een verband met specifieke voedingsgroepen aan te tonen. Eerdere  onderzoeken zijn echter ook tegenstrijdig wat betreft de relatie tussen zuivelconsumptie en concentraties van dit vetzuur. Dat zou kunnen komen doordat het lichaam meer margarinezuur aan lijkt te maken dan pentadecylzuur. Dat deze relatie lastig aan te tonen is, is erg jammer, want studies naar het verband tussen margarinezuur en pentadecylzuur in het bloed en het optreden van diabetes en hart- en vaatziekten doen vermoeden dat margarinezuur een sterker beschermend effect heeft dan pentadecylzuur. Zouden die resultaten dan ook deels bepaald worden door eigen aanmaak van margarinezuur? Daarnaar is meer onderzoek nodig. Concrete leefstijladviezen zijn op basis van deze resultaten daarom nog niet mogelijk. 

 

VN8-I-Vetzuren-afbeelding 2-zuivel-shutterstock_76708291 Het eten van zuivel lijkt een oorzakelijk verband te hebben met hogere concentraties van pentadecylzuur in het lichaam.

Pentadecylzuur  

Na consumptie van het zuiveldieet was de concentratie van myristinezuur (mediaan 0,53 g/100g) en pentadecylzuur (0,18 g/100g) hoger dan na het vleesdieet (14:0 0,40 g/100g; 15:0 0,14 g/100g) en graandieet (14:0 0,43 g/100g; 15:0 0,15 g/100g). Dit verschil bleek statistisch significant voor pentadecylzuur in de mixed model-analyse die werd verricht. Het verschil in myristinezuur was alleen statistisch significant wanneer het zuiveldieet werd vergeleken met het vleesdieet. Margarinezuur was niet verschillend in cholesteryl esters na de verschillende diëten. Correctie voor alcoholinname veranderde deze resultaten niet. Ook vonden we geen bewijs voor een effect op onze resultaten van de volgorde waarin de diëten werden gegeven. 

Betekenis van bevindingen  

Dat de concentratie van pentadecylzuur hoger is na een zuiveldieet komt niet als een verrassing. We zien dit namelijk ook terug in eerdere studies waarin grote groepen mensen werden gevolgd en in interventiestudies die minder sterk gecontroleerd waren dan de huidige studie. Dat we die resultaten hebben kunnen bevestigen, maakt het wel een stuk waarschijnlijker dat het eten van zuivel een oorzakelijk verband heeft met hogere concentraties van pentadecylzuur in het lichaam. Myristinezuur verschilde tussen het zuivel- en vleesdieet, maar niet tussen het zuivel- en het graandieet. Ook andere interventiestudies hebben laten zien dat het eten van meer zuivelproducten niet per se leidt tot hogere concentraties van myristinezuur. De vraag is hoe dit komt. Graanproducten bevatten meestal geen myristinezuur, terwijl vlees dit wel bevat. Een verklaring is hier waarschijnlijk te vinden in het feit dat het graandieet iets meer koolhydraten bevatte. Koolhydraten worden namelijk gebruikt voor aanmaak van vetten in het lichaam als efficiënte wijze om energie op te slaan. Daarbij worden vooral vetzuren met een even ketenlengte gemaakt. Het hoofdproduct van deze vetaanmaak is palmitinezuur (16:0) en dat kan weer worden omgezet naar myristinezuur. 

Vissers LET, Soedamah-Muthu SS, Van der Schouw YT, Zuithoff NPA, Geleijnse JM &Sluijs I. Consumption of a diet high in dairy leads to higher 15:0 in cholesteryl esters of healthy people when compared to diets high in meat and grain. NutritionMetabolism and Cardiovascular Diseases, 2020; 30:5 (804-809). ISSN 0939-4753. Doi: https://doi.org/10.1016/j.numecd.2020.01.006. 

Lees ook
Geen geld voor megaproject FoodSwitch Wageningen UR

Geen geld voor megaproject FoodSwitch Wageningen UR

Het FoodSwitch-voorstel van Wageningen UR zou zich gaan richten op persoonlijk uitgebalanceerde voeding, de hoogste efficiency bij het gebruik van eiwitten, circulariteit in voedselketens in combinatie met biotechnologie, kunstmatige intelligentie en robotica.

Campagne tegen zuivelverspilling

Campagne tegen zuivelverspilling

Met de publiekscampagne 'Kijk, ruik, proef en vouw' vraagt Zuivelpak aandacht voor de houdbaarheid van zuivel, in de hoop voedselverspilling tegen te gaan.

Meer zink in planten dankzij 'moleculaire schakelaar'

Meer zink in planten dankzij 'moleculaire schakelaar'

Door een plant te laten denken dat het permanent zink tekort komt, hebben onderzoekers van onder andere Wageningen University & Research (WUR) het zinkgehalte weten te verhogen.